Zuid-Afrika Swaziland Rondreis

ScubaTimo

Pagina over duiken en reizen in binnen- en buitenland

Website about scuba diving and traveling around the globe

Zuid-Afrika

Zuid-Afrika is een land dat aan de zuidpunt van Afrika ligt. Het land grenst in het noorden aan Namibië, Botswana en Zimbabwe, in het oosten aan Mozambique en Swaziland. De onafhankelijke staat Lesotho wordt in zijn geheel door Zuid-Afrika omsloten. Zuid-Afrika wordt als één van de verwantschapslanden genoemd.

Algemene gegevens

Oppervlakte: 1.219.912 km² (inclusief de Prins Edward-eilanden).

Buurlanden en grenzen: 4750 km: Botswana 1840 km, Lesotho 909 km, Mozambique 491 km, Namibië 855 km, Swaziland, 430 km, Zimbabwe 225 km.

Kustlijn: 2798 km.

Terrein: Hoogvlakte in het binnenland, langs de rand ruige heuvels en een smalle kustvlakte.

Laagste punt: zeeniveau.

Hoogste punt: Njesuthi (3408 m).

Natuurlijke rijkdommen: goud, chroom, antimoon, steenkool, ijzererts, mangaan, nikkel, fosfaten, tin, uranium, diamanten, platina, koper, vanadium, zout, aardgas.

Landgebruik: (schatting 1993)

voor landbouw geschikt: 10%; bouwland: 1%; veeteelt: 67%; bossen: 7%; overige: 15%.

Geïrrigeerd land: 12.700 km² (schatting 1993).

Natuurlijke gevaren: langdurige droogtes.

Milieuproblematiek: uitgebreide maatregelen voor het bewaren en controleren van water zijn nodig wegens het gebrek aan meren en grote rivieren; watergebruik dreigt de beschikbare hoeveelheid water te overtreffen, watervervuiling door landbouw en steden, luchtvervuiling en zure regen, erosie, woestijnvorming.

 

Flora en fauna

Winterbloem: aloë. (Foto J.Folmer 1999)Zuid-Afrika heeft met meer dan 20.000 verschillende soorten planten, zo'n 10% van alle bekende plantensoorten op Aarde, een bijzonder grote biodiversiteit. Zuid-Afrika's meest voorkomende bioom is grasland, vooral op het Hogeveld, waar de plantengroei overheerst wordt door verschillende grassen, lage struiken en doornenbomen, vooral kamelendoorn en witdoorn. De vegetatie wordt zelfs nog dunner in het noordwesten ten gevolge van de lage regenval. Er zijn verschillende succulenten die water bewaren zoals aloë's en nabomen in het erg warme en droge Namakwaland.

De gras- en doornensavanne verandert langzaam in bosveld in het noordoosten van het land, met dichtere plantengroei. Er is ook een beduidende hoeveelheid Afrikaanse baobabs in dit gebied, nabij de noordelijke punt van het Krugerpark.[6] Het Krugerpark is een van de bekendste wildparken van Zuid-Afrika en het continent. Enkele andere grote en bekende parken en reservaten in Zuid-Afrika zijn het Agulhaspark, hetAugrabiespark, het Karoopark en Natuurreservaat Mpofu.

Ook aan fauna is Zuid-Afrika rijk. De Grote Vijf is de naam voor de vijf grootste dieren die men graag voor de camera heeft: de olifant, de leeuw, de buffel, de luipaard en de neushoorn. De Grote Vijf is van oorsprong de benaming van de vijf diersoorten die het meest gevaarlijk waren om op te jagen. De benaming is dus uit de jacht afkomstig, maar wordt nog steeds met name in de toeristensector veel gebruikt als zijn de diersoorten die graag gezien worden. Deze dieren leven allemaal in Zuid-Afrika. Soms hoor je ook wel eens over De Grote Zes en De Grote Zeven. In dat geval horen de walvis en de witte haai er ook bij.

 

Swaziland

Swaziland (Kingdom of Swaziland) is een land in het zuiden van Afrika. Het wordt grotendeels ingesloten door Zuid-Afrika en grenst verder aan Mozambique. De hoofdstad is Mbabane.

 

Geschiedenis

Uit archeologische vondsten blijkt dat het gebied 100.000 jaar geleden al werd bewoond, maar de huidige Swazibevolking kwam eind 18e eeuw in het gebied wonen. Waarschijnlijk was de eerste Swazi één van de zonen van koning Shaka. Hij had zijn oudste zoon, die ook de generaals was, op een missie gestuurd om het land van vijanden te veroveren en de vijand te doden. Toen hij de vijand niet kon vinden en te moe was om verder te trekken, durfden hij en zijn leger niet terug te gaan omdat ze bang waren voor Shaka's toorn. De oudste zoon vestigde zich in Swaziland. Daarna stuurde hij zijn tweede zoon, deze belandde uiteindelijk in Mozambique. De derde zoon, die als derde ook de vijand niet kon vinden (of doden?) nam plaats in het huidige Zimbabwe. In de 19e eeuw trokken ook blanken het gebied binnen. In 1866 werd de grens met Transvaal vastgelegd, maar twee jaar later werd Swaziland door de Britten geannexeerd. Bij de Conventie van Pretoria (1881) werd de onafhankelijkheid van Swaziland erkend. Maar vier jaar later probeerden de Britten het gebied toch weer onder controle te krijgen, en in 1889 stootten ze koning Dlamini IV van de troon. Na de Boerenoorlogen werd Swaziland een Britse protectoraat, en pas op 6 september 1968 werd Swaziland echt onafhankelijk.


Dinsdag 13 oktober 2009: Vertrek uit België

We hebben maandag onze laatste dag nog gewerkt en ’s avonds iets gaan eten, dan dinsdag goed uitgeslapen. Timo niet want die was wakker vanaf een uur of vijf al. Dan duurt een dag lang en het zal een lange worden. We pakken de laatste dingen in en wachten af tot Maurits ons komt ophalen zo rond een uur of 12. Die is heel stipt en we kunnen naar Zaventem. Geen probleem op de weg ernaartoe. Dat is al een groot voordeel, goed begonnen is half gewonnen. Inchecken bij British Airways lukt heel vlotjes: we kiezen onze plaatsen op de tweede vlucht zelf en hopen dat er niemand naast ons zal komen zitten. We wandelen door de douane en handbagagecontrole en alles gaat vlot, nog bijna nooit gezien. Er zijn maar twee rijen open en we moeten echt niet lang wachten. In het geheel is het niet druk op de luchthaven, misschien heeft dat wel te maken met de dertiende.

We zijn al snel aan de gates, maar weten nog niet juist welke, dus we drinken een Leffe en eten er een boterham bij en wandelen dan wat rond. Daarna bestellen we nog een Leffe (50 cl) en zien dat we aan gate B1 moeten zijn. Da’s gemakkelijk, dan moeten we niet te ver. Eens voorbij gate B7 of B8 is er helemaal niets te beleven, echt zo kalm. Bij het boarden gaat alles vlot, iedereen is er op tijd, we gaan op tijd de lucht in. We vliegen heel duidelijk over CAT Grimbergen en de verbrande brug. Dan gaan we richting kust en steken de Noordzee over. Op een uurtje zien we al de Big Ben, Houses of Parliament, London Eye en de Tower Bridge. Je ziet het heel goed van boven, want we zijn al aan het zakken. Landen in London Heathrow ook geen probleem en dan moeten we de pijlen volgen voor “connections international flights”, geen probleem. We zijn er op tijd en moeten dan weer eens door de controle van handbagage.

Maar ook hier geen probleem, alles vlotjes. Om eerlijk te zijn zonder te zagen iets te vlot, want we zitten hier nog anderhalf uur, eer we weten welke gate we moeten hebben en dan daarnaartoe en op weg naar Johannesburg, Zuid-Afrika. Een tamelijk lange voorbereiding en we kijken er echt heel erg naar uit. We moeten naar gate B38 en daar nog een klein half uurtje wachten. Dan is het aan ons om te boarden en wat blijkt: we hebben geen extra vrije plaats, naast ons zit al iemand, dus dat wordt krapjes vannacht op het vliegtuig. Het is één van de grootste waarmee we al gevlogen hebben, maar veel meer ruimte is er dan niet. Iedereen lijkt op tijd te komen en we kunnen op tijd vertrekken.

Eerst een korte rim-ram van de gewoonlijke procedures, dan een drankje aanbieden en eigenlijk al snel daarna het vroege diner. Lekker is het niet, maar het vult wel. Na het afruimen is het tijd om een filmpje te kijken, want iedereen heeft zijn eigen klein schermpje, da’s tof, alleen werkt dat van Eef niet zo goed. Er komen constant bibberende strepen op. Eef vraagt aan de stewardes het op te lossen, maar die kan alleen resetten en dat helpt niet. Timo krijgt het uiteindelijk een beetje deftig aan de praat en kijkt met Eef naar “A Play of State”, ieder op zijn eigen scherm naturlijk. Eef probeert te slapen met een inslaappilletje van Maurits, maar dat blijkt niet echt te helpen. Timo kijkt de film af en gaat dan pitten, ook met maar niet dankzij het pilletje.


Woensdag 14 oktober 2009: Aankomst in en vertrek uit Johannesburg

Allebei in een poging om te slapen vliegen we de woensdagochtend in en gaan we verder over het hele Afrikaanse continent tot de zuidelijkse staat: Zuid-Afrika. Rond vijf uur, na een korte nachtrust voor Timo en bijna geen voor Eef brengen ze het ontbijt. Meenemen, want we hebben een rit van wel 4 uur voor de boeg, dus we kunnen wel iets gebruiken. Vooral het drinken is belangrijk, dus dat doen we zeker. We nemen genoeg vocht op en wanneer iedereen klaar is met het ontbijt is bijna direct de landing daar. Al bij al valt die elf uur vliegen nog wel mee, wel vemoeiend, maar ja. Iedereen gaat van het vliegtuig en stapt naar de douanecontrole. Hier doen ze iets in onze paspoorten en stempelen dit af. Het gaat eigenlijk heel vlotjes, want op een kleine tien minuutjes zijn we er al door.

Dan is het nog een moeilijk onderdeel: de bagage. Maar niet deze keer. We staan nog maar net aan de juiste band, Eef is nog niet terug van het toilet en onze twee rugzakken komen er al aan. Voila prachtig gedaan van British Airways, in tegenstelling wat sommige Britten ervan zeggen. We kunnen dus nog een laatste keer douane passeren, “nothing to declare” en wijle naar de rental cars. We zien Hertz al dadelijk en alles is direct in orde. Ze hadden eerst onze autosleutels niet klaar liggen, maar we hadden maar vanaf 9 uur gereserveerd, dus dat is wel wat normaal. Met de vlucht nu op tijd te komen en de bagage al snel te zijn, kunnen we al vroeg vertrekken.

We krijgen de sleutels, moeten de Chevrolet op gaan halen in de garage iets verderop bij A9 en kunnen dan alles snel nazien en vertrekken. We laden rugzakken in, nemen een kaartje van Johannesburg dat we nog net gevraagd hebben en Timo neemt het stuur langs de rechterkant en vertrekt langs de linkerkant van de baan. Oei, oei direct op zo’n drukke banen, niet te schatten. Daar hadden we wel wat schrik van, maar eens dat je weg bent, de schoonheidsfoutjes hebt weggewerkt, ben je klaar om door te rijden. In het begin is het moeilijk de bocht in te schatten en Eef vindt dat meestal niet zo leuk omdat zij aan die bochtkant zit.

Wij weg, Johannesburg uit richting Pretoria, een autostrade van twee keer 4 en daarna 3 rijvakken, echt breed. Het zou dan ook vlot gaan, indien ze er niet volle bak aan het werken zouden zijn. Heel veel stukken mag je maar 80 of 60 en we zijn wel van plan ons daaraan te houden. Naar Pretoria is het niet moeilijk, altijd volgen, maar daar wordt het iets tricky'er. We volgen Pretoria Oos en komen zo op de autostrade naar Nelspruit. We zitten correct op de A4 en rijden voorbij Silverton, Broekhorstspruit (wel klinkende namen) zo naar Middelburg. Hier is wederom een splitsing en we volgen Machadodorp. Vanaf daar begint de reis te korten. We stoppen even aan de eerste peage Diamond Toll Plaza en daar weigeren ze onze Dollars en Euros. We dachten nog even te wisselen in de luchthaven van Euros of Dollars naar Rand, maar men had ons gezegd dat die twee altijd werden ontvangen, men had dus ongelijk. Timo doet na het eerste uur al direct een overtreding, want hij gaat gewoon de autostrade over en de eerste afslag eraf. Daar is een tankstation en winkeltje waar men zo goed is 50 Euro om te wisselen in ZAR. We hebben dus nu 544 (10.88 ZAR voor 1 EUR) Rand op zak voor dingen als péage bijvoorbeeld.

Daarna verder op weg en na nog een uurtje karren is het tijd om even op adem te komen. Zo lang vliegen, slecht slapen en dan direct racen met de auto door Zuid-Afrika. Hier aanvaarden ze wel Euro en we drinken wat water en cola. Dan gaat de trip in één keer helemaal tot in Pilgrim’s Rest. Dat is in elk geval de bedoeling. Onderweg spot Timo al één heilige ibis die overvliegt en een vogel die kan bidden zoals een torenvalk, maar wit met zwart. Eens op de kleinere wegen tussen Machadodorp, Lydenburg en uiteindelijk Pilgrim’s Rest komen we wel twee drie keer een grote troep meerkatten tegen. Het lijkt ons het beste op een meerkat, maar het kan ook iets anders geweest zijn.

Om 13:15 komen we aan in Pilgrim’s Rest in het gedeelte Dowtown, hier is niet veel te zien dus rijden we door naar Uptown en daar is een infobureau, enkele restaurants en enkele eet- en drinkgelegenheden. We vragen in The Royal Hotel of er plaats is, we krijgen na wat over en weer geloop en geschreeuw toch een kamer, betalen daarvoor 1280 Rand of zoiets, kamer met ontbijt. Dat is iets duurder dan we voorzien hadden, maar we hebben geen zin meer om nog verder in de auto te stappen en nog enkele andere dorpjes te gaan bekijken. Hier zal het zijn. We parkeren de auto vlak voor de deur onder een carport, verfrissen ons snel en gaan iets drinken. Ons eerste terrasje van het verlof: twee maar Windhoek lager, een lekkere frisse pint.

Dan wandelen we nog even te voet naar downtown en terug naar Uptown, die liggen beide langs de rechterkant van de weg, komende van Lydenburg en er is nog een derde gedeelte, New Town en die ligt helemaal aan de andere kant. Downtown en Uptown worden door een kleine weg met elkaar verbonden. Daar beneden is een winkeltje, maar het merdendeel van het leven en toerisme speelt zich af in Uptown. Timo zoekt hier nog even naar een drankje, maar hierboven is geen winkeltje, ook wel straf, en het postkantoor wil geen geld wisselen, dus hij komt na een kwartier onverrichterzake terug naar de kamer. Eef slaapt ondertussen al, want die wou even rusten. Timo begint aan de eerste verslagen, want anders wordt dat een klein rampje. Straks iets eten en dan slapen als roosjes denken we. Eef slaapt een beetje en wordt mottig wakker.

Enige oplossing denken we: iets eten en dan zo vroeg mogelijk gaan slapen. Dat proberen we dus, maar Scott’s Café geeft al geen eten meer en iets voorbij het hotel zijn ze nog niet open. We zullen dus in het hotel zelf iets eten en drinken. Het is buffet, ziet er wel OK uit, maar we eten niet echt veel, want Eef heeft geen goesting en Timo wil het dan ook niet te lang trekken. Eerst klein slaatje, dan wat warm eten, groenten vooral, smaakt wel, maar we blijven niet plakken en zijn al tegen 20:00 op de kamer en gaan direct pitten.

Eerste indruk van Zuid-Afrika: weidse landschappen, veel zwart volk, goede wegen en grote afstanden. De autostrade hiernaartoe is lang en goed en als je over een bergtop rijdt, dan zie je de weg helemaal verder kaarsrecht door het landschap klieven. Vandaag zit de dag erop, morgen wordt weer een nieuw avontuur.


Donderdag 15 oktober 2009: Verkenning van de Panoramaroute

We zijn goed uitgeslapen tegen een uur of zes. Timo doet al een korte ochtendwandeling en ziet al enkele aapjes over de daken van het hotel hollen. Ze zitten achter elkaar aan en racen over het hele domein. Verder in twee dorre bomen zitten enkele ibissen lawaai te maken over het voor de rest nog stille dorp. Wanneer hij terugkomt is Eef ook al op en maken we ons klaar voor een dagje uit. Eerst ontbijtbuffet met wat groenten, fruit, kaas en een eitje. Lekkere koffie hebben ze hier wel. Na het ontbijt keren we terug naar de kamer, maken de rugzak en nemen de auto. We vertrekken richting Lydenburg terug, kopen eerst water in downtown Pilgrim’s Rest en wanneer we de grote richting Hoedspruit bereikt hebben, slagen we rechtsaf richting de start van Ohrigstad. Wanneer we daar aankomen halen we eerst geld af, gewoon met onze Belgische bankkaart en tanken dan. We hadden eigenlijk nog nergens de kans gehad om de rest van de Dollars of Euro’s te wisselen, dus doen we het zo. Voor 220 Rand wordt de tank echt vol gedaan, echt megavol wil dat zeggen.

En van hieruit rijden we verder in de richiting van Hoedspruit, morgen moeten we deze richting ook hebben. Het is eigenlijk wel een heel eind; we zitten al snel een dik uur in de auto, met het tanken er niet bij. Dat is echter snel vergeten wanneer we de pijlen zien naar de three rondavels. We rijden die richting uit en van hier is het eigenlijk van het ene “uitsig” naar het andere. We stoppen hier op de grote parking en er komt net een bus toe. We wandelen het padje af en komen bij het mooie zicht van de cañon. We zien recht voor ons de drie zogenoemde rondavels (Afrikaanse hutten) en die gaan helemaal de diepte in tot de rivier wel tot een 800 meter. Daar aan de voet stroomt een klein riviertje, straf dat die dat allemaal kan uitgesleten hebben. Helemaal in de diepte is ook een meer met een kleinere berg ernaast. Het meer met de berg en daarachter de vlakte met een groot stuwmeer is echt een schitterend zicht. De kleuren spelen hierin ook een grote rol: groen, rood, oranje, geel, alle kleuren van de regenboog komen erin terug. We genieten even van het prachtige zicht en gaan dan even verder naar het tweede punt hier langs de parking. Nu zie je het van een beetje meer naar rechts en wederom is het prachtig. Op de parking zelf hebben een hele hoop negerinnen zich opgesteld met hun koopwaar: beeldjes, kommen, pannen, handdoeken, petten, noem het maar op als een toerist het kan kopen hebben ze het hier.

Vanaf de Three Rondavels rijden we een 100 meter verder naar een ander uitzichtspunt waar ook Zuid-Afrikaanse vrouwen willen verkopen, maar het zicht is hier heel mooi, maar niet zoals we net gezien hebben. Dan is het naar de Bourcke’s Luck Potholes. We vinden het allemaal tamelijk makkelijk, want het staat allemaal gewoon aangeduid langs de weg, de R532. Hier is het betalen 55 Rand voor twee personen en voor de auto. Dat is ongeveer 5.05 Euro, niks dus eigenlijk. We parkeren de auto in de schaduw en wandelen direct naar de plaats waar het te doen is. De Potholes is een diepe smalle cañon, uitgesleten door een smalle rivier. Via enkele bruggen kan je errond en het hele domein verkennen. Hier komen twee rivieren samen, de Blyde en de Treur en door de stromingen worden de rotsen uitgesleten en vormen ronde gaten in de rotsen. De wanden zijn glad en heel diep en recht uitgesneden, wat echt een speciaal zicht is. We blijven hier even van de ruwheid en tegelijkertijd schoonheid van de natuur genieten en wandelen dan terug richting parking. Eef heeft zin in een ijsje, geen probleem, want we zijn op vakantie, dan doe je wat je wil.

Vanuit de Potholes gaat de weg verder naar God’s Window. Dat biedt ons een prachtig zicht over de gehele cañon. Boven op de berg is nog een beetje rainforest. Niet zoals we in Costa Rica gezien hebben, maar toch wel straf dat het hier is. Misschien is het allemaal wel bedrog en aangeplant. Wie zal het zeggen. Dit regenwoud is begroeid met cactussen en niet met lobelia’s en dergelijke. Het is wel tof, want hier zijn ook nog enkele uitzichtspunten over de vakte en de cañon. We rijden even terug, want we waren de R532 afgegaan naar God’s Window (staat allemaal goed aangeduid) en stoppen snel bij “Wondersig”, nog één van de parkings langs de kant van de weg. Ze liggen allemaal wel een eindje van elkaar, dus het is best een hele rit. Terug op de juiste weg nemen we richting Graskop en dan zien we de Lisbon Falls aangeduid. Dit zijn volgens de Trotter de mooiste, dus ook de enigste die we zoeken op onze weg. Hier moeten we 10 Rand betalen, dat is om ook maar iets te vragen me dunkt. Buiten de traditionele verkoopsters is er enkel de waterval, want eens die voorbij stopt de weg. Het is een waterval van 90 meter en het is best wel hoog. Mooi hoe het licht een regenboog vormt onderaan de waterval. Hier stroomt de Blyde verder het landschap door om iets verder de cañon uit te slijten.

Een prachtige natuur is het hier, overweldigend een beetje, de watervallen zijn groot, de bergen zijn groot en alles is hier wel groot, geen klein bier. We nemen de weg naar Graskop en rijden zo via een snel dalend bergwegje naar Pilgrim’s Rest, terug naar huis dus. Even stoppen bij het hotel, andere kleren aandoen en dan iets eten bij Scott’s Café. We drinken een Castle, lekker biertje en eten een cheeseburger met wat groentjes en frietjes. Het smaakt ons. Dan is het al wel 15:00 en nemen we een badje, ook wel tof als je thuis geen hebt, we hebben enkel nog een douche. Het verslag wordt geschreven en dan gaan we iets drinken. We drinken iets in de bar van het hotel. Dit is een kerk die in een bar veranderd is en we laten het ons smaken. Twee halve liters Castle draught, we socialisen even met twee inboorlingen, die ons vanalles weten te vertellen over Zuid-Afrika. Het is een serieuze begankenis, want er komen vier Amerikanen toe en twee kleine toeristen busjes. Het lijken wel de tourismo-busjes uit Costa Rica met nog een kleine aanhangwagen aan.

We zitten buiten bij de twee Zuid-Afrikanen en kunnen hun taaltje al goed volgen. We drinken nog twee halve liters en nog een klein pintje. Dan zoeken we iets om te eten, maar die van recht over de deur sluit haar deuren hoewel ze maar open waren vanaf 18:00. Nu is het half zeven, dus buiten die vier die er nu zitten zien ze het precies niet zitten om erg veel te verdienen. Dan maar het hotelfood terug. Het is opnieuw buffet, maar iets beter dan gisteren, want we voelen ons alletwee echt goed vandaag, een beetje verbrand, maar echt schitterende dingen gezien, top. We eten ons buikje vol en gaan na het avondeten naar onze kamer terug. De mensen van de georganiseerde reis krijgen eerst nog een authentieke Zuid-Afrikaanse dans te zien en zijn daarna ook weg. We slapen direct in en genieten van een welverdiende nachtrust.


Vrijdag 16 oktober 2009: Vertrek uit Pilgrim’s Rest richting Mohlabetsi

Het wordt hier al licht tegen een uur of vijf of half zes ’s morgens. We hebben gisteren de gordijnen niet dichtgedaan dus we worden door het ochtendgloren gewekt. Niet erg, want we willen toch niet te laat vertrekken uit het dorp naar onze volgende stop. We maken alles al klaar voor we gaan ontbijten en leggen alles al in de auto, ready to go. Het ontbijt is buffet, we maken een donker boke met hesp en kaas en drinken er wat koffie bij. Zelfs de tweede dag valt ons op dat de koffie echt wel lekker is. We nemen wat fruit mee, een appel en een banaan voor het geval dat we honger krijgen onderweg. Water hebben we nog voldoende, dus dat moeten we niet speciaal meer kopen. Qua benzine moet het ook nog lukken, dus uitchecken en dan kunnen we vertrekken. We hebben geen enkele rekening meer openstaan, dus we zijn gewoon direct weg. We vertrekken via de steile weg over Robber’s Pass richting Graskop. Deze weg deden we gisteren ook al maar nu in de andere richting. In Graskop zien we een bank en gaan eens kijken of die al open is of niet. Neen dus, maar we kunnen al wel terecht in de ATM. Gisteren slechts 1000,00 ZAR, vandaag 2000,00 dat is al een bedrag waar je iets mee aankan, zeker als je moet gaan tanken en dergelijke. Wisselen is er wederom niet bij.

We nemen dezelfde weg als gisteren richting God’s Window, passeren eens langs de Pinnacle en vooral Timo is wel blij dat hij het gezien heeft. We passeren dezelfde dingen als gisteren en blijven de hele tijd richting Hoedspruit volgen. We rijden over de Abel Erasmus-Pas en dan naar de J.G. Strydom-tunnel. Daar stoppen we even om het indrukwekkende landschap te bewonderen. Een verkoopster van wat prullen is een beetje opdringerig, dus we blijven hier niet te lang. Het is vooral indrukwekkend hoe hoog en hoe steil de bergen hier ineens uit het niets oprijzen tot onbegrijpelijke hoogtes. Heel de tijd zien we achter ons en rechts van ons de immens hoge bergen liggen, terwijl we zien dat het landschap echt begint te veranderen. De rotsen maken plaats voor gras en er zijn steeds meer boompjes en struiken de zien: lowveld genaamd.

In Hoedspruit is het nog een tien kilometer langs een grote weg, de R40 naar Tzaneen en dan moeten we een pijl tegenkomen naar Lodge Mohlabetsi. We zien al waarschuwingsborden dat er wilde dieren en vooral olifanten kunnen oversteken en denken een beetje van yeah right! We vinden de afslag zonder problemen en daar is er een wachter die ons vraagt een formulier in te vullen en 50 ZAR te betalen – inkom voor het park. We rijden door en de weg loopt langs een hoog hek met elektriciteit erop. We zijn nog maar net weg of zien al een koedoe en iets later twee giraffen die staan te eten van een hoge boom. Heel straf, we zijn hier nog maar net en hebben al enkele wilde dieren gezien. Er komen enkele tegenliggers en Timo was even rechts aan het rijden op deze smalle zandweg. Maar geen enkel probleem dat wordt al snel rechtgezet. We komen aan in de lodge en krijgen direct een welkomstdrankje en een stukje fruit. We krijgen ook al direct de volledige uitleg van hoe het hier allemaal aan toegaat.

We drinken iets en krijgen tegen 12:00 onze kamer de 2 vlakbij de receptie. We pakken een beetje uit, laden enkele batterijen op en beginnen al wat  te relaxen. We zijn hier al direct op ons gemak want alles ziet er veelbelovend uit. Een grote kamer met propere mooie bedden en een douche buiten. Dat wil zeker zeggen dat het hier lekker weer is altijd. Even wat rusten, de tuin doorwandelen en enkele impala’s en waterbokken zien komen drinken aan het kleine poeltje voor de lodge. We zitten hier midden in het Greater Kruger Park,  de dieren kunnen hier perfect gewoon op het groene gras iets komen halen zonder dat we er iets van door hebben. Er staat een schrikdraad rond de lodge dus olifanten kunnen al zeker niet binnenkomen.

Om 14:00 krijgen we een lichte lunch, slaatje met quiche en een beetje water en een pintje natuurlijk. Daarna liggen we wat te rusten, nemen een douche en verkennen nog wat meer van de tuin. Een wrattenzwijn komt eens kijken en neushoornvogels zijn hier constant rond aan het vliegen. Een pluspunt voor Eef is dat het hotel een zwembadje heeft, maar dat zal voor morgen zijn. Om iets voor vieren maken we ons klaar voor de game drive, eens benieuwd wat dat zal geven. We vertrekken met drie jeeps, wij rijden mee met Hamilton. We zijn nog maar een paar meter ver en hij stopt al, want hij heeft een krokodil gespot. We stappen uit, maar een bende parelhoenen verstoren de rust en de krokodil is ook weg. Die parelhoenen komen we verder nog tegen. Terug door naar onze eerste echte sighting. Na 5 minuten stoppen we al voor onze eerste wilde neushoorn. Echt een prachtig beest zo in de wildernis. Je kan die eigenlijk tamelijk dicht naderen, we zijn er bij tot op ongeveer een meter of tien. Dan gaat het verder naar een nijlpaard in een poeltje, maar we zien enkel de neus en oren boven water steken.

Verder met de jeep en we zien impala’s (30), waterbokken, de kleine steenbokken, een arendsuil, een echte arend en ook een koppeltje bijeneters. Langs de weg zien we op enkele plaatsen een klein groepje giraffen, echt bangelijk zo’n grote beesten er is zelfs een kleintje bij. Zo rijden we stilletjes door het lowveld. Dan ineens wordt Hamilton gewaarschuwd door een geluid uit de verte beneden. Hij denkt aan olifanten, maar wordt afgeleid door twee cheeta’s die hier rustig hun middagdutje liggen te doen. Dik OK. Ze zijn zelfs zo relaxed dat één van hen zich rustig gaat neerleggen en van de zon gaat genieten. Wij worden constant opgeschrikt door lawaai verder beneden en zien dan een kudde olifanten. Het zijn er wel 20, met kleintjes en al. We rijden achteruit de weg af richting olifanten, de rangers weten wel wat ze doen, hopen we. Hier blijven we net zoals bij de jachtluipaarden een dikke tien minuten en dan rijden we verder. Langs de rivier zien we enkele gnoes grazen en een jakhals die zich snel uit de voeten maakt bij het zien van de jeep.

Dan wordt er op de radio gemeld dat er een hele troep leeuwen op de loop is, wel 17 of 18. Wij dus in volle vaart ernaartoe en we zijn net op tijd om een grote mannetjesleeuw, enkele vrouwtjes en een boel minderjarigen te zien. Een stokoud mannetje sluit de rij en we hebben toch een leeuw of tien gezien.  Dan is het verder rustig door het park en we komen ineens een kudde buffels tegen, dus op korte tijd komen we hier de big 4 tegen, een jachtluipaard telt niet mee. Dan is het tijd om van de zonsondergang te genieten, maar de zon is al onder wanneer onze gids Hamilton stopt. We drinken iets, pintjes en water en rijden dan verder met de lichten aan en de spot op. De gids rijdt, licht bij, schakelt, maar heeft dan wat moeite de radio op te nemen.

Ineens stopt hij en heeft een gnoe gezien die  tussen de bushes ligt in het donker. Dan rijden we stilletjes verder richting lodge, maar maken nog een korte detour voor een hyena. Dat is ook wel een straf beest. En terwijl we naar de hyena aan het kijken zijn, komt er een vallende ster aan vallen. Niet een kleintje, maar een van één,... twee, ... drie, ... vier, wel vijf seconden en heel verlicht van helemaal rechts in ons gezichtsveld tot helemaal de andere kant. Als je nu naar boven kijkt zie je enkel sterren, schitterend, zo zonder lichtpollutie. Dan is het in één ruk terug naar de lodge, snel effe douchen, pintje aperitieven met de hele groep van vandaag en dan gaan eten.

Rond een kampvuur hebben ze allemaal tafeltjes gezet en we eten iets gemaakt op het houtvuur. Eerst soep, een flesje wijn besteld, Zevenwacht, denken we. Daarna als hoofdgerecht varkensreepjes met champignons en spirelli. Erbij krijgen we bonen en  maïs, die echt wel lekker is. Als nagerecht krijgen we een tiramisu en we drinken ons water en onze wijn op. Het heeft ons gesmaakt, we socializen nog een tijdje met de Schot naast ons, maar dan is het bedtijd: we houden het al vol tot 22:00. Eigenlijk laat want morgen komen ze ons wekken om 05:15. Dat zal even pijn doen, maar wie weet wat we allemaal weer gaan zien morgen. Tot nu toe: Mohlabetsi rules zenne!


Zaterdag 17 oktober 2009: Mohlabetsi Lodge en safari’s

We worden heel vroeg gewekt, om 05:15 wordt al op onze deur geklopt, naar het schijnt ideaal om zo vroeg een game ride te gaan doen. Eerst een kopje koffie en een hard koekje en wanneer iedereen er is zijn we klaar om in de jeeps te springen. We zijn nu maar met twee grote jeeps en het is iets krapper dan gisteren, want we zitten met z’n drieën naast elkaar. Op zich is dat niet erg, maar het is toch makkelijker met maar twee op een rij. We vertrekken en zien al direct een hele hoop guineafowl (parelhoenen). Die zitten hier in volle getale en komen constant aan het water bij de lodge drinken en wat zot doen. Onze eerste sighting is een ooievaar: wit en zwart vederkleed met een rode, zwarte en gele bek. Twee ganzen of zijn het eenden waggelen ook langs het water. In het poeltje zit nog steeds de hippo van gisteren, maar laat zich opnieuw maar half zien.

De rangers wijzen ons op sporen van leeuwen en zijn echt desperate om ze te spotten vandaag. In plaats daarvan zien we eerst een koedoe, of beter drie en dan zien we terug de twee cheeta-broers van gisteren. We volgen ze een hele tijd, tussen de struiken en over de greppels en dergelijke, echt een wilde rit. We moeten ons regelmatig bukken voor takken en de driver moet ook af en toe terug omdat we er niet meer door kunnen. Voor de rest rijden die kerels over en door elke soort struikgewas. We zien de cheeta’s hun geuren afzetten op de bomen om iedereen te laten weten dat ze er zijn en dat dit hun territorium is. Onder een kleine struik vinden ze het tof om wat te gaan liggen, hun ogen en poten schoon te maken en wij kunnen ze dan perfect gadeslaan vanuit de jeep. Schitterende beesten gewoon, niet te schatten. Al twee dagen na elkaar de jachtluipaarden gespot, dit hadden we nooit durven hopen. De andere jeep wordt opgeroepen en na een tien minuten komen die er ook aan. Aan de andere kant van de kreek staan een groepje impala’s met ossepikkers op hun rug. Deze vogels met bruin vederkleed en rode bek rijden mee op verschillende dieren om teken en insekten weg te nemen (giraffen, impala’s en dergelijke).

We stoppen even aan een nest van een Wahlberg’s Eagle, het mannetje blijft bij het nest zitten en het vrouwtje vliegt weg. Een heel knappe vogel en je kan die van heel dichtbij naderen in de jeep. Dan verder en ineens stopt de jeep voor een neushoorn. Die is ook bezig een geurspoor aan het sproeien, ook om de rest te laten weten dat hij hier is. We blijven ook hier even staan, voor- en achterwaarts om de neushoorn het beste te zien naast de struiken. Onze twee rangers zijn nog steeds op zoek naar de troep leeuwen, maar kunnen ze niet vinden. Ze moeten hier ergens in de buurt zitten, maar ze laten zich niet zien. We zijn ondertussen al twee uur onderweg; het is nu iets na achten en we nemen even pauze om iets te drinken en onze benen te strekken. Dat wordt wel tijd, want het is niet makkelijk de hele tijd stil in de jeep te zitten. Eef neemt even de taak over van de rangers, ook al hebben we een pauze, je weet maar nooit.

Één van de rangers blijft bij ons, de andere gaat te voet en ongewapend op zoek naar de leeuwen, maf niet?. Niet te vinden. We racen zelfs nog een klein half uurtje rond op zoek naar de troep, maar geen geluk. We komen ineens voorbij een kerkje (?) aan een waterplas en aan een kiosk met zicht over de vlakte. We vragen ons af wat dit hier staat te doen. Dit is echt een vlakte zonder veel bomen, maar niks te vinden. We pikken de andere ranger op en zetten koers naar huis. Onderweg zien we nog drie giraffen, een groepje impala’s, twee koedoe’s en drie zebra’s. Die hadden we gisteren nog niet, maar vandaag wel, toppie. We zijn al snel terug in het kamp en hebben ons ontbijt, toast met kaas, sla en tomaat en Timo heeft een eitje. Dit allemaal met wat koffie en we laten het ons smaken.

We leggen ons in de ligzetels met zicht op de broesse in de hoop enkele wilde dieren te spotten. Patrijzen zijn de enigen die we zien en die komen dan echt nog tot op het gras van de lodge. We blijven hier een tijdje zitten en dan komen er nog wat meer dieren af op het water en het gras, een wrattenzwijn, een giraf die komt drinken op een grappige manier, enkele impala’s en nog enkele koedoe’s ook. We eten even een beetje, niet echt veel, dus een lichte maaltijd. Na de middag is het nog enkele uren wachten tot we kunnen vertrekken op onze volgende safari. Wie weet wat het allemaal vandaag nog zal geven. We douchen ons even, want er is hier veel stof in de lucht en tegen half vier drinken we nog een pintje en gaan dan op game drive. We vertrekken terug met Hamilton en die heeft nu een speurder mee, Lucky. Hopelijk maakt hij zijn naam waar vandaag.

Lap en wijle weg. Langs de poel lopen enkele waterbokken en via dezelfde weg als gisteren en deze ochtend rijden we het park in. We passeren even langs een andere poel waar de hippo inzit en die komt een beetje meer boven water dan gisteren. De ganzen zitten er opnieuw en ook een steltloper. Dan verder komen we enkele koedoe’s tegen en een hele hoop buffels, het zijn er naar het schijnt wel 30. De zon begint al laag te staan, maar toch is er nog heel wat beweging. Een jakhals kruist ons pad en net kunnen we die niet scherp fotograferen. Die zijn iets te schichtig om dit te doen, tenzij je heel veel geduld hebt. Ineens wordt Hamilton opgeroepen via de radio dat er ergens twee leeuwen zitten. Hij start de race met de Landrover en het duurt bijna een kwartier eer we daar zijn. Dan is het heel moeilijk te spotten waar de leeuw zit met zijn leeuwin, want ze zijn erg verscholen tussen de vegetatie. Als je goed kijkt zie je ze wel, we blijven hier even staan en gaan dan onze stop doen om iets te drinken. Net daarvoor krijgt hij wederom een oproep om te zeggen dat ze ‘in the open‘ zijn. Wij opnieuw race ernaartoe.

Deze keer zie je leeuw en leeuwin rustig zitten vlakbij elkaar, een tof tafereel. We kijken de ogen uit ons hoofd voor wel tien minuten en gaan dan onze echte stop doen. We drinken allemaal iets, wij twee pintjes en babbelen een beetje over wat we gezien hebben en hoe we Zuid-Afrika vinden met de anderen. Top dus. Door het park rijdt ineens een trein met volle snelheid en veel lawaai. Dat was heel onverwacht, een trein door een natuurprak. Nu zullen de dieren wel weg zijn. We vertrekken terug na een klein half uurtje en passeren opnieuw langs de leeuwen in het donker, die zijn er nog. Er is nu nog een vrouwelijke leeuw in de buurt bijgekomen, maar de mannetjes leeuw stelt ons gezelschap duidelijk niet op prijs. Hij blijft wel liggen, maar laat een keer of drie een lange zware diepe ‘grawl’ horen. De spanning stijgt toch een beetje in de jeep. Niks aan de hand, gewoon blijven zitten.

Dan gaat de weg terug richting kamp, we komen nog enkele waterbokken tegen in het donker en horen enkele uilen uit de bomen vertrekken. De tracker Lucky zit op de stoel vooraan en licht constant om te zien of er het een en ander te bespeuren valt. Niet echt veel meer. Tot we een familie hyena’s spotten. Er zijn er wel vijf en we rijden de bushes in, over dode takken, dode stammen van bomen en over struiken met doornige takken. We moeten zelfs enkele keren serieus bukken omdat de takken te dicht bij ons zouden komen anders. Wow, dit is echt off road. We spotten de hyena’s en roepen een andere jeep erbij. Wanneer die door dezelfde bushes naderen zien we heel duidelijk de contouren van de hyena’s in het licht van de aankomende jeep. We kunnen niet echt foto’s nemen, want het is al wat te donker, maar ja dat is bijzaak. De twee jeeps hebben even serieus last om uit de brousse uit te rijden, want bomen, struiken dikke takken versperren de weg naar het baantje. Uiteindelijk met stunt en vliegwerk lukt het Hamilton en Lucky ons eruit te loodsen.

Dan gaat het rechtstreeks naar de lodge en we douchen ons, drinken een apero (gin-tonic en bacardi-cola) en dan gaan we eten. Eerst een warme tomaat met spinazie op een broodje. Dan lamsvlees met veel op het kampvuur gewokte groenten en wat rijst. We drinken er een fles Goede Hoop bij en genieten ten volle van het eten en het drinken. Het is al half tien wanneer we naar onze bungalow 2 terugkeren, we lezen nog wat bekijken de foto’s en schrijven het resterende stuk van het dagboek. Weer een leuke dag in Greater Kruger National Park. Op naar onze volgende sightings.


Zondag 18 oktober 2009: Safari in Mohlabetsi Lodge

Timo is al vroeg wakker en hoort de jeeps langskomen en hij hoort ook al iemand op de deur kloppen om ons te wekken om 05:15. We drinken een kopje koffie en zijn al snel klaar om wederom op een ochtendsafari te vertrekken. We zijn er klaar voor: happy wildlife hunting en een hakuna matata en we zijn weg. Opnieuw met dezelfde rangers: Hamilton en Lucky. Ze hebben de auto geparkeerd aan een trapje zodat we makkelijk de jeep in kunnen stappen en we zijn  als eerste weg. Net aan de rand van de lodge zien we drie wrattenzwijntjes lopen en van hieruit vertrekken we naar een poeltje. Daar zien we veel guineafowl en twee ooievaars, dezelfde als gisteren. Het is serieus bewolkt en het is dus heel moeilijk goed in te zoemen met de camera. Niet echt scherpe foto’s. Verder zien we enkele koedoe’s, drie giraffen en dan volgen we enkele minuten twee neushoorns. We zien alles van een beetje hoger nu, want we zijn helemaal achteraan in de jeep gaan zitten. Wel wat bumpier als we rap rijden, maar da’s tof. De neushoorns zijn echt schitterend.

Eef ziet een vogel overvliegen met veel verschillende kleuren en Timo vraagt Hamilton om even te stoppen. Hij zit een eindje weg, maar je ziet echt goed het blauw, het groen en het oranje, ook de lange staart is wel knap, een lilacbreasted roller. Dan begint het een paar minuten wat te druppelen, maar echt nat worden we er niet van. De rangers zijn niet alleen gidsen, ze maken soms ook de weg vrij van bomen en takken. Wanneer olifanten ergens gepasseerd zijn, kunnen die nogal aan ravage aanrichten. Takken afgebroken, bomen omvergeworpen, precies zoals we gisteren door de brousse reden met de Landrover. We zien enkele skeletten, één van een giraf en de ander van een koedoe. Enkele impala’s komen we ook altijd tegen en nu ook een steenbokje. Tussen de struiken zien we ook enkele waterbokken, maar die komen we elke keer al wel tegen.

Dan hebben ze een troep leeuwen gespot. We moeten even op hen wachten, want ze zijn op weg naar onze positie vanuit het noorden. Geen idee hoe die rangers weten bij zo’n bewolkt weer waar het noorden is en de andere windrichtingen. Die hebben denken we een natuurlijk ingebouwd kompas. Na een koffie-pauze wachten we nog even op de leeuwen en we zien twee mannetjes, een vrouwtje of drie en een hele hoop (wel 6) onvolwassen exemplaren. Vooral de mannetjesleeuw is best imposant. We laten ze voor wat ze zijn na ongeveer een kwartier foto’s maken en keren dan stilaan terug richting lodge. We zien een kleine loopvogel, de korhaan en ook een rare vogel die heel hoog vliegt en dan als een kamikaze naar beneden valt, de naam kennen we niet meer, maar blijkt later dezelfde lilacbreasted roller te zijn.

Boven ons cirkelt een gier en toch is het het moment om uit te stappen en de laatste afstand te voet af te leggen. Hamilton neemt zijn geweer mee en vertelt ons onderweg over bomen en planten. Er is er één bij waar je bier van kan maken, de amarula, dan de andere is giftig en hij demonstreert bij een derde hoe je er een koord van kan vlechten, van de bast tenminste. Ook over olifantendrek en over termietenheuvels krijgen we wat meer uitleg. We komen uit bij het poeltje vlakbij de lodge en nu cirkelt een arend boven ons. De krokodil is niet te zien, wel een koppel ‘plovers’ en enkele masked weavers. Geel met zwart en een beetje rood, echt mooie vogels. We geraken veilig aan de lodge en kunnen iets eten. Ondertussen hebben we al wat honger, de fruitsla, de warme tomaat en spek smaakt en we drinken koffie en fruitsap. Na het ontbijt rusten we wat aan het zwembad. Eef zwemt, Timo slaapt een baantje, we lezen wat en schrijven het verslag en dan hebben we het gehad en gaan aan de andere kant van de lodge liggen met zicht op het poeltje.

We zien twee giraffen hier komen drinken, een jakhals snel langskomen en terug weg. Een wrattenzwijn komt wederom op het gras van de lodge eten en wij eten terwijl een soort pitta (koud) met sla en drinken er een pintje bij. Na de lunch gaan we even wat rusten, maar concluderen dan dat we morgenvroeg niet veel tijd mogen verliezen, dus we maken onze rugzakken al klaar. Op een klein half uurtje is dat in orde en we gaan al naar de bar om daar te wachten tot we vertrekken op safari. Hamilton is er niet bij en we vertrekken met Ian en Rogers. We doen het kalmpjesaan deze keer en krijgen veel uitleg. Timo ziet de kop van een groene slang, Eef had deze morgen ook zo één gezien. Enkele giraffen passeren we ook en een hele zwerm impala’s, en dat wel meerdere keren. In de verte spot Ian een duo neushoorns, helemaal de andere kant van de vlakte. Een Wahlberg’s eagle passeert ook de revue en een hawk eagle ook. Enkele koedoe’s komen we elke keer wel tegen, dus ook deze avond. Dan worden we geseind dat er ergens in de buurt olifanten zijn, dezelfde troep als die we eerder zagen. We moeten echter tot de droge rivierbedding en daar afwachten tot ze langskomen.

Tijdens deze wachtpauze zien we niet zo veel, alleen kan Timo nu een mooie foto nemen van de bijeneter, toppie. Nu geen tijd verliezen want de olifanten zijn op weg. We zien in de rivierbedding één enkele olifant en dan nog één en dan aan de andere kant van de weg tussen de struiken nog één, in totaal zijn ze met 17 of zelfs meer. We volgen ze de hele tijd tot ze een drinkplaats bereiken die nu al uitgedroogd is, dus ze moeten ergens anders naartoe. Wij blijven in hun spoor, ook al is de matriarch er niet zo blij mee. Ze stappen op hun gemak door de bedding verder naar de andere kant en Ian hoopt ze verderop nog tegen te komen. We komen enkel een moeder met kalf tegen en nog een jong vrouwtje. Zij zoeken hier naar water en vinden dat ook. Ze graven een put in de droge rivierbedding zo een dikke meter diep en kunnen dan drinken en wat modder over zich gooien. Ook het kleintje drinkt en uiteindelijk het andere vrouwtje ook.

Het is ondertussen al bijna donker aan het worden, want we hebben bijna een uur bij de olifanten gespendeerd. Dus we rijden wat verder en drinken daar iets en strekken onze benen. We praten wat met Ian en de anderen en na een half uur zetten we terug koers naar de lodge. We komen een nyala tegen wat wel zeldzaam is, een genetkat, terug enkele meutes impala’s. We hebben terug in de lodge eigenlijk niet veel tijd om ons op te frissen, want het eten wordt al snel geserveerd. Dan doen we dat morgen wel. We eten eerst courgette a la milanaise en dan kip met kool en een champignonsaus. Lekker met een flesje wijn erbij. We bekijken alle foto’s en filmpjes nog eens op de laptop en dan kunnen we gaan slapen.


Maandag 19 oktober 2009: Verplaatsing van Hoedspruit naar Swaziland

Het is ondertussen al een traditie; Ian komt ons wekken voor de ochtendsafari, eigenlijk nog bijna nachtsafari. Het is wederom 05:15 en het is net licht aan het worden. Timo was al aan kwartier wakker en wacht even op Eef en samen drinken we al een kopje koffie aan de bar met dezelfde harde koekjes als de dagen voordien. We hebben vandaag de keuze tussen een gewone korte game ride en game walk of een lange game ride. Wij kiezen met de Zwitserse Vivian en een Duitser voor de ride en walk. We vertrekken met Ian en Rogers: Ian rijdt en Rogers spot de dieren, tenminste dat is de bedoeling. Op iets voor zes zijn we weg en direct buiten het terrein zien we drie zebra’s, een koedoe en een giraf, dat allemaal dicht bij elkaar. We stoppen iets verder om te kijken dat er leeuwen gepasseerd zijn. Ian toont ons de sporen en vertelt er vanalles bij. Hij zegt dat twee vrouwtjes deze nacht op stap waren tijdens de korte regenbui. Het heeft inderdaad geregend en het weer is nog steeds niet gekeerd: heel dicht bewolkt en eigenlijk best een beetje fris deze ochtend.

Rogers wandelt door de bushes en roept ons om naar zijn positie te komen, met de jeep natuurlijk. De twee leeuwinnen zijn nu gespot met twee cubs (kleintjes), schitterend gewoon. We zien in een greppel de ‘kill’ van de leeuwen deze nacht, een gnoe heeft het niet overleefd. De twee kleintjes zijn echt mega-schattig, we volgen ze ongeveer tien minuten en zien hoe de kleintje naar de leeuwin komen met een kei-schattig grolletje. Echt een magisch moment, niet te doen. Een jakhals loopt hier ook rond, maar omdat het nog wat donker is onder de grijze wolken, is het niet te doen om die deftig op foto te hebben. Ook de Duitser met een 400 mm lens krijgt die niet gefixeerd. We blijven de leeuwen niet langer volgen en gaan dan starten aan de game walk. We worden afgezet aan een poeltje vol met guineafowl en sporen van olifanten. We wandelen in totaal anderhalf uur naar de lodge. Onderweg krijgen we uitleg van Ian over stekels van struiken, over ‘droppings’ van verschillende soorten dieren en ook nog vanalles anders. We proberen dicht te komen bij een giraf, maar hij vindt van niet. We komen een zebra tegen, een koedoe en nog een tweede giraf. Die zit in de poel waar we die eerder al gezien hebben en waar nu de andere groep koffie aan het drinken is.

Van daar stappen we naar nog een tweede ‘kill’ die de leeuwinnen gedaan hebben vandaag, wederom een gnoe. Hier kunnen we makkelijk naderen, geen grote roofdieren die hier aanwezig zijn. Het is een beetje erg, want de leeuwen hebben enkele de achterste billen van de gnoe opgegeten. Ian toont welke droppings van welk dier zijn: op de foto van boven naar beneden: steenbok, impala, gnoe, zebra en giraf. Die van de giraf zijn relatief klein voor zo’n groot dier. In de lodge leggen we alles in de auto, betalen slechts een dikke 400 Rand en nemen ons laatste ontbijt. We nemen afscheid tegen iedereen en wensen ze nog een goed verlof.

Dan is het tijd om te vertrekken, het is nog maar half tien en hebben een klein half uurtje om de hoofdweg te bereiken. We volgen de hele tijd opnieuw het hoge hek tot aan de guardhouse en daar kiezen we richting Hoedspruit. Onderweg zagen we nog wel 5 giraffen vlakbij elkaar en twee storcks, die met de mooie snavels. In Hoedspruit gaat het helemaal de R40 naar het zuiden, over Hazyview, naar Witrivier en Nelspruit. In Nelspruit tanken we en kiezen voor Barbeton en de grensovergang met Swaziland van Josefsdal. Het klinkt al wat alsof het in de Alpen ligt en volgens het landschap zou je ook perfect kunnen zeggen dat het zo is. Vanuit Barbeton stijgt het niet normaal en we komen in hele grote naaldwouden, hier wordt veel hout verwerkt. Op de stukken waar geen bossen staan, groeit mooi groen gras, echt zoals een alpenweide zou moeten zijn. Als klap op de vuurpijl grazen hier nog koeien ook. Het zijn hier echt de Zwitserse of Oostenrijkse Alpen. Het wordt nog beter wanneer we de grensovergang met Swaziland naderen, het verkeer wordt steeds minder en minder, de weg is nog goed, maar we zijn zo hoog dat we de ruitenwissers moeten aanzetten omdat we in de wolken rijden.

Dan na 43 kilometer van Barbeton komen we eindelijk na een uur aan bij de grenspost. We kunnen zonder problemen over de grens, krijgen een stempel en rijden door naar de volgende controle. Deze was exit Zuid-Afrika en de volgende is entry Swaziland. Hier is ook alles OK en krijgen weer een stempel en betalen 50 Rand voor de auto. Voila we zijn in de Alpen, maar dan 11.000 kilometer van huis en geen 1.000. We nemen de weg naar het eerste dorpje in Swaziland, Bulumbu en vandaar naar Piggs Peak. Ineens is de weg weg en dat was hetgeen we zeker konden missen vandaag. Piggs Peak is nog 30 kilometer en op zandwegen op en neer in de bergen zonder vier maal vier kan het nog straf worden. En inderdaad, het duurt een hele tijd eer we in Piggs Peak aankomen. We waren op 4 uur aan de grenspost geraakt en dan duurt het nog echt heel lang eer we in Piggs Peak en Forbes Reef aankomen. We wilden eigenlijk al een heel einde vorderen in Swaziland, maar dat zal niet echt lukken. We moeten ons beperken tot aan Mbabane, de hoofdstad. Om iets voor vier komen we aan in Mbabane en zoeken iets om te overnachten, we zien dan wel wat er morgen gaat gebeuren. We vinden Veki’s Guest House op een grote zijstraat vlakbij het centrum, afslag 11. Normaal brengt 11 geluk voor ons en zeker voor Eef. Het kost 340 voor twee personen, is pretty basic, maar alles is proper en we hebben zelfs een TV. We weten niet of we wel iets gaan verstaan.

We vragen waar we iets kunnen eten en gaan naar de Mall. Timo voelt zich precies niet echt op zijn gemak. Het is natuurlijk ook een megashock, want deze morgen zagen we nog leeuwen met cubs en nu zitten we in een drukke stad. We eten snel een fastfoodje bij Steers/Debonairs, gewoon aangename fastfood zonder meer. We blijven niet te lang, want de auto staat verkeerd geparkeerd en dat is iets wat we niet willen, terugkomen en zien dat er geen auto meer is wegens weggesleept of beschadigd of zo. We keren terug, parkeren de auto en gaan een pintje kopen in de supermarkt. Geen enkel drankje met alcohol, dus we moeten iets verder naar de liquor store. Daar kopen we zes Castles en nemen die mee naar ons guesthouse. Daar bekijken we even wat we het beste kunnen doen morgen om overmorgen op tijd in Rocktail Bay aan te komen. We kijken ook naar de foto’s en de filmpjes en schrijven het dagboek.

We zijn eigenlijk stikkapot, want we zijn al op van vijf uur en we hebben toch wel zes uur in de auto gezeten. Dat begint al te tellen. Zo rond acht - half negen gaan we dan ook slapen en zien wel wanneer we morgen wakker worden. Waarschijnlijk niet al te laat, want de gordijnen houden niet veel licht buiten en we liggen bij een drukke straat. We’ll see.


Dinsdag 20 oktober 2009: Verplaatsing naar Nsoko Swaziland

We worden in de guesthouse gewekt door lawaai van de buren. Ze zijn al volop op en bezig met vanalles en ze doen dit niet in stilte, echt met veel lawaai. Het is dan ook slechts 05:30 wanneer we opstaan en ons een beetje klaarmaken. We poetsen vooral onze tanden en wassen ons een beetje. We willen weg uit de drukke stad en terug ergens een beetje rustiger zitten. We hopen dit een paar uurtjes rijden verder te vinden bij Nisela in het stadje Nsoko. Normaal moet dit maar twee uur van Mbabane zijn, maar hier weet je nooit. We zijn uiteindelijk weg tegen half zeven, betaald en al (350 ZAR) zonder ontbijt wel voor ons tweeën. We rijden de MR8 af naar Manzini, dit is een autostrade met vier rijvakken, twee in elke richting en daar geraken we op een half uur, dik OK. Dan is het verder richting Big Bend en zo verder in de richting van de grens terug met Zuid-Afrika.

In Siphofaneni stoppen we even want we hebben nog steeds geen ontbijt gehad. We vragen koffie zonder suiker en met melk. Dat is iets dat ze precies nog nooit gehoord hebben: koffie zonder suiker. De vrouw van de keuken vraagt het wel drie keer en dan nog eens of we wel zeker zijn. Ja dus. We krijgen de koffie in een bekertje met vershoudfolie rond en die is ongelooflijk heet, water heeft waarschijnlijk gekookt, maar dat is juist goed. Aan de overkant van de weg is het markt en we kijken eens rond. Na een half uurtje pauze vertrekken we verder naar Nsoko. We waren onderweg al een hele hoop kinderen tegengekomen die zich te voet langs de autosnelweg naar school begeven. Het zou bij ons niet waar zijn.

Om 09:00 komen we al aan in Nisela private game reserve, we vragen of er nog plaats is en in de guesthouse hebben ze nog kamer 11 voor ons. We moeten nog 5 uur wachten want we kunnen pas inchecken om 14:00. Het is niet te doen om gewoon ergens te gaan hangen en te wachten, neen we gaan een game walk doen. Eerst passeren langs een kolonie masked weavers en dan het park in. We komen enkele giraffen tegen: op een bepaald moment staan er 11 bij elkaar. We zien ook veel wrattenzwijnen de kleine wegjes oversteken en we spotten denken we een nyala. Ian van Mohlabetsi had gezegd dat die zeldzaam waren, dus we verheugen ons. Zebra’s zitten hier ook, gnoes en struisvogels lopen weg van ons, impala’s vind je hier natuurlijk ook en we stappen maar wat rond. We hebben geen bang dat we verloren lopen, want we zien de bergen recht voor ons. Wanneer we terugkeren zorgen we dat we loodrecht met de bergen in onze rug wandelen.

Terug aan de receptie zeggen ze dat we al in onze kamer kunnen. De guesthouse is 5 kilometer verder de weg af en daar moeten we het zien. Geen probleem: wij weg en zetten alles binnen. We zetten een potje koffie, drinken die in de tuin op en genieten van de rust. Het gonst hier van de vogels, dus heel tof om hier rond te hangen. Het is ondertussen al bijna middag en hebben een beetje honger, dus bestellen iets om te eten: een slaatje met pikante kip, als je er tabasco opdoet en een broodje tonijn met en beetje sla en frietjes. We drinken er Castle bij en voelen het al goed. We zitten op het terras met zicht op een poel waar zich een krokodil bevindt van 4.5 meter en genieten van elk moment. De bergen zijn schitterend in de verte: die vormden eerder de grens met Mozambique en hier al met Zuid-Afrika. Eigenlijk zouden we hier gewoon moeten kunnen doorsteken, dan komen we aan waar we moeten zijn, maar dat gaat niet.

We krijgen een klopke en gaan een uurtje liggen, we zijn zo moe dat we direct voor anderhalf uur in slaap vallen, maar geen probleem, we zijn op vakantie hé. Tegen iets voor drie rijden we terug naar de receptie van het hoofdgebouw en gaan op game drive. Die hadden we eerder vastgelegd. We vertrekken met een dikke dame achter het stuur, een luie (bijna in slaap vallende) gids naast ons naar beneden de paadjes af van het park. In het kort wat we zien: zebra, gnoe, waterbok, koedoe, impala, giraf, steenbok, reebok (maar geen zoals in België, veel groter). Opvallend zijn de nyala’s, die zijn echt schitterend en zeker de mannetjes hebben een mooie tekening op het gezicht. Veel wrattenzwijnen rennen door het middelhoge gras en tussen de groene begroeiing. Ten opzichte van Kruger is dit echt een groene oase. Struisvogels lopen hier ook rond en één zit op een nest van 54 eieren. Een korhaan loopt weg van ons wanneer we rustig er voorbij rijden. Onze gids is niet veel van zegs, maar wijst ons toch de belangrijkste dieren aan.

Op het einde ziet Timo ineens een sekretarisvogel, een schitterend zicht, hij was wel te laat om een foto te nemen, maar de vogel gewoon zien is al magisch. Een grote grijze vogel met lange gele poten, een grijze kuif en rood met gele bek. We wisten zelfs niet dat die hier voorkomt. Na de game drive  drinken we een Castle aan de bar, en nog een, maar dan wordt het koud, want de zon gaat onder en de wind steekt op. We bestellen een pikante pizza en kippenborst met sla en genieten van ons avondeten aan een hoge tafel op een krukje, tof om zo in de bar te eten. Het smaakt ons, we tekenen de rekening af om morgen te betalen, nemen nog een Windhoek Lager mee en rijden in de donkerte naar huis. De normale ingang is al vast, maar de poort langs de farm is nog open. De nacht is donker en de maan wordt langs onder beschenen voor het eerste kwartier. Boven in de zwarte nacht blinken miljoenen sterren, zaken die we in Belgie niet zien door de lichtvervuiling. Tegen 20:30 gaan we slapen. We zullen die rust kunnen gebruiken, want morgen is het weer een aantal uurtjes karren, dan naar Rocktail Bay.


Woensdag 21 oktober 2009: Weg uit Swaziland en vertrek richting Rocktail Beach Camp

Timo is al wakker om half vijf want ze hebben hier twee keer na elkaar een alarm laten afgaan, geen idee wat het eigenlijk allemaal is, maar naast ons guesthouse is een farm en daar loopt nu een hele bende volk rond, waarschijnlijk was het om iedereen op te roepen om te beginnen werken. Ons toilet doet ook raar, want het is precies of heel het huis is aan het instorten. Dat duurt enkel tot de toiletbak weer vol is en dan stopt het, een beetje louche. Tegen een uur of half zes kan Timo toch niet meer slapen en doet een kleine wandeling rond het huis. Hij ziet een kwikstaartje nesten in één van de bomen en er weerklinkt een heel gamma van vogelgeluiden. Welke is niet direct duidelijk. Eef ligt ondertussen nog vlotjes te pitten, want ze was een beetje moe.

Drie mensen zijn in de tuin aan het werken en één ervan komt een dichter kijken naar Timo, die heeft misschien nog niet zo veel knappe, blanke mannen zoals hem gezien J. Het is stilaan tijd om op te staan, dus Timo neemt een voorzichtige douche; hij wil Eef niet wakker maken.  Dat lukt niet zo goed, want Eef wordt natuurlijk wel wakker, maakt zich klaar en begint in te pakken. Lang duurt dat niet, want we waren eigenlijk niet uitgepakt. We nemen de auto, net gewassen door één van de tuinmannen en gaan in het hoofdgebouw 5 kilometer (five K, zoals ze hier zeggen) verderop ons ontbijt nemen. Dat zit in de prijs in, dus moeten we zeker doen. We hebben een eitje, ja allebei, Timo vraagt well-done en Eef heeft sunny side up, dan kan ze het geel en wit splitsen. Het smaakt ons erg en we genieten van onze laatste momenten hier. Na het ontbijt snel betalen met de vriend (Mastercard) en dan hop naar de grens.

Het duurt een klein half uurtje eer we aan de grens zijn. Deze grenspost is al iets groter dan degene waarlangs we Swaziland zijn binnen gekomen. Die route is eigenlijk ook niet degene die de normale mens neemt. Qua zichten was die wel schitterend, qua berijdbaarheid iets minder. We moeten eerste onze exit uit Swaziland regelen, dan de entry terug in Zuid-Afrika. Dat is allemaal heel makkelijk en ze zijn hier echt met heel veel volk om alles te regelen. Eentje schrijft een papier met welke auto we zijn, een andere stempelt het af en een derde neemt het aan als we over de grens rijden. Beter: je moet het aan haar gaan geven. Bij elk van deze drie staan er nog een paar niks te doen en dan is er nog iemand die alleen de paspoorten nakijkt. Die heeft de slechtste job van allemaal. De grens over lukt dus perfect en de richting die we uitmoeten vinden we ook makkelijk. Jozini staat nog niet aangeduid, maar wel een dorp iets verder op de N2. Na een half uur berg over en een half uur berg af komen we aan in Jozini en hier stoppen we even.

We tanken de auto vol 192,03 ZAR, we wandelen wat rond, want het is markt. Onze dollars wisselen zal er niet echt inzitten, want in de ene bank staan wel 50 man aan te schuiven en in de andere kunnen of willen ze niet wisselen. Spijtig, dan maar afhalen. We wandelen langs de kraampjes, nu is het wel heel kleurrijk, het rode van de tomaat, het groene van de kool, het oranje van de appelsien en het geel van de banaan. Voor de rest was Zuid-Afrika iets minder kleurrijk dan verwacht, maar dit is echt top. De winkeltjes zijn wel stilaan versleten, maar nog wel OK. Langs de kant van de weg staan enkele kraampjes met mensen die braai aan het maken zijn, maar we riskeren het niet echt om er iets van te kopen. De resten van gisteren, eergisteren en van hoeveel dagen geleden nog hangen er nog aan. Na een kleine uurtje vertrekken we hier: aankopen in de Spar en dan weg naar Rocktail Bay. Onze wegbeschrijving is echt heel goed, eerst een 40 km langs een kleine weg waar de mensen, koeien en geiten gewoon ad random oversteken, dan aan de T-splitsing naar rechts, verder langs een weg met veel ‘potholes’ tot een immens rond punt in the middle of nowhere en daar verder tot een kleine zandweg.

We worden al voor de tweede keer tegengehouden dor de politie: één keer in Swaziland en nu hier om gewoon ons rijbewijs te laten zien. We geraken op tijd, zelfs anderhalf uur te vroeg bij de coastal cashews, maar kunnen er een beetje wachten tot ze ons komen halen. Ze zijn ongeveer 20 minuten te vroeg, maar dat is heel goed. We moeten ongeveer 45 minuten rijden tot we aan Rocktail Beach Camp zijn. Blijkbaar is de lodge gesloten. We passeren een hele grote plantage met gumbomen, die gerooid worden en vragen ons af wanneer we in het coastal forest komen, want daar doen we het voor. Net enkele kilometer voor het kamp zelf zien we dat de vegetatie verandert en dat er een hek staat rond het coastal forest reserve. We komen aan, krijgen een drankje en een volledige uitleg over wat er te doen is en hoe alles in zijn gang gaat. Alles duidelijk, we zijn hier vooral voor de duiken en voor de vogels te spotten.

We krijgen dan onze kamer te zien, eigenlijk een tent op houten palen, schitterend qua luxe, een kingsize bed, een grote badkamer en een luxueuze douche met regenkop. We pakken alles uit, douchen ons direct en genieten van het uitzicht. Vanuit onze kamer zien we over het coastal forest en de Indische oceaan. Dit is echt luxe, schitterend gewoon. Wanneer we klaar zijn, is het tijd om de omgeving eens te verkennen en we wandelen via een kleine padje naar het strand. We zien een ‘red duiker’, een kleine antilope, horen heel veel vogels en komen na een kwartier wandelen uit aan het strand en de oceaan. Hoge golven, schitterend strand zonder enige vorm van bebouwing of vervuiling. Er staan een paar parasols, maar die zijn zo goed gecamoufleerd dat ze helemaal niet storen. De rest is gewoon prachtig en ongeschonden.

We wandelen terug naar de bar en drinken een Castle. Het bier is hier wel lekker, de Castle is de best, beter dan Windhoek uit Namibië en ook de wijn is natuurlijk te smaken. We drinken iets, schrijven het verslag en lezen een beetje en genieten vooral van alles rond om ons. Rond half zeven komen ze langs om af te spreken of we mee willen gaan duiken morgen: natuurlijk, daarom zijn we hier juist. We doen twee duiken morgen en als het weer zo blijft is dat wel echt schitterend. Ze hebben al enkel humpback whales gezien en enkele whalesharks. We krijgen van iemand zelfs de foto’s te zien: dit is echt iets om naar uit te kijken. We kijken even, maar moeten dan toch iets gaan eten want we hebben honger. Eerst een toastje met asperges in een preiroomsausje, dan kiezen we een kotelet en een steak uit wat er klaarstaat samen met wat groentjes en rijst: lekker. Als nagerecht krijgen we een licht yoghurtje met bananen. Normaal is dessert ons ding niet, maar nu lusten we het echt.

Na het avondeten zijn we al wat moe en gaan wat slapen. We praten nog wat en hopen vooral dat morgen en even prachtige dag wordt als vandaag.


Donderdag 22 oktober 2009: Duiken dag 1: Pineapple en aerial reef

We slapen heel erg goed in ons kingsize bed, maar worden om 03:00 al wakker gemaakt door echt felle regen op ons dak. En dat de nacht voor we moeten gaan duiken: we voelen al nattigheid, letterlijk en figuurlijk. Timo ziet het al helemaal niet zitten, hij vreest dat dit gaat uitdraaien zoals Costa Rica. Hij slaapt nog twee uurtjes en wacht dan buiten tot het weer zal beteren, maar dat ziet er niet naar uit. We gaan sowieso horen of we duiken en zien dan wel. We komen iets te vroeg aan en Clive de skipper is er al en zet koffie voor iedereen. We duiken vandaag met twee Duitsers, 1 Fransman en 1 man van Namibië en dan zijn er nog onze twee instructrices: Michelle en Ondyne. We passen onze pakken; vesten en flessen zijn ze al aan het wegbrengen met de boot en de tractor en alleen wij moeten er nog bij en dan zijn we klaar om op het strand te racen en te gaan duiken.

Het duurt allemaal iets langer, want de tractor is onderweg in panne gevallen, maar da’s niet erg: we wachten gewoon een beetje tot alles OK is. De zon is nog niet door de donkergrijze wolken gebroken, maar het is wel al gestopt met regenen. Ze krijgen uiteindelijk de boot tot bij ons. We moeten hier te water, want op de andere plaatsen hier langs de kust zijn de golven iets te hoog. Hier is een beetje beschutting door wat rotsen die een 100 meter in de kust liggen. Met een dikke 20 minuten vertraging gaan we de boot in. Clive kijkt een hele tijd naar de golven om het juiste moment in te schatten om erover te varen. Het zand verandert hier regelmatig van plaats, dus hij moet zeker uitkijken voor zandbanken. Op minder dan 5 minuten zijn we er. Iedereen maakt zich klaar en dan zijn we op one ... two ... three ... GO zijn we weg.

We zoeken direct de boeilijn en gaan langs daar naar beneden, Michelle is al beneden, maar wij doen het kalmpjes aan, zakken zonder te bruskeren. Zo geraken we er ook. We zien echt vanalles op deze duik. Het zijn niet de grote koraaltuinen van in Egypte, maar wel een groot aantal vissen en een grote verscheidenheid. We zien een loggerhead turtle zwemmen op het Pineapple-rif, zien enkele naaktslakken, maar door het heen en weer wiegen door de stroming is het moeilijk om goede foto’s te maken. Boris, de patatoe-bass is ook van de partij, samen met een wijfje die vergezeld wordt door enkele loodsvissen. In totaal zien we drie soorten slakken, een anemone crab en veel anemoonvissen met eitjes. Als je goed kijkt zie je al stipjes in de eieren, naar het schijnt zijn dat al de oogjes van de kleintjes. We amuseren ons lijk zot, want hier is veel te zien, enkele bladvissen, een speciaal soort schorpioenvis, een grijze murene en een hele grote kwal. We genieten van de duik, ook al is het een beetje aanpassen dat we heen en weer geslingerd worden. Wanneer je van dicht iets wil bekijken moet je echt heel stevig iets vastpakken, liefst een rots en geen giftige of stekelige dingen en dan is het te doen om te blijven hangen. Wanneer de stroming echter iets te veel is, moet je toch helemaal loslaten.

We duiken tot de laatsten en genieten er echt van. We zien nog een electric ray en een paar keizersvissen. Het is een bangelijke duik en na iets meer dan 50 minuten doen we onze safety stop en komen er uit bij 56 minuten, goed gedoken, want de anderen waren er al uit: wij waren nog de laatste samen met Michelle en een Fransman. Uit het water in de boot, dan terug safety jackets aan en door de branding naar het strand. De boot wordt geankerd in een tamelijk ondiep stuk en ze brengen ons terug naar de duikbasis, Mokarran Dive Charters is de naam. We ontbijten licht op de duikbasis zelf. Normaal doen ze dit op het strand, maar het is terug beginnen regenen en waaien en het is frisjes. Eef is een beetje verkleumd, maar toch beslissen we om de volgende duik ook te doen. Op naar meer toffe dingen.

Wij zijn de enige twee die nog een tweede duik doen, dus wij zijn weg met Clive en Ondyne. Opnieuw hetzelfde verhaal, allemaal tegelijk eruit en dan naar de boeilijn en daar zakken. De instructrice neemt die boei constant met zich mee. Soms staat die lijn niet gespannen genoeg en is het wat vervelend, maar wel heel makkelijk om te volgen. Nu doen we twee kleine rifjes: aerial reef bestaat uit twee kleine stukken. Op het ene zien we vooral vis, emperor fish, parrot fish, leaf fish, lion fish, geen groupers deze keer, maar ook wel leuk. Het is nu iets relaxter dan de eerste duik, want nu zijn we maar met drie. Eef spot enkele nudibranches en een hele school humpback snapper komt naar ons toe gezwommen. Een megagrote boxfish verstopt zich onder een grot, maar we spotten hem toch. We krijgen een paar kauri’s te zien en wat pagegaaivissen een een groep wimpelvissen, prachtig.

Wanneer Timo 50 bar heeft, doet hij teken naar de instructrice en dan gaan we nog snel naar het skelet kijken van een baby-humpback. Een beetje triestig, want het diertje leefde enkele weken geleden nog vrolijk en nu ligt het skelet er voor de aaseters. Hoewel het een baby was, is de kop toch wel heel groot. We gaan dan stil naar boven, doen onze safety stop en gaan dan naar de oppervlakte. Als iedereen op de boot zit, vraagt Clive of we enkele humpback whales willen zien. Natuurlijk. We naderen tot op enkele tientallen meters en zien de kleine en moeder walvis eens met de flipper bovenkomen, eens met de kop en een paar keer gewoon met de rug. Dat is een kers op de taart. Foto’s zijn niet mogelijk hier, want het weer is niet optimaal en we kunnen de camera niet uit de hoes nemen. Eef had haar camera al niet mee, want die was een klein beetje gelekt, Timo zijn memory-card staat vol, dus we moeten we stoppen nu. Dat doen we ook en Clive ‘beacht’ de boot: hij vaart met zo’n grote snelheid dat de boot wel 10 meter op het strand terecht komt.

Ze brengen ons terug, we spoelen wat dingen af en gaan ons dan douchen. Een hete regendouche is echt schitterend, zeker na zo’n koude ochtend. We kunnen dan ook direct aan tafel, eten een hamburgertje en drinken een pintje. Dan schrijven we de logboeken, het verslag en hopen dat het weer zal keren, maar voorlopig ziet het er nog niet zo goed uit. Het blijft een beetje slecht weer, dus we gaan gewoon wat rusten, een beetje pitten in onze tent, want dat is het uiteindelijk. Wel wat luxueuzer dan een gewone tent, want het zeil is ondersteund door verschillende palen van de gombomen wat verderop. We rusten wat tot een uur of zes en dan gaan we naar de bar. We willen eens wat anders dan een Castle, dus nu eens een rood wijntje: Noble Hill, een lekkere Merlot. We praten wat met Ondyne, de instructrice en betalen haar zoals beloofd een drankje. We praten wat over duiken en over Rocktail Bay en vanalles en nog wat.

Rond een uur of acht beginnen twee serveuzes op de troms te roffelen en dat betekent dat het etenstijd is. We krijgen eerst mosselen in een lekker roomsausje, dan scheppen we zelf wat groentjes op en geven ze ons pork. Heel erg lekker, maar we eten niet echt veel, want de hamburgers waren nog niet helemaal verteerd. Als dessert hebben we chocolade-pannenkoeken en dat smaakt zelfs ons. We drinken nog wat wijn in de zetels aan de bar en dan gaan we stilaan slapen. We doen de kaarsjes branden en dan zijn we op weg naar dromenland.


Vrijdag 23 oktober 2009: Duikdag twee: Yellowfin Drop

Het is allemaal een beetje later op de dag vandaag. We eten eerst ons ontbijt en dan is het op weg naar de duikbasis, slechts 50 meter van het Beach camp. We moeten rekening houden met laag tij omdat ze jeeps en tractors gebruiken, hetgeen veel banen in het zand liggen te trekken. Dat verstoort de turtles, dus we moeten en willen hiermee rekening houden. Ook is het verboden met laagtij op het strand te komen anyway, dus dat zorgt ook voor minder opties. We krijgen opnieuw alles uitgedeeld, vinnen, onze maskers zijn uitgespoeld geweest en we krijgen onze pakken. Cool, graaf om nog een duikje te placeren. We rijden met de jeep naar waar Clive staat met de boot en de tractor. We doen sowieso slechts één duik vandaag, want ze moeten naar Richard’s Bay om een ander onderdeel voor de tractor te halen. Die is gisteren in panne gevallen, de andere konden ze nog wat repareren, maar die begeeft het vandaag ook. Dikke pech dus.

De zodiac ligt al klaar in het water wanneer we er aan komen en hij heeft al water geschept, dus we mogen niet talmen. De boot in, camera’s, maskers en vinnen erin smijten en dan er terug uit, want we zitten vast en moeten duwen. Eerst de twee vrouwen erin, een Franse en Eef, dan de mannen en dan de instructrice: Clive zat er al op en een andere was nog aan het helpen. Dan kunnen we weg, vesten aan, golven in het oog houden en dan weg over de grote golven. Het is al een klein avontuur voor we aan de site komen, we zien nog enkele humpback whales bovenkomen, dus dat is zeker speciaal. Een andere lodge ligt op het rif dat wij wilden doen, dus we varen een beetje verder, niet Gogo’s dus, maar Yellowfin Drop: het favoriete rif van Ondyne. Wanneer we er aankomen, alles snel klaarmaken, snelle buddy-check vanop afstand en one, two, three, GO en iedereen erin.

Ramp! Shit, schijt, damn! Eef is in het water gesprongen en iemand is op haar terecht gekomen met als gevolg dat haar bril en snorkel naar de diepte vertrokken zijn. Timo is langs de andere kant van de boot afgesprongen en eer die bij Eef is en door heeft wat er aan het gebeuren is, is de bril al een heel eind weg. Timo ziet iets rood naar beneden gaan en duikt er direct naartoe. De top van de snorkel is van verre zichtbaar en als hij dieper komt ziet Timo duidelijk dat het de bril ook is. Op 9,4 meter heeft hij hem te pakken en gaat dan kalmpjes naar boven: hij moet eigenlijk al een safety stop doen volgens de computer, maar daar veegt hij even zijn voeten aan. Hij geeft de bril aan Eef en nu kan onze duik ook beginnen. Rustig dalen, want Timo moet even op adem komen. Maar geen nood: wanneer we op 6 meter komen, is de Francaise nog aan het klaren en zijn we eigenlijk niet erg veel achter de groep.

Het zicht is al direct fantastisch, niet te diep rif en nu komt af en toe de zon er een beetje door, dat was daarnet boven water nog niet het geval. De koralen zijn hier iets meer uitgesproken, enkele zweepkoralen, enkele anderen ook, klein tafelkoraal en heel veel vis: baarzen, koraalklimmers, maskerwimpelvis, het is er allemaal te zien. Dan ineens zwemt een hele grote loggerhead turtle weg en vlak ernaast een grote octopus. Timo gaat achter de octopus en neemt enkele goede shots. Timo denkt een scheermesvisje gezien te hebben, maar is niet echt zeker. Koraalvlindertjes zijn hier ook in enkele verschillende soorten en ineens duidt Ondyne een hele grote kreeft aan. Als je denkt dat je in Grevelingen of Oosterschelde al grote kreeften gezien hebt, eat this then. Deze heeft antennes van ongeveer een meter: waarschijnlijk iets minder, want onder water lijkt alles groter, maar toch immens groot.

Timo is gefocust op een klein naaktslakje, want de foto’s van gisteren zijn niet je dat, nu hopelijk wel. Dan nog een kreeft en heel veel kleine baarsjes en juffertjes. Die blijven we heel leuk vinden. Dit is een heel toffe duikplaats, geen wonder dat die de favoriet is van de instructrice. Wel 5 anemonen met dan ook de respectievelijke visjes, een koraalduivel hangt onder een rots en daar vlak naast komen twee grijze murenes eens kijken wat er allemaal aan het gebeuren is. Emperor fish zitten hier ook, zelfs twee soorten, groupers, boxfish, alles passeert hier de revue. We zien op een rotsje een schorpioenvis zitten en palmen dan naar een groot gat waar een al even grote murene inzit: honeycomb moray eal, een beest van wel twee meter groot, niet te schatten. Timo ziet natuurlijk ook het naaktslakje dat er vlak naast zit, want die moeten zeker op de foto: zowel groot als klein kan mooi zijn onder water.

We doen dan onze safety stop, drie zijn er al naar boven, Timo heeft er met zijn duikbril-escapade wat lucht doorgetrokken, dus 3 minuten stoppen en dan rustig naar boven. Camera afgeven, bril en snorkel, lood weg, vest aan boord en dan zelf erop klauteren alsof we walvissen aan het binnenhalen zijn bijna. We krijgen een lolly en varen 20 minuten terug naar het strand en beachen opnieuw de boot, want zoals gezegd geen tweede duik vandaag. We geraken terug aan de duikbasis van Mokarran Dive Charters, doen alles uit en gaan ons douchen. We genieten van het warme water, zorgen dat de camera’s in orde zijn, schrijven het dagboek en bekijken de eerste foto’s. Eef heeft pech dat de camera aangedampt was, dus haar foto’s zijn niet allemaal even goed. Als we terug zijn toch eens binnen doen voor onderhoud. We drinken een pintje aan de bar, in de bomen vlak naast de bar zit een groene slang, een “boowemslang” in het Afrikaans. Het zonnetje is er volledig doorgekomen ondertussen, de lucht is helemaal blauw en we genieten van het zonnetje, spijtig dat we geen tweede duik doen, anders waren de omstandigheden wel perfect. Tegen half twee is het tijd voor lunch.

We nemen wat groenten, een wrap met vlees en enkele kalamari op z’n Zuid-Afrikaans. Lekker met een pintje erbij en wat water. Dan is het tijd om wat te rusten en we genieten wat van de zon die ondertussen volop schijnt. Het is heet zelfs in de schaduw, maar dat is wel dik OK, na toch enkele frissere dagen zonder zon met veel wolken. We lezen een beetje, vullen onze logboeken in en doen een zwemmeke in het zwembad. Nu is het al kalm, maar daarnet waren hier enkele gezinnen met in totaal wel 7 kinderen, dus geen rust, nu is iedereen weg en is het stil. Genieten dus maar! Natuurlijk zijn we het na een uur of twee al beu en gaan we een hike’je doen. We volgen wat trails maar zien niet echt veel vogels, wel een troep mangoesten van wel 15 dieren, een koppel crested guineafowl en een stuk of drie red duikers, van die kleine antilopen die zich in de struiken verschuilen. We wandelen eens naar het strand en dat blijft wel een topper. Een koppel sunbirds zit ook te zonnen in een palm vlakbij het zwembad net als wij daarnet.

Er is veel wind en het wordt al snel frisjes, want de zon gaat onder, ondertussen is het al een uur of half zes. We drinken een pintje en wat rode wijn aan de bar en leggen opnieuw de duiken vast voor morgen. Dan doen ze er opnieuw twee, zeggen ze. OK. Om half acht opnieuw tromgeroffel voor het avondeten: eerst rode kool met een spinaziehapje, dan nemen we wat vis, dorade zeggen ze, maar we zouden durven denken van niet. Na het eten is het ons nog bijna twee uur bezig houden met wat te kaarten en nog wat koffie te drinken, want we gaan mee op turtle-watch. Om 22:00 vertrekken we met Gugu, de gast die ons was komen ophalen en we rijden het strand af van hier de Island Rock tot Rocktail Bay in het noorden en enkele kilometers zuidelijk van het kamp op zoek naast nestelende loggerheads en leatherbacks.

We genieten van de rit in het donker onder een hele volle sterrenhemel, we zien vliegende vissen wegspringen in het licht van de jeep, heel veel kwallen liggen hier op het strand van die hele grote ook. De kleine krabbetjes vluchten weg voor hun leven wanneer ze het grote monster van een jeep zien aankomen, maar spijtig genoeg zien we geen turtles. Onderweg zijn twee mannen ook te voet onderweg en de tweede keer dat we die tegenkomen zeggen zij ook dat ze er geen gezien hebben. Het is nog vroeg op het seizoen en er zijn er nog geen gespot, dus het was een wilde gok. Na anderhalf uur zijn we terug en gaan we direct terug naar onze kamer nummer zes en we gaan slapen. Morgen onze laatste duiken, dus daar moeten we goed wakker en klaar voor zijn. We vallen direct in slaap na een lange en vermoeiende dag.


Zaterdag 24 oktober 2009: Laatste twee duiken in Rocktail Bay

We staan tamelijk laat op voor ons doen. Timo is pas tegen 07:30 op en zet zich op het terras om verslagen af te maken en te verbeteren, terwijl Eef nog een half uurtje slaapt. Hij moet wel eerst de slang op het terras wegjagen, want anders voel hij zich niet echt op zijn gemak. We gaan tegen acht uur naar het ontbijt, eten iets licht, want nooit te veel eten voor een duik. Dat doen we dus nu ook niet. Timo is niet helemaal in zijn nopjes vandaag, maar dat zal straks wel beteren. We zijn een beetje te vroeg op het duikcentrum, maar we amuseren ons er wel een beetje met in de boeken te kijken dan. Ondyne neemt vandaag weer de duikleiding, Clive is skipper van dienst zoals steeds. Een Frans koppel gaat mee en een kerel uit Botswana. Wanneer iedereen er is, pakken uitgedeeld zijn en alles in orde om te vertrekken, brengen ze ons naar de boot. Het is al een hele rit door het zand en door de hevige wind, niet echt aangenaam.

Dan de boot in is ook niet makkelijk, maar dat lukt nog wel. Vesten direct aan en door de branding van de Indische Oceaan. Het is nooit een platte zee hier, altijd wel wat wind of golven, steeds een stevige rit naar de duikplaats. We varen naar Elusive en gaan tamelijk makkelijk naar beneden. Timo altijd wat langzamer, maar alles wel OK. Het werd tijd dat we in het water hingen, want we werden allemaal stilaan een beetje mottig op de boot, niet echt aangenaam weer om uit te varen. Wel heel tof dat ze dit altijd doen. Beneden wacht al direct een ribbontail ray op ons en twee schildpadden, echt cool. Een immense school snappers zwemt boven het rif. Ze zijn gewoon aan duikers en je kan er gewoon doorheen zwemmen zonder dat de school helemaal uiteen zwemt. Dat is een schitterend gevoel. De duikplaats is een beetje een grote ovaal en midden erin zit de ray nog steeds op ons te wachten.

Alle foto’s zullen van Eef moeten komen, want bij het in het water vallen is door de schok het klipje van de memorycard opengevallen. Timo kan dus geen enkele foto nemen. Hij geniet dan maar meer van het zicht. En dat is echt prachtig. Het hangt hier vol kwallen, groter dan een voetbal, het lijkt wel alsof je je op een andere planeet bevindt. We spotten enkele naaktslakken, een lonfish, drie murenes, emperor angelfish en nog veel meer van dat. Het is een heel mooie duikplaats, niet veel koraal maar des te meer vis. Twee immens grote schorpioenvissen liggen verborgen op de rotsen en zijn moeilijk te spotten. Papegaaivissen zien we hier ook elke keer en natuurlijk de kleine toffe rifbaarzen, barbelen die met hun voelsprieten over het zand zich al zoekend een weg banen. Wimpelvissen, koraalvlinders, een kleurenpracht zoals we niet elke dag te zien krijgen.

We zijn de laatste die op 50 bar komen, dus gaan ook als laatste naar boven, de anderen zijn al in de boot. Ondyne is ondertussen ook al een hele tijd haar boei kwijt. Clive de skippers heeft die waarschijnlijk losgekoppeld omdat het te moeilijk was voor haar. Dan maar in de blue onze stop doen, nadat een honeycomb ray ons als laatste hier in het noorden gedag komt zeggen. Wanneer we boven komen zijn we echt nog van plan om een tweede duik te doen, maar eens aan het strand en wat gegeten vertellen ze ons dat we keuze hebben tussen dezelfde duikstekken als de eerste dag en dat het zicht er waarschijnlijk slechter zal zijn dan de eerste keer. Laat ons dan maar eindigen met deze schone laatste duik hier: een mooi einde van enkele toffe dagen duiken hier.

Ze brengen ons dan terug naar het dive centre, we doen alles uit en gaan ons douchen. Met een regendouche is dat altijd heel tof en verrassend genoeg heb je hier steeds onmiddellijk heet water. Na de douche wat aan de toog hangen, nog een klein hapje eten, want anders wordt het toch wat lastig om te wachten tot 20:00 deze avond: een wrap die we zelf maken, dan nog wat tokkelen aan de verslagen en aan de logboeken en even wat rusten. Zeker de laatste momenten nog kalmpjes aan doen, want Timo heeft nog steeds flanelen benen. We zien wel wat de middag brengt.

We liggen op de zonbedden in de schaduw en rusten een beetje uit, van reizen word je moe hé. We bespreken waarnaartoe we gaan morgen, want het plan was ergens in Hluhluwe. Als we alles in overweging nemen denken we dat het het beste is dat we naar Saint Lucia rijden. Daar zitten we dicht tegen een natuurpark en kunnen we eventueel ook snel de couleur locale gaan bezien, want niet ver daarvandaan zijn de Zulu-dorpen. Saint Lucia dus: eens kijken wat dat allemaal brengt, maar dat is pas voor morgen. Nu wat rusten en genieten van het zonnetje. Dan wordt het stilaan al wat donkerder, we beginnen aan de aperitief: twee mojito en we spelen een spelletje Scrabble. Er liggen wel meer gezelschapsspelen hier voor iedereen beschikbaar. We ontdekken een aantal neologismen, want we mochten volgens onze eigen regels alles tamelijk vrij interpreteren.

We wandelen nog een naar de dive centre en komen daar Michelle tegen. We regelen de extra huur van drie keer een klein pakje met kap voor 150 Rand, kopen elk twee T-shirts van Mokarran Dive Centre, doen nog een babbel met Clive en Michelle en gaan dan iets eten. Bij een flesje Noble Hill genieten we van het avondeten en gaan niet te laat slapen. Direct na het eten gaan we terug naar onze tent, doen de kaarsjes branden, babbelen nog wat en gaan dan slapen. Morgen nog inpakken en dan naar Saint Lucia.


Zondag 25 oktober 2009: Verplaatsing naar Saint Lucia

Wakker worden doen we opnieuw met het zonnetje deze ochtend. Zoals gewoonlijk is het ongeveer half zes wanneer Timo wakker wordt. Hij kijkt even op het terras en ziet opnieuw de slang zitten. Die kruipt dan even onder de douche langs de tentzeilen en Timo jaagt die de bomen in. De vogels fluiten like hell deze ochtend, eigenlijk was het een goede dag om eens op bird trail te gaan, maar we zijn weg dus het zal voor een andere keer zijn. We pakken in, maken ons klaar om door te gaan naar het ontbijt. Dat lukt perfect tegen ongeveer een uur of 8 en tegen 09:30 zullen ze ons naar de auto brengen. Het ontbijt nemen we nog mee en dat zal nodig zijn, want we moeten toch enkele uren rijden vandaag. Niet echt mega-ver, maar toch wel een 200 km. Na het ontbijt nemen we de rugzakken naar de receptie en daar wordt alles op de jeep geladen. Afrekenen en dan na nog een half uurtje wachten en jaloers zijn op degenen die blijven, en dan weg naar Coastal Cashews.

We rijden over de onverharde weg voor bijna een uur, da’s al zeker een kwartier langer dan in het komen. We nemen de auto, laden alles in en zijn weg. Eerst snel wat water kopen, want dat waren we bij Rocktail Beach Camp vergeten. Dan zijn we weg richting Hluhluwe langs de R22.  We moeten eerst langs daar passeren, want Saint Lucia ligt iets zuidelijker en dat maakt dan ook onze trip naar Umkomaas iets makkelijker en sneller. We rijden over goede wegen, langs verschrikkelijk grote velden ananas. We dachten dat er in Costa Rica veel ananas was, maar dit slaat echt alles. Wel een twintig, dertig kilometer lang komen we niks ander tegen dan plantages. Daarna is de ananas gedaan en zijn het gombomen, zoals op de weg van en naar Rocktail.

We zijn in Hluhluwe op een klein twee uur en rijden dan verder de N2 autostrade af naar Saint Lucia. Het is allemaal heel makkelijk te vinden en tegen een uur of 13:00 komen we er aan. Via de Trotter hadden we een adresje, maar dat ligt eigenlijk toch wel wat buiten het centrum dus dat nemen we niet. We parkeren de auto en gaan eens op zoektocht naar een leuk adresje om te slapen. We zitten in McKenziestraat, de hoofdstraat en gaan eens langs bij Flamboyant Appartments om te zien of er iets beschikbaar is. Direct worden we heel vriendelijke ontvangen door Neels en die laat ons eeen appartemenetje zien. We hebben een dubbel bed, een keuken, een badkamer met bad en douche en dan nog een kamer met vier bedden, een kleine woonkamer met TV. Voor de prijs van 330 Zar kunnen we niet sukkelen. We nemen het en kunnen zelfs de auto secured parkeren. We zijn volgens hem gezonden door iemand hierboven, want de meesten zijn echt heel katholiek hier. Er hangen hier veel godsdienstige spreuken overal verspreid. Bijvoorbeeld: Grace and Peace to you from Him, who is and who was and who is to come, Rec 1 v 4. Vlak naast de deur is een Spar en we kopen vanalles, want ontbijt is er niet bij, daar moeten we zelf voor zorgen. Na twee weken kopen we eindelijk een three prong round plug om hier in Zuid-Afrika overal onze batterijen en laptop op te kunnen laden. Vanalles kopen, geen pintjes, want dat kan je in Zuid-Afrika en Swaziland alleen in een liquor store kopen en niet in een gewone supermarkt.

Na de inkopen zoeken we dan ook een liquor store, maar het is zondag en er is geen enkele van de drie open. Dan maar iets ander: we zoeken een adresje waar we een culturele uitstap kunnen boeken naar een Zuludorp. Dat lukt perfect bij FAFA Tours en dan gaan we eindelijk kaartjes kopen. We maken enkele hotdogs in ons appartement en laten het smaken. We drinken eens wat anders: ice tea en cola, want voor de rest is het altijd water, pintjes of wijn. Het is tof om eens een andere smaak te hebben.

Bij Lizzard Internet even surfen en een mailtje sturen zodat iedereen op zijn gemak is. Maurits is online op hetzelfde moment en we kunnen enkele mailtjes over en weer sturen. We zijn blij dat we die eens gehoord hebben. Dan gaan we pinten pakken, want het is zondag en op zondag pakken we pintjes. We drinken een paar Castles bij St Pizza en eten daar dan ook twee kleine pizza’s: vegatariana en Seafood. De ene al beter dan de andere. We passen ons al heel erg goed aan aan het Zuid-Afrikaans: ze zeggen hier niet gewoon ja of yes als ze iets willen bevestigen, maar eerder Yes Jaw. Dat zijn we nu ook stilaan ook aan het gebruiken. Op de vraag are you still allright, zegt Timo direct Yes Ja. Cool. Het grappige is dat iedereen dat zegt, zelfs de Engelsen die ingeweken zijn.

We drinken in totaal een pint of tien en gaan dan tegen een uur of 20:00 terug naar onze kamer. Daar lezen we nog wat en schrijven het verslag en gaan een uurtje later pitten. Morgen zijn we in de voormiddag bezig met het bezoek aan een Zuludorp en een medicijnman en dan in de namiddag hebben we wat info over het natuurpark hier en wat we allemaal kunnen doen. We zien wel hoe we de namiddag kunnen invullen. Dat komt allemaal wel goed. Op tijd liggen we in ons bed en gaan een airke slapen.


Maandag 26 oktober 2009: Saint Lucia en omstreken: cultuur en natuur

Een regenachtige morgen om wakker te worden in een te klein bed. Dat is wel typisch Zuid-Afrika, de bedden zijn allemaal wat kort zelfs voor Timo. De Kingsize in Rocktail was ook een beetje kort, maar de breedte maakte daar heel veel goed. Het regende een hele nacht en nu is het ook nog stilletjes bezig, soms is het wat meer en dan weer wat minder. Nu ziet het er allemaal wat donker en grijs uit, maar tja wat kan een mens daaraan doen. Timo geniet nog wat van de mooie foto’s die we ondertussen al genomen hebben en maakt nog wat verslagen af. Tegen half acht is Eef ook wakker en kunnen we ontbijten. We hebben broodjes van gisteren van bij de hot-dogs met een beetje gewone kaas en wat brie. Met een beetje oploskoffie en het smaakt. We zijn op tijd klaar en gaan naar de post om postzegels te kopen en de kaartjes die we gisteren kochten en schreven te versturen. Misschien zijn die er dan nog op tijd.

We moeten om 09:00 stipt op de stoep staan voor onze appartementen en daar zullen ze ons komen ophalen. We zijn al verwittigd gisteren dat het een beetje later zou kunnen zijn. Dat voorspelt niet veel goeds. En inderdaad het is al kwart over, wanneer ze ons oppikken. Een Nederlands koppel zit er al in en we moeten nog een koppel Duitsers oppikken ook. Goed. Dan op weg naar het echte Zuid-Afrikaanse leven, het dorp Khula. We rijden langs dezelfde weg als we gekomen zijn zo’n vijf kilometer verder en daar tussen de kraampjes en de taxi-busjes is een slijkwegje en daar begint ons bezoek. Door de smalle straatjes waar ze met schop en houweel de gaten aan het dichtmaken zijn. Iedereen door elkaar, mannen, vrouwen, jong, oud, met en zonder kinderen op hun rug.

Onze eerste stop is een creche: een bende kleine zwartjes die aan het leren zijn. Ze moeten laten zien aan de toerist wat ze allemaal al kunnen: tellen, dagen van de week, maanden van het jaar en allemaal in het Engels. Dan doen ze een dansje en moeten we iets in het gastenboek schrijven. Ze vragen natuurlijk ook een ‘tip’ voor de kinderen en de school omdat ze zo hun best gedaan hebben. In deze creche zijn ze vanaf hun eerste jaar tot een jaar of vijf en dan kunnen ze naar primary school.

Er is ook een postbus in het dorp: dat is gewoon een verzameling kleine blauwe kastjes met een nummertje. Iedereen moet zijn post hier komen halen. Dan rijden we richting primary school en onderweg komen we de huurhuizen tegen: kleine krotjes voor 100 ZAR per maand, waar wij onze hond nog niet in zouden laten wonen. De kinderen in de public primary school hebben allemaal een uniformpje aan, meestal geel en zwart of blauw wit. Onze gids vertelt ons veel over het gewone dagelijkse leven en over enkele bomen en planten. De echte bananenboom en de valse. Dan rijden we naar de high school, want die is hier ook. Ah ja voor de paar duizend inwoners is het nodig dat hier alles beschikbaar is. Alles is met draad en schrikdraad afgezet, de scholen, het ziekenhuis, echt bijna alles. Dan rijden we naar de woning van de official traditional healer: een kwakzalver die door de ‘spirits’ wordt geroepen en opgeleid door andere traditional healers. Deze is een vrouw die al van in 1985 healer is en ze heeft er echt een certificaat voor gekregen. Er staan hier een hoop kruiden en plantenextracten bij elkaar en spijtig genoeg ook walvisolie. Vlak tegenover haar is het kerkhof. Als je het bij de traditional healer niet overleeft weet je direct waarnaartoe.

Dan brengen ze ons naar een plaats waar enkele werklozen bij elkaar zijn gebracht en ze maken placemats. Eef kan het haar niet laten en koopt er één. Het kost wel maar 30 Rand, dus we zullen er ons niks voor moeten laten. Dan is het einde van het bezoek en de gids brengt ons terug naar waar iedereen moet zijn. Wij gaan iets kopen om te drinken in de liquor store, want ergens anders kan je geen alcohol kopen. Zes Castle en we eten thuis een broodje met kaas en mosterd. We willen dan nog een hele middag nog iets doen en het weer is aan het beteren, dus we kunnen eens naar iSimangaliso Wetland Park. We nemen de auto, want ofwel doe je dit begeleid of anders zelf. Inkom is voor de auto en twee personen 85 Rand. Dat moeten we wel zeggen, het is hier niet echt mega-duur qua inkomgelden en dat valt reuze mee. We zien al direct een waterbok, een kudu, een kudde gnoes, wat wrattenzwijnen en enkele zebra’s bij elkaar. Timo heeft het voor de vogels en ziet een vinkachtige, zwart-wit met rode snavel en wel een staart van 15 centimeter. Prachtig beestje. We gaan naar een punt van zicht en daar is het prachtig: langs de ene kant kijk je uit over de vlakte van de wetlands en langs de andere kant zie je de Indische Oceaan.

Aapjes zitten hier ook veel en enkele bavianen ook. Roofvogels scheren hier over de weg en dat vindt Timo schitterend natuurlijk. Een reedbuck staat in het struikgewas te grazen en de kleine red duikertjes verstoppen zich steeds ertussen. Moeilijk een foto te nemen. Na anderhalf uur over 32 km komen we aan op Cape Vidal, waar we wederom de oceaan zien. Schitterend gewoon met het breken van de golven en de ondertussen helder blauwe hemel. Heel in de verte kan je soms een grote spuit water zien, dat zijn de walvissen die terug naar Antarctica trekken. Mangoesten zijn hier ook aanwezig: die zullen we opruimen wat de mensen hier achterlaten, ook al wordt specifiek gevraagd dit niet te doen. We drinken hier een Castle en keren dan terug naar huis. Onderweg zien we nog vanalles: een grote hoop hippo-stront met heel veel kevers erop, niet te schatten. De kevers zijn we drie vier centimeter groot. Een red duiker is nu wel bereid om te poseren, een kingfisher zien we ook op elektriciteitsdraad zitten.

Iets verderop grazen twee zwarte neushoorns. In Kruger zagen we enkel witte en dit zijn nu twee zwarte.  We rijden een klein wegje in, zien enkele vogels zitten in een boom en Timo weet dat dit de hop is. Parelhoenders lopen ook wat rond en een grote ooievaar wandelt van de weg in het struikgewas. We genieten nog wat van het landschap. Dit landschap zag er uit zoals we hadden verwacht dat Afrika er zou uitzien. Het ziet er allemaal echt prachtig uit. We rijden terug naar ons huisje, drinken iets en wassen ons zodat we klaar zijn om iets te gaan eten. Volgens Trotter was hier ergens iets Grieks en Timo zag dat iets verder in onze straat (McKenziestraat), dus dat zal het waarschijnlijk worden.

Ocean Sizzlers is de naam van het Griekse restaurant. We twijfelen even wat we gaan eten, maar gaan dan toch niet voor iets Grieks. Dat zou iets te veel cultuurschok zijn. We vinden Griekse muziek in Zuid-Afrika al raar klinken. Soit. We drinken Castle draught en eten line fish of the day (dorade) en ook klingbill??, ook vis maar niet vers gevangen. Het smaakt ons weeral en Timo neemt zelfs een dessert. Dat is ook iets nieuws, een ijsje met een beetje chocoladesaus. Dat met een pintje is echt genieten. Om half negen zijn we terug thuis en gaan direct slapen. Morgen hebben we wel een ritje voor de boeg, dus nu goed uitrusten.


Dinsdag 27 oktober 2009: Umkomaas here we come. Oepsie beetje mis geteld!

Opstaan is weer al tamelijk vroeg vandaag, we zijn allebei wakker om half zeven, alhoewel dit al eerder aan de late kant is voor dit verlof. We pakken een beetje in, dat is niet echt veel, want we hebben eigenlijk niet echt uitgepakt hier, ah neen voor twee dagen is dat niet echt nodig. We eten een boke kaas en drinken wat koffie en tegen een uur of acht is alles al klaar. We vertrekken dan ook tegen half negen naar Umkomaas. Het moet een tijdje rijden zijn, dus we zorgen dat we hier niet te laat weg zijn. Snel effe tanken en de ruiten wat kuisen en het ziet er allemaal OK uit. Behalve het weer, dat is vandaag weeral niet zo goed: donker bewolkt en heel zelden een klein beetje zon. De eerste kilometers van Saint Lucia naar Mtubatuba regent het zelfs goed door. Het is half negen en we moeten volle bak de autolichten aandoen. Dat om zeker gezien te worden.

We nemen iets later de N2 naar het zuiden, in het zuiden is het weer altijd beter. We rijden een hele tijd naar Empagmeni, dat vlot goed, want we kunnen bijna constant 110 per uur rijden. Daar wordt ook de autostrade beter en breder tot voorbij Durban. De hele trip moeten we drie keer stoppen voor péage: één keer 27 ZAR, de andere 8 ZAR en de derder 6.50 Zar. Dat betekent samen 41,50 Zar, een vier Euro. Als ze daar de volledige route kunnen onderhouden awel, chapeau dan. We komen ook twee keer wegenwerken tegen, werken is wel een groot woord. Één is er bezig en er staan dan een stuk of vier vijf man te zien hoe die ene het werk doet. Soms zijn ze ook geen van allen aan het werken, maar staan ze met een hoopje bijeen om wat te praten en wat onnozel te doen. Hoe die autostrades hier gekomen zijn is ons niet duidelijk, maar waarschijnlijk is dat een 100-jaren plan geweest. Alles gaat hier zo immens traag: wij hebben zelf ondertussen ook ons tempo laten zakken, dus no problem. We naderen na een twee uurtje de stad Durban, het wordt drukker, er staan meer huizen en er zijn meer fabrieken en dergelijke. We komen normaal weinig of niks tegen, maar hier is het terug een beetje bewoonde wereld.

We gaan Durban gewoonweg voorbij en rijden verder richting Scottburgh, Umkomaas moet daar ergens wat kilometers verder zijn. We vinden de afslag zonder problemen en met de wegbeschrijving van de site is het geen probleem de B & B te vinden: Agulhas House is ours the next days. De poort is dicht en we bellen even met de telefoon om te laten weten dat we aangekomen zijn. Even een grote verrassing van de gastheer, want hij had ons pas morgen verwacht. Hoe kan dat nu? En even nakijken, en inderdaad we moesten geen twee nachten, maar drie nachten in Saint Lucia of Hluhluwe blijven en we hebben daar maar twee keer geslapen. Tja da’s eens wat anders. We waren al verrast dat die man ons niet verwachtte, maar wij dachten dat hij mis was, neen dus. We zullen iets te relaxed zijn en onze eigen planning niet meer kennen zeker. Hij maakt er geen probleem van dat we een dag meer zullen blijven, dus da’s OK.

Hij belt direct naar Blue Vision om morgen te duiken en dat kan ondanks de slechte weersvoorspelling, want ze hebben hier al wat gekregen de laatste dagen en weken. In Kaapstad waren er golven van tien meter hoog, dus om te duiken niet echt ideaal. Morgen duiken ze wel, dus we moeten er zijn tegen 07:00 en om 08:00 duiken we. Cool. Anders had het overmorgen misschien niet gelukt en als het dan toch nog een extra dag lukt, dan doen we die duiken misschien ook en betalen die extra. We zetten ons even rustig neer en gaan dan een stapje in de wereld zetten. Het waait erg hard, de zon schijn slechts heel weinig en de temperatuur is een beetje gezakt. Niet het beste weer dat je je kan inbeelden. We wandelen eens naar Blue Vision, maar daar is niemand; de rest van de stad staat ook in het teken van duiken, want er zijn al wel 5 duikcentra. We vinden twee restaurantjes om eens te proberen en drinken al iets bij Sabastians, vlakbij duikclub The Shoal. Twee Castles en een tonijnsla en een hamburger. Qua fastfood is het hier al vlotjes gegaan, niet echt gezond, maar wel lekker.

We lopen na onze lichte lunch verder naar de zee, maar daar is het niet vol te houden, want die staat zo ruw en is zo onvoorspelbaar en het is er ook fris, dat we er niet blijven, maar terugkeren naar onze B & B en daar iets drinken op ons terras. We hebben een erg goede kamer, we vermoeden de beste met zicht op het zwembad. We blijven dan wel een dag langer, maar we moeten ook nog het een en ander vinden om ons te amuseren, want hier zitten te zitten is niet echt OK qua verlof. We zien wel wat het wordt. Morgen al duiken, dus dat kan al niet stuk. We kijken wat TV, rusten een beetje, kijken nog wat TV en rusten nog een beetje. Dit wordt een dagje verplaatsen en lekker niks doen. En dat is nog eens niet zo slecht. We gaan niet meer buiten om te eten, want we hebben helemaal geen honger eigenlijk. Deze middag een hamburger van jewelste met een tonijnsla met als gevolg dat we geen honger meer hebben. Timo moet snel nog even naar de overkant van de straat voor een paar Castles van de liquor store. Voor een paar randjes koopt hij twee pakjes van zes, dan komen we wel nog even toe. We drinken wat en kijken nog wat naar de TV. Ze geven eerst de film Chuck waar we nog een dik half uur van zien en dan is het CSI Miami, leuk om de dag af te sluiten. Tegen half tien liggen we in ons bed.


Woensdag 28 oktober 2009: Duiken op Aliwal Shoal

Wekker loopt af om 06:00, maar we zijn al wakker en maken alles in gereedheid om te gaan duiken. De schuimtoppen op de zee gisteren zijn nu verdwenen en de golfslag aan het strand lijkt ook veel minder dan op Island Rock. Het ziet er allemaal veelbelovend uit. We krijgen ontbijt vlakbij het zwembad: een mooie tafel met drie soorten cornflakes en dergelijke, een hele kom vers fruit, enkele kleine (al 10 dagen vervallen) yoghurtjes, koffie, een croissant en een muffin. Echt heel lekker en niet te zwaar zodat we straks perfect kunnen duiken. Om 06:45 zijn we dan ook weg met pak en zak naar het duikcentrum Blue Vision iets verder in de straat waar we logeren. Het is helemaal niet ver dus dik OK.

We komen er aan en stellen ons voor, zeggen dat we eigenlijk morgen pas hadden moeten duiken, maar dat is geen enkel probleem. Wij zijn de enigen die duiken vandaag onder begeleiding van een divemaster (jonge gast) en een assistant instructor (iets ouder meisje met dikke kont), een koppel. We krijgen eigenlijk heel weinig informatie over wat we gaan doen. Als we erachter vragen krijgen we wel voldoende antwoord, maar je moet steeds vragen als je iets te weten wil komen. Helemaal iets anders dan Mokarran in Rocktail, want daar kreeg je info genoeg. We krijgen onze pakken: het pak van Timo was de hals helemaal verduurd en de knieën lagen volledig open; veel isolatie zal dit niet meer geven. Bij Eef is het iets beter, alleen wat uitgerekt op enkele plaatsen. Timo heeft ook twee kleuren van vinnen, fluo rose en groen, we willen de opper-gay van Lesbos, Jurgen, toch op een of andere manier overtreffen.

Wij dus weg met de auto naar de monding van de Umkomaas. Dat is wel handig gezien; ze kunnen hier de boten klaarleggen, alle materiaal erin laden en dan de duikers opladen vanop een makkelijk bereikbare plaats: dat is wel heel goed geregeld. We doen de lifejackets aan en varen een tien minuten naar onze eerste duikplaats.

Stop! Put your fins and masks on! Be ready! We luisteren gewoon zonder te weten wat er aan de hand is. De assistant instructor, die volgens ons gewoon meeduikt zonder meer laat ons weten dat er ergens een whaleshark gespot is. We zien iets verder ook al staart- en rugvin boven de oppervlakte en zien dat het een grote vis is van ongeveer een 6 meter, maar voor een walvishaai is dit eigenlijk niet zo groot. Wij dus het water in, vlak voor de haai zijn neus en Timo ziet hem recht op zich af komen, kan net geen foto maken, maar geniet gewoon van het zicht op zich. De haai zwemt naast ons, we zien hem eigenlijk best moeilijk, want het water is heel groen en vol vetzakkerij. Je moet best serieus doorpalmen om hem te volgen en hij heeft precies niet zo veel last van de golven en wij wel. Allemaal wel een heel mooi zicht; hij draait zich een beetje en komt terug naar ons toe, maar dan is het gedaan en zwemt hij terug weg. Als gewone sterveling moet je echt bangelijk goed kunnen snorkelen en een schitterende fysiek hebben om een walvishaai te kunnen volgen, maar wel een bangelijk ervaring. Daar wachten we toch al even op.

Iedereen klautert na tien minuten terug aan boord en dan stoppen we opnieuw deze keer voor een groepje dolfijnen, ook schitterend, maar nu snorkelen we er niet mee. Het is nu straight naar de duikplaats en we maken ons klaar om uit de boot te springen, een veredelde zodiac (zij noemen het een duck). We krijgen onze vesten aangereikt, doen die aan, we zetten maskers op, doen onze vinnen aan en moeten dan klaar zijn. We zijn echter niet helemaal OK wanneer we al moeten springen, maar doen het toch. Timo heeft last met zijn vest want de inflatorslang was niet goed meer aangesloten. We hebben het allebei nagekeken voor we vertrokken en dan was alles OK. We vinden het raar dat dan ineens de aansluiting niet meer in orde is. Timo is al onder, maar Eef heeft het moeilijk, want ze is niet op haar gemak. We komen dus allebei naar boven. Ondertussen zijn we wel al wat afgedreven en de skipper probeert met zijne stomme kop ons te slepen. Dat lukt natuurlijk niet ah neen dat had ik zo ook wel geweten.

We klimmen terug aan boord en wachten even op de andere twee; die zouden tamelijk snel moeten komen, maar het duurt toch wel een kwartier eer ze er zijn. Tja goed de duik geleid divemaster! Hij had nog niet eens door dat wij niet mee waren. Even tot rust komen en we proberen het opnieuw bij Raggies Cave. Hier is een kleine grot met links en rechts twee gleuven, ingangen zogezegd en daar gaan we vlak voor liggen en even kijken naar de raggies. Deze keer lukt alles wel OK, we geraken vlotjes beneden, hebben soms wel wat last van de surge en de stroming, maar al bij al valt het nog mee. Elke van ons wordt wel eens tegen de rotsen geslagen, maar het beste is je gewoon door stroming en surge laten meedrijven. We vinden de raggies snel en er zitten er een stuk of vijf zes in de grot, schitterende beesten. Ze trekken zich eigenlijk niks aan van ons en gaan gewoon langs ons wegzwemmen. Eef gaat ervoor uit de weg en dan komt er een direct recht op Timo afgezwommen, maar geen probleem, rustig blijven en gewoon de beestjes laten doen. Dit was wel een hele grote, want die mat wel een 4 meter, da’s al de moeite. We duiken nog wat over het rif zonder koralen, maar met veel rotsen.

Er groeien heel wat andere dingen hier, veel anemonen, de voet hangt aan de rots en een lange beweeglijke steel en aan het uiteinde de tentakels, eens wat anders en heel mooi. De rotsen ook zijn op enkele plaatsen mooi begroeid en wel drie of vier naaktslakjes kruipen hier rond. In de stroming is het niet makkelijk alles onder controle te houden en op enkele smalle doorgangen staat er effectief wat stroming. Af en toe komt er nog eens een raggie aanzwemmen en enkele scholen snappers zwemmen hier ook rond. Een kleine boxfish en wat angelfish. Het zicht is niet zo goed, het water ziet precies een beetje groentjes en dat hangt blijkbaar af van de windrichting. Koud is het ook: Eef heeft het frisjes al na 15 minuten, Timo heeft pas de laatste paar minuten kou, temperatuur is slechts 18°.

Na 40 minuten begint onze divemaster Glenn stilletjes naar boven te gaan en we doen onze safety stop. Alles OK na drie minuten en dan kalmpjes naar boven. Lood afgeven, camera, duikbril, BCD en dan zelf aan boord klauteren. We beslissen om geen tweede duik meer te doen, want het is veel te koud. Timo mag alleen met de divemaster nog duiken, maar doet dat liever niet. De skipper zegt dat hij een grote manta ray heeft gezien, maar kan die na een paar minuten niet terugvinden. Dan maar back home. We stappen uit aan het strand van de rivier en stappen de pickup in en rijden terug naar het dive centre. We moeten weer alles vragen wat we met het materiaal moeten doen en krijgen eigenlijk niet echt vragen hoe de duik was. Qua gebrek aan interesse kan dit wel tellen, maar dat was de algemene indruk wel. Het interesseerde hen niet echt of we nu doken of niet en of we het nu leuk vonden of niet, een algemeen gebrek aan service. Wij hebben toch een toffe duik gehad, dat is het belangrijkste.

We stappen terug naar onze kamer, douchen ons, drinken een pintje en gaan dan nog eentje drinken bij Sabastians. We eten terwijl ook iets kleins: pasta met room, spekjes, paprika en ajuintjes (T), toastie tomaat en kaas met frietjes en sla met een halve liter Castel draught. We vragen daar even de weg naar Rocky Bay, want we willen even naar het duikcentrum Blue Wilderness waarmee we vrijdag zullen duiken. We willen toch eerst even met hen gaan praten. We vinden de weg goed, ongeveer een 20 minuutjes rijden en doen een klapke met de twee mannen. De ene geeft veel info, laat foto’s zien van enkele duiken en van enkele dieren. Ze hebben er zelfs enkele een naam gegeven. Cool! Toch wat meer op ons gemak rijden we terug naar huis, zetten de auto achter het hek van Agulhas House en gaan even internetten. De enige die geantwoord heeft op de vorige mail is de Ju, dus we schrijven iets terug.

Dan is het al een uur of 5 en tijd voor een pintje wegens dorst. We zijn vlakbij Sabastians dus gaan daar iets drinken, een pint of twee elk en dan beslissen we hier niet mee door te gaan maar iets te eten. We nemen line fish (dorade) met enkele shrimps in look (T) en een stukje vis hake met verse calamari-steak (Eef). Timo is het bier een beetje beu en drinkt wat bacardi cola en krijgen een rekening van 350 ZAR, omgerekend zo’n 32 Euro, daar kun je niet voor sukkelen. Tegen 19:30 komt er hier een gast zingen, we blijven nog 1 drankje en gaan dan slapen. We hebben vanalles meegemaakt vandaag en zijn best moe. Tegen half negen ongeveer liggen we in ons bedje en slapen direct in.


Donderdag 29 oktober 2009: Een dagje opvullen met game driven en niks doen

Vandaag ontbijten we iets later want we moeten er niet speciaal uit voor een duik of voor iets anders, dus tegen een uur of acht gaan we naar de ontbijttafel. Hetzelfde als gisteren, dus simpel maar wel lekker. Onze eerste missie van de dag is om uit te vissen wat we gaan doen vandaag, want we duiken niet dus we moeten iets anders vinden om onze tijd door te brengen. Onze landlord stel voor om eens een kijkje te gaan nemen in een privaat game park Tala iets voorbij Umbumbulu; we moeten er geraken via de N2 zoals we gekomen zijn en dan de tweede afslag naar de R603. Die volgen we drie kwartier en dan moeten we pijlen zien naar het park. Het klopt wat hij ons allemaal wijsmaakte. We rijden door en denken dat we er al voorbij zijn, maar dan ineens na iets meer dan een uur rijden in totaal zien we een pijl naar Tala Game Park.

We rijden de zand/slijkweg in en moeten 100 ZAR betalen. Hun policy is geen cash, enkel met betaalkaarten. Ze aanvaarden ze wel allemaal, maar we hebben enkel de bankkaart bij van Eef. We betalen die dus met de kaart, we zijn eens benieuwd hoeveel extra kosten we op die 10 Euro moeten betalen. We rijden binnen en zien dat er een verschrikkelijk slijkerige weg ons brengt naar de hippo hide en de bird hide: kleine huisjes om hier de hippo en vogels te  bespioneren. Op een paar wegjes kunnen we met de kleine Spark niet echt rijden, eerder glijden, dus die nemen we niet. Enkele meerkoeten zijn hun nest aan het bouwen, net als de zwaluwen, de aalscholvers en de slangehalsvogel. Een nijlpaard zien we hier niet, wel Egyptische ganzen en een paar ibissen. We rijden door het landschap, komen enkele zebra’s tegen, enkele giraffen grazen in de verte de bladeren van de hoge bomen.

We beperken ons tot de dikke lijnen op ons kaartje, want zelfs daar is het soms al een beetje glibberig, maar met de stuurmanskunst van Timo lukt het nog wel. Ineens stap een gnoe gewoon de weg over en stapt rustig het landschap verder in. Vier volwassen struisvogels lopen hier ook rond met een nest klein mannen, wel een tiental kleine chicks, die al groter zijn dan een gemiddelde kip. We rijden hier een dik uur rond en stoppen dan een in het restaurant om een koffie te drinken. Het weer is nog steeds niet aan de beterhand, het waait erg, is zelfs een beetje aan het regenen en de wolken zien erg grijs, geen enkel stukje zon of zelfs geen stukje blauwe hemel. Hier net ten zuiden van Durban is het weer erg slecht. We kunnen de koffies niet cash betalen, dus gaan wederom met de bankkaart moeten betalen, mastercard had hier beter geweest.

We zien nog een kudde gnoes, een kleine kudde zebra’s, een antilope die we nog niet zagen met een witte bles op het voorhoofd, een nyala en een paar mooie vogels. Een visarend zit hier ook, maar die kunnen we niet echt dicht naderen. We volgen dan de bordjes naar de uitgang en rijden stilaan terug naar huis. Net op de grote weg zien we dat we een heel dik spoor slijk achterlaten en dat het slijk tot op het dak van de achterliggers spat. Dat zal Hertz wel leuk vinden. We rijden opnieuw een uur eer we terug in Umkomaas zijn en genieten onderweg van het wel degelijk mooie landschap.

We lachen een beetje met wat er hier allemaal langs de kant van de weg en later de autostrade gebeurt, want eigenlijk is dat toch niet normaal. De N2 heeft vier rijvakken met een berm ertussen en hierlangs zien we mensen wandelen, fietsen, zelfs kleine bakken op de grond zetten om fruit te verkopen. Ondertussen zijn we het al gewend dit te zien, maar toch blijft het af en toe verbazend wat hier allemaal kan. Op een bepaald moment ligt er zelfs iemand op rijn buik langs de autostrade met zijn hoofd op de pechstrook. Tja die zal zijn uitlaatgassen wel binnen hebben vandaag. Wanneer we in Umkomaas zijn gaan we een pintje drinken bij Sabastians en eten een slaatje tonijn en een toastie met kip en kaas. Het is een beetje frisjes dus we blijven niet te lang zitten, maar gaan terug naar de kamer en overleggen wat we overmogen gaan doen. Het weer is nu toch niet OK, dus we kunnen evengoed al iets nuttig doen: pintjes drinken, plannen maken, foto’s backuppen en verslagjes maken.

We kijken wat TV en bespreken even waar we eventueel in Drakensberge naartoe kunnen en kijken al een beetje vooruit naar onze shark dive van morgen. Eef met serieus wat zenuwen en Timo eigenlijk ook wat, maar die geeft het niet toe tegen Eef. We blijven wat in bed liggen en beslissen tegen een uur of zes toch nog iets te gaan eten. Het is al aan het schemeren wanneer we vertrekken en gaan direct naar Sabastians, bestellen cola, bacardi cola en twee kleine gerechtjes: scampi en vegetarian dish. Dan nog een bacardi, die eigenlijk J&B is maar dat lust T ook. Na het eten nog een glasje rode wijn en een gin tonic en dan naar huis. Het is heel donker op straat en er is niemand te bespeuren. Het is zo stil dat het zelfs eigenlijk een beetje creepy is, maar we zijn binnen de paar minuten thuis, dus we trekken er ons niks van aan. We kijken nog een film: There’s something about Mary met verschrikkelijk veel reclame ertussen, maar we kijken dan ook naar E-TV, de Zuid-Afrikaanse commerciële omroep. Tegen half elf is het bedtijd, film gedaan en al goed dromen over haaitjes en dergelijke voor morgen.


Vrijdag 30 oktober 2009: Shark Day in Rocky Bay

We zijn na een onrustige nacht voor allebei al wakker om iets voor vijf; we denken dat dit toch een beetje te vroeg is want we moeten pas tegen half acht in Rocky Bay zijn. We slapen nog wat en zijn nog wat wakker en uiteindelijk is het half zeven wanneer we alles beginnen bijeen te pakken en klaar zijn voor het ontbijt. Gewoon een licht ontbijt, een croissant, een beetje fruit en wat koffie en een yoghurtje (ondertussen al bijna 2 weken vervallen). We leggen alles in de auto en vertrekken op tijd naar Blue Wilderness, waar we eergisteren ook even naartoe zijn geweest. Nu weten we de weg al perfect en komen er goed op tijd toe. We zijn er als eerste na James onze divemaster natuurlijk, maar blijkbaar gaat er nog iemand mee, een Zweed, Fred. Ze hebben die opgehaald in Umkomaas en komen iets na ons toe. Die kerel heeft een serieuze camera en hoes mee en verkoopt zijn foto’s aan magazines en websites en dergelijke. Daar moeten wij toch wat beter voor worden eer we dat kunnen.

We proberen onze pakken en vesten en zijn op een dik half uur al klaar om te vertrekken, maar het gaat er rustig aan toe en we drinken nog een kopje koffie en eten een koekje. Dan gaan we naar de boot, al onze spullen liggen er al in en we kunnen weg. Dat denken we tenminste. Het duurt zeker meer dan tien minuten eer de skipper door de golven kan breken, want het is eb en hij wil niet vastlopen op een zandbank. De eerste golf OK, de tweede ook OK, maar dan zien we de derde afkomen en denken, not OK. En inderdaad niet OK, de golf komt gewoon volop in de boot en spoelt zelfs een boei met het anker mee. Tja wat nu gedaan, want ze hebben het anker wel echt nodig nu. Even terug en dan gaat James maar al snorkelend het anker halen uit de branding, eigenlijk gewoon zottenwerk, want we zien hoe hij tegen de rotsen wordt geslagen. Een kwartier later komt hij terug aan boord zonder anker, dus straks improviseren.

We zijn net uit de branding en zien een groep bottlenose dolphins passeren, die lijken niet echt last te hebben van de branding en de golven. Het is moeilijk ze hier te fotograferen, dus we laten ze voor wat ze zijn en varen naar onze eerste duikstek: Cathedral, die waar we de vorige keer niet geraakt zijn. Eerst de wastrommel met een geïmproviseerd anker loslaten zodat de blacktips en de tigersharks kunnen komen. Ze doen wat lood aan een touw van 30 meter en laten dat zakken met een boei en de wastrommel met vis en visafval op een diepte van 6 meter. Dan voor echt verder naar de eerste duikplaats. Nu lukt alles perfect, geen problemen om onder te geraken en terug boven, we worden op vier meter al verwelkomd door een blacktip en zakken helemaal naar beneden tot 27 meter. Daar is een grote boog waar de raggies in en uit zwemmen. We laten wat lucht uit ons vest en leggen ons op de zandbodem en kijken gewoon naar de raggies die in en uitzwemmen. In totaal zitten er in cathedral wel 12 raggies, een potato-grouper, die we niet zien en een hele school kleinere visjes. Ook een paar wieren zijn echt mooi hier en de stroming is niet erg sterk. We kunnen gewoon blijven liggen. Meer is er hier ook niet aan en na 20 minuten maakt James er een einde aan. We zaten ook al heel dicht tegen onze nultijd, nog 2 minuten op 27 meter, dus naar boven en duik stoppen.

We wisten op voorhand dat de eerste duik niet echt lang zou duren, dus geen probleem. Anders zou het veel te laat in de namiddag worden eer we terug zijn. We doen onze safety stop en gaan dan aan boord. Dezelfde blacktip komt ons nu uitwuiven en na een half uurtje is onze eerste duik van de dag over. En dit was dik OK: die raggies zien er angstaanjagend uit, maar ze laten de duikers helemaal met rust. Dan zetten we terug koers naar de ‘bait’. Onderweg komen we opnieuw dolfijnen tegen, een groepje van wel dertig dieren. Iets verder komt een schildpad aan de oppervlakte voor enkele minuten ademen, dat is ook altijd een mooi zicht. Na tien minuten komen we aan waar de rode boei ligt en maken we ons klaar voor onze tweede duik. We zijn nu iets van een 40 minuten boven, dus we kunnen perfect verder met onze volgende duik.

Ze gooien wat sardienen in het water en we zien direct een vin of tien vijftien uit het water, het krioelt hier nu van de haaien, blacktip reef sharks en dusky sharks, in totaal zijn er wel een stuk of dertig hier in de buurt. Als ze beginnen te vechten is het wel even shit, wat is dat allemaal, maar ze verzekeren ons dat het allemaal best veilig is. Yeah right denkt Eef, hier spring ik voor geen geld van de wereld in. We doen toch alles aan en maken ons klaar voor de duik. Dan ineens wordt Timo bleek en blauw en andere kleuren en moet boven de rand van de boot gaan hangen. Een beetje zeeziek van de golven en het heen en weer gedoe: we zitten uiteindelijk toch al meer dan drie uur op de boot of in het water. Na vier of vijf keer alles eruit laten komen is Timo terug de oude en is klaar om erin te springen. James en Frederick zitten er al in en wachten niet op ons. De skipper laat ons te water en dan komt James Eef helpen tot Timo ook in het water zit. Iedereen klaar om te zakken. Heel erg de angst voor haaien overwonnen van ons en nu zitten we tussen een hele zwerm blacktips. Zakken tot 5 meter en daar ter hoogte van de wastrommel blijven hangen, Eef met haar rechterarm in Timo’s linkerarm vastgehaakt en zo haaien kijken.

Ze komen echt wel dichtbij, soms tot op een halve meter, maar dan zie je pas hoe elegant de dieren zijn en hoe sierlijk en hoe mooi. Van zo dicht bekijk je het helemaal anders. We proberen onze diepte wat in het oog te houden, maar dat is niet gemakkelijk, want de haaien schieten ons om de oren en natuurlijk wordt een mens daardoor afgeleid. Soms botst er zelfs een haai tegen onze vinnen, maar na de eerste paar keren kijkt een mens daar niet meer van op. Eef begint zelfs te genieten van de haaien om zich heen na een paar minuten, maar even later wordt het haar een beetje te veel, vooral het aantal haaien wordt te veel en te onoverzichtelijk. Voor ze in paniek raakt wil ze eruit en dat is misschien een slimme beslissing. James snorkelt met ons en begeleidt Eef perfect naar de boot en kijkt dan toe op Frederick en Timo hun veiligheid. Alles in orde? Yep, dik OK. Timo heeft een paar woordjes nodig en gaat dan alleen het donkere avontuur tegemoet. Wel héél erg moedig van Eef dat ze meeging want ze had er al twee dagen van gedroomd en nooit gedacht dat ze effectief zou springen. Ze verklaarde zichzelf dan ook voor gek toen ze sprong ... Maar weeral een grens verlegd!

Op vijf meter hangt Timo naast de trommel met Frederick in de buurt en James die af en toe komt kijken of alles wel OK is. Dat is een goede begeleiding en niet zoals eerder deze week bij Blue Vision, die divemaster heeft niet 1 keer gevraagd of we OK waren en James deed dit al bij de eerste duik en nu ook weer een paar keer. Timo geniet volop van de haaien en de duik op zich en probeert steeds op 5 – 6 meter te blijven en neemt wat foto’s van de haaien rondom hem. Een schitterend gevoel, tussen die wilde dieren en die beesten doen eigenlijk niks. Dan komt er een paar keer een blacktip met een vishaak in de zijkant naar Timo en dat doet wel wat vies. Die haai zijn bakkes is helemaal scheef getrokken door de haak en je ziet constant zijn tanden en het zicht is niet echt OK daardoor. Dus Timo heeft het ook bekeken na een half uurtje, maar we zijn wel een schitterende ervaring rijker.

Terug op de boot wachten we even tot de andere twee ook terug boven komen en klaar zijn om huiswaarts te keren. Op een half uur zijn we er en nu is het makkelijk om de boot te beachen, want het is hoog water. De rotsen langs beide kanten zijn niet meer zichtbaar en we geraken zonder veel problemen aan land. Er liggen twee winchen klaar en zo wordt de boot helemaal op het droge gebracht. Wij nemen onze camera’s mee en kunnen ons al gaan douchen. Het hete water doet heel erg veel deugd, want er zijn maar een paar blauwe plekjes geweest vandaag tussen de grijze wolken, maar da’s beter dan niks. Nu is het stilletjes aan het regenen en het stopt ook af en toe. Na de douche krijgen we een certificaat van het dive centre en we rijden terug naar Umkomaas. Daar moeten we eerst iets eten, want Timo heeft niks meer in zijn maag. Een hamburger en twee Castle draught voor slechts 66 ZAR. Dan keren we terug naar Agulhas House en schrijven onze logboeken en de verslagjes en bekijken de eerst foto’s. Er zijn er veel slechte bij door het slechte zicht, maar ook enkele bangelijke shots. Bij Cathedral was het zicht tien meter en tijdens de sharkdive slechts een meter of vijf.

We rusten een beetje uit, zitten wat op ons terras en genieten gewoon van het feit dat we nog op verlof zijn. Dat is vanaf volgende week ook gedaan, dus genieten nog maar. Dan begint Eef al volle bak in te pakken. Timo legt zich een beetje op zijn bed, maar slaapt niet. We willen niet te laat gaan slapen, dus we gaan al op tijd eten. Tegen een uur of zes hebben we eigenlijk nog geen honger, maar we gaan al een aperitiefje drinken en een uurtje later bestellen we toch al ons avondmaal: kippeschnitzel en fettucini. Het smaakt hier bijna allemaal hetzelfde en na een dikke twee weken hotelfood en restaurantfood tracht een mens naar iets normaals. We drinken wat bacardi cola en gin tonic en na het eten gaan we slapen. Nog eventjes wat slechte TV kijken: ‘Noot vir noot’, een typisch vrijdagavond muziekprogramma, dan even Rocky V, maar we houden het niet vol en gaan tegen half tien slapen na een dag vol emoties.


Zaterdag 31 oktober 2009: Verplaatsing naar en wandeling in Drakenberge

We zijn wakker door een mooi ochtendzonnetje rond een uur of vijf, slapen nog door tot iets na zes en beginnen de handbagage en de grote rugzak in te pakken. De handbagage is al een normale bedoening, alles heeft al zijn plaatsje, heel makkelijk. De grote rugzak duurt iets langer, maar tegen iets na zeven zijn we klaar. We zetten ons op ons terras voor een thee en een koffie en genieten van het zonnetje, het is een hele mooie dag. Natuurlijk weer de dag dat we ons verplaatsen, maar beter dat dan regen en donker. De zee heeft er geen voordeel van want er is veel wind en duiken was niet mogelijk geweest. We nemen ons ontbijt, betalen die extra dag die we hier te snel waren aangekomen (740 ZAR) en nemen afscheid van Umkomaas. Met gisteren en perfecte afsluiter is het hier nog dik OK geworden, we hebben ons hier echt heel erg goed geamuseerd.

Snel de Spar nog eens binnen voor water, cola en deo voor Timo en dan de N2 op richting Durban. De eerste stop even tanken, want de tank stond al voorbij het laatste streepje. De eerste keer kon er dan 220 ZAR in, dus we vragen 200 en die kerel krijgt er maar 150 in; een klein beetje een boechelaar, want we zijn nog maar een half uurtje verder en er is al een kwart uit. Dat is helemaal niet volgetankt hé. Binnen dat half uurtje zijn we in Durban en zien daar de Indische Oceaan voor de laatste keer: goodbye, see you next time! We nemen in Durban de N3 richting Pietermaritzburg en hier staat Johannesburg 558 km aangeduid, da’s nog een heel eind, dus daarom dat we in Drakensberge nog eens een stop willen doen, dan is het de laatste dag niet zo ver meer.

We rijden en rijden en de zon schijnt de hele tijd, heel erg fel zelfs in de auto en dat maakt het erg heet op sommige momenten, maar we weigeren om de airco op te zetten, nog wat zon en warmte opnemen om de Belgische winter door te kunnen komen. We stoppen na een paar uur bollen in de buurt van Estcourt, maar dan was het eigenlijk niet echt ver meer, maar ja, een pauze met een koffie is altijd welkom. De afslag naar Bergville staat dan aangegeven, de R74 en die moeten we hebben want we willen in de buurt van Winterton slapen. Dan kunnen we makkelijk zowel de Centrale als de Noordelijke Drakensberge bezoeken. We volgen die weg zo’n 20 km en komen aan in Winterton. We vragen in Swallows Nest B&B, in Lilac House B&B en in het hotel naar plaats en nergens is er nog iets beschikbaar voor twee nachten: blijkbaar is er vanalles te doen hier vandaag en morgen, dus nergens is nog plaats. Cathedral Peak is één van de plaatsen die we wilden bezien, dus we beslissen om daarnaartoe te rijden.

Op de 40 kilometer van Winterton naar Cathedral Peak doen we zo’n drie kwartier, maar we genieten van een schitterend uitzicht de hele tijd. Wat we nu zien van Drakensberge is al schitterend, prachtig landschap. We klimmen en we dalen langs kleine baantjes en langs kleine riviertjes. Aan een hele smalle brug hadden we eigenlijk even moeten stoppen, want daar is de hele vrouwelijk Afrikaanse gemeenschap in de rivier hun was aan het doen. Twee jongere meisjes staan met een langs koord rond de nek om er de was aan op te hangen tot die droog is. Een geluk dat het mooi weer is – nog steeds – want anders zou het iets te lang duren. Iedereen loopt met was heen en weer propere en vuile. Dan komen we aan de ingang van het natuurpark van de Noordelijke Drakensberge en moeten eigenlijk inkom betalen. We zeggen dat we in één van de hotels willen logeren, maar dat we geen reservatie hebben. Ze laten ons erin en zeggen dat we mogen gaan kijken en dat we als we niks vinden moeten terugkeren en het geld alsnog moeten betalen. Cool.

We rijden naar Didima en vragen daar of ze nog plaats hebben voor twee nachten. Dit hebben ze precies nog nooit meegemaakt, twee mensen die niet gereserveerd hebben, maar toch eens komen kijken. Ze hebben kamer met keuken voor ons, nummer 39A, ziet er erg goed uit. Het is allemaal een beetje duurder dan we op voorhand hadden gewild, maar ja, de omgeving tussen de bergen is echt schitterend en dat is onbetaalbaar. Snel alles in de kamer leggen en dan iets klein eten: toast met kaas en tomaat en een calamari basket met twee Castle: lekker en niet te zwaar.

Dan doen we al direct een wandelingetje. Er liggen hier kaartjes met de mooiste wandelingen en punten in en we volgen Rainbows Gorge een mooie kort wandelingetje van drie uur, die we inkorten tot 2.5 uur. We wandelen met onze bergschoenen tot boven, daar splitst de weg zich en wij gaan naar links, het minst steile gedeelte. We gaan omhoog en omlaag door hoog gras en dan verandert het tot een landschap met wat meer struiken en ineens wordt het vochtiger en worden de bomen groter, het lijkt bijna een tropisch regenwoud, zo groen, zo hoge bomen en lianen en dergelijke. Het is veel frisser, maar dat is OK, want in het begin van de klim was het erg steil en was het zweten geblazen. We bereiken een kleine waterval en daar beslissen we om te keren en terug te gaan naar onze kamer. We willen vermijden dat we hier in het donker terug moeten keren, want dat zou niet zo leuk zijn. Plus we hebben onze namen niet opgegeven dat we zijn gaan hiken dus ze komen ons niet zoeken als we verloren zouden lopen. We doen er ongeveer even lang op tijdens het terugwandelen en we zijn zo’n twee en een half uur weg. Dan is het tijd om wat verslag te schrijven en wat uit te rusten, want we hebben nu al genoeg inspanning gedaan.

De bavianan lopen hier gewoon rond op het domein en we zijn keer op keer verrast wanneer we er enkele tegenkomen. We zijn ook verrast wanneer we rondkijken, want we zien hier op een paar hele hoge pieken die op sommige momenten zelfs besneeuwd kunnen zijn. Het landschap is hier erg groen, maar erg prachtig door de bergformaties en zeker als de zon er haar stralen op laat schitterend. Na terugkomst is het weer niet echt zonnig meer, maar komen er over de hoge pieken wolken aandrijven en die zullen voor wat regen zorgen. Dat gebeurt echter nog niet, het wordt wel stilaan donker en we kijken wat TV en maken ons klaar voor het avondeten.

We nemen eerst een slaatje en dan wat wok, chicken with vegetables en we drinken er een lekker flesje rode wijn bij. Onze laatste stop mocht wel iets zijn vonden we, dus we nemen het er nog eens goed van want het is bijna gedaan. Eef neemt nog een vlammeke als desser, maar Timo laat dat aan zich voorbij gaan. Wijn op en terug naar de kamer bij een volle maan die af en toe achter de wolken verdwijnt, dan nog enkele minuten TV zien en gaan slapen. Al bij al was het weer vanalles vandaag en zijn we blij dat we kunnen gaan slapen.


Zondag 1 november 2009: Wandeling naar Bushmen’s paintings

Een heldere hemel met veel blauw en veel zon ontvangt ons om een uur of vijf. We blijven nog even liggen, maar tegen zeven is het al veel minder. Er komen overal wat wolkjes over de bergen en eigenlijk is er niet veel zon meer. We regelen toch zonder ontbijt te nemen een hike naar de grotschilderingen iets verderop. Dat lukt tegen 200 ZAR en we worden om 08:20 weggebracht naar het Cathedral Peak Hotel en daar begint met gids de wandeling. Eerst gaat het over een gebetonneerd pad en we denken dat dit wel OK is als dit zo verdergaat. Natuurlijk stopt dit pad wanneer we buiten het hoteldomein zijn.

Van hier gaat het langs en over het riviertje en zien we goed de mooie bergformaties van Drakensberge. Het is hier ongelooflijk knap, met achter ons de Cathedral Peak en The Bell, een rots in de vorm van een klok. We stappen zo door het groene landschap van kleine boompjes en varens en cycads en bereiken zo na een klein uurtje Doreen Falls. De rotsen zijn hier hard van boven en daarover stroomt het water en ze zijn zachter beneden en daarop staan de rotsschilderingen op hogere hoogte. Vanaf de falls is het nog maar een kilometer steil naar boven; we maken één tussenstop op een overhangende rost en kunnen zo even genieten van het prachtige berglandschap. Iets verderop is nog een waterval en boven op de hoge bergen zie je het water naar beneden stromen. Dat lijken gewoon blinkende stroompjes die langs de rand naar beneden komen. We bereiken nog even later de grot die we moeten hebben. Het is niet echt een grot, maar gewoon overhangende rots en daaronder hebben ze de tekeningen gemaakt.

De bushmens maakten de schilderingen met vet, olie en klei of bloed naargelang van de kleur die ze moesten hebben. Ze beelden dingen uit het dagelijkse leven af. Zo staan er kinderen op die spelen, een sjaman die zich een impala of zoiets voelt en ook enkele mannen die vluchten voor een luipaard. Het is niet echt groot, want de grotere schilderingen zijn niet voor het publiek bereikbaar, die zijn volledig onder conservation van Didima en zijn enkel toegankelijk voor wetenschappers. Deze zijn door water en wind en regen al een beetje aan het vergaan en dat willen ze vermijden door de andere te beschermen. Onze gids Khudu vertelt vanalles over de schilderingen en ook over wat er in de bergen te zien is. Heel leuk is dat echt. De wandeling naar de grot is de laatste momenten echt heel erg steil we komen wat op adem en kunnen dan onze terugweg aanvatten. Naar beneden gaat met iets minder inspanning, maar is iets lastiger voor de knieën. We zien een paar mensen ook met gids naar boven komen en die zijn echt miniem vanuit de hoogte. Wanneer wij beneden zijn, zijn zij boven en zien we kleine vlekjes, maar kunnen nog net zien dat het mensen zijn.

Zonder dralen, maar wel genieten van de wandeling keren we terug naar het hotel en daar worden we met de jeep teruggebracht naar ons eigen hotel. We mogen eerst nog even kijken naar een maquette van Drakensberge en rondneuzen in de curio shop. Een paar minuten later zijn we terug op onze kamer, trekken shorts aan, want de zon is er de hele ochtend goed bij en gaan iets eten. Deze ochtend hebben we geen ontbijt genomen, dus lunch gaan we nu zeker niet overslaan. We nemen een toast met kip en een sla met kip en drinken er een Castle bij. Dan is het tijd voor een siësta in de kamer met zicht op de Drakensberge zelf, echt een schitterende locatie, niet te schatten.

We nemen het er nog van deze laatste momenten in Zuid-Afrika en genieten van de rust en de kalmte van de Drakensberge. We reserveren aan de receptie diner voor de avond en dan gaan we met de auto (ah ja zeker 15 minuten wandelen) naar de Didima Rock Art Centre. Daar kunnen we de geschiedenis bekijken van de SAN-people, dat zijn de originele bewoners van deze regio, maar het is niet veel soeps. Wat wel verrassend is, is dat de SAN ook rotsschilderingen maakten over grote vogels, vissen en bijenaanvallen. Door de duidelijke kenmerken van de tekeningen zijn de wetenschappers zelfs in staat geweest om de identificeren welke vissen en vogels het waren. Dan gaan we even internetten om te zien of de vluchturen veranderd zijn of niet en we kijken snel (traag eigenlijk, want de connectie hier is niet vet) naar onze laatste mails en bezoeken even onze site.

We keren na een klein kwartiertje terug naar de kamer en gaan wat TV kijken en een badje nemen. Het is heel erg smal, dus het is een na een om er in te kunnen. Eerst Timo, dan terug het water wat heter maken en dan Eef. Timo kan zijn T-shirt van Mokaran niet vinden en Eef denkt, tja lap, die kijkt gewoon niet goed genoeg, maar dan komt Eef uit bad en ziet dat haar T-shirt ook verdwenen is. Dat is al wat anders. Twee paar sokken en een boxershort zijn ook weg, maar dat is niet zo erg. De T-shirts van de dive centre dat heeft een diepere herinnering en we vinden het hel spijtig dat ze weg zijn. We zoeken alles nog eens extra af en laden bijna elke rugzak nog eens uit. Geen succes. Maar Timo laat het er niet bij en gaat naar de receptie van zijn oren maken. Ah ja. De kerel aan de receptie is echt  vriendelijk en roept de cleaning supervisor. Timo gaat mee en gaat zien wat er allemaal binnen gebracht is van vuile was sinds deze middag. Op het moment dat wij terugkwamen van de hike waren ze de kamer nog aan het schoonmaken, dus misschien is het per ongeluk meegenomen. NOT! Gepikt ja. We gaan terug, maken ons klaar voor het eten en zeggen aan de receptie dat we niks terug hebben. Die zegt dat hij zijn supervisor erbij wil halen en doet dat ook. Toevallig is dat de vrouw die ons deze morgen met de jeep naar het ander hotel heeft gebracht voor de hike, ze noteert alle gegevens en zegt dat ze een oplossing gaat proberen te forceren. Afspraak morgen om 08:00 aan de receptie of in de curio shop.

We bestellen een fles rode wijn: Hartenberg uit Stellenbosch, nemen een Greek salad en eten trout. Ondanks het diefstal-incident smaakt de forel met gewone patatjes echt wel lekker. Het sausje erbij is niet echt je dat, maar de forel is echt wel lekker, geen gewone, maar zalmforel, naar het schijnt hier zelf uit de Drakensberge. We nemen nog een tweede flesje wijn aan de bar en babbelen nog wat en lachen een beetje en kijken terug op een heeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeel mooie reis. We sturen ook een berichtje naar Roel, die de eerste keer in Egypte gaat duiken deze week en wensen hem veel plezier.


Maandag 2 november 2009: Vertrek uit Drakensberge naar Johannesburg en London

We slapen wat uit, want we zijn helemaal niet gehaast vandaag. We hebben een uur of drie vier te rijden en we moeten pas in Johannesburg zijn tegen een uur of vijf in de namiddag, want de vlucht is om 20:15. We haasten ons dus niet, maken op ons gemak de bagage klaar, drinken een kopje koffie op ons terras en douchen ons nog voor we naar het ontbijt vertrekken. We zetten alles al in de auto en rijden de 50 meter van onze parking naar de receptie. Het ontbijt staat allemaal al klaar en we nemen een omelet met alles (kaas, ui, tomaat, paprika, champi) en wat cornflakes met een koffietje en een fruitsapje. We zorgen dat we genoeg gegeten hebben, want het zal nog een tijdje duren eer we iets deftigs achter de kiezen hebben, waarschijnlijk tot morgen wanneer we thuis zijn.

Na het ontbijt gaan we naar Vioni om het een en ander af te spreken voor onze T-shirts. Ze belt eens naar de telefoonnummer die we haar geven, maar moet tegen 14:00 terugbellen want Michelle of Clive zijn niet in de duikshop; ze zijn waarschijnlijk op zee aan het duiken. Wij gaan er niet op wachten, maar we geven onze gegevens aan haar zodat ze ons kan contacteren. Haar bedoeling is om de T-shirts te kopen bij Mokaran en die te laten opsturen naar ons thuis. Of anders is het een goed maneuver om ons te laten denken dat we alles zullen krijgen. We willen het geloof in de mensheid niet verliezen, dus we zullen maar denken dat ze ter goeder trouw is. Vionie biedt ons ook nog aan om een T-shirt uit haar shop te kiezen om het goed te maken, die zijn duurder, dus ze denkt waarschijnlijk dat we het aanvaarden, maar het is belangrijker om die van de dive te krijgen als herinnering.

We hebben alles al ingeladen en vertrekken dan maar met de auto helemaal naar Johannesburg. Eerst de bergwegjes richting Winterton en afslagen naar Bergville, even stoppen om te tanken en daar richting Ladysmith om zo de N3 naar Johannesburg op te rijden. Het gaat vlotjes, we hebben tijd genoeg en hoeven dus niet door te vlammen, maar rijden gewoon 100 of 110 kilometer per uur. We hebben water meegenomen uit de ijskast in de kamer, maar dat smaakt een beetje raar, dus we stoppen bij de eerste de beste roadshop (Shell) om wat cola te kopen. We zijn al twee uur onderweg, dus we strekken even de benen en overleggen wat het beste is dat we kunnen doen, nu eten of nog wat wachten. We beslissen van nog een 150 kilometer verder te rijden en dan iets te eten.

Alles gaat goed, geen file en helemaal geen druk verkeer, dat is dik OK. Langs de autostrade zien we regelmatig wegenwerken, dat zorgt voor wat trager verkeer en we zien ook mensen liften vlak naast de weg. We passeren Van Reenen Pass, dat is een heel hoog punt en rijden door. We spotten regelmatig arenden en andere grote roofvogels en ook de typische kleine vinkensoort met het hele lange zwarte staart. Timo vindt dit dik OK. Na een anderhalf uur karren stoppen we om iets te eten. We nemen bij een Wimpy een hamburger menu en een cheeseburger. Het weer is schitterend, dus we eten het buiten op. Typisch fastfood, maar welkom, want we hebben al wat honger. Dan gaat het helemaal in één ruk naar de luchthaven. Op de N3 is OR Tambo International Airport al goed aangeduid, dus we vinden het zonder probleem. Ook de car rental drop off is goed met pijlen duidelijk gemaakt, dus we vinden het zonder problemen. Op het einde is Timo wel terug rechts van de baan aan het rijden, maar dat is niet erg, want vanaf morgen moet het terug.

We geven de auto af, ze kijken even raar, omdat die helemaal vol modder hangt, maar ze vinden het niet erg: ze moeten die toch kuisen. We zijn gestart met 429 kilometer op de teller van deze nieuwe auto en ondertussen staan er 3470 kilometer op, niet slecht gekard op zo’n korte tijd. We zorgen dat alles nu uit de auto is en geven de sleutel af. Alles OK en dan maar naar de vertrekhal, waar we moeten zoeken waar we moeten inchecken voor  Londen. Dat staat echter nergens aangegeven en Timo gaat eens kijken bij British Airways of die vlucht er wel nog is en waar we moeten inchecken. We moeten naar Terminal A en daar vinden we tamelijk snel waar ze inchecken voor BA 55 voor Londen. Dat gaat niet echt zo vlotjes. Blijkbaar is bij het veranderen van de vlucht van een ochtend- naar een avondvlucht wel het ticket van Timo aangepast, maar niet dat van Eef. Het duurt al snel een drie kwartier eer we verder kunnen, maar er zijn er voor ons die nog steeds iets aan het regelen zijn, dus we mogen niet klagen.

We stappen wat rond na de douanecheck en kopen sigaretten voor Patrik en Linda en een beetje water en wat kauwgum. We drinken een paar halve liters Castle (onze laatste hier) en genieten van het vertrek en landen vand e vliegtuigen. Dat zorgt er dan ook voor dat onze laatste ZAR op zijn en de sigaretten kunnen we betalen met MasterCard, da’s makkelijk. We veranderen twee keer van gate, van A30 naar A7 en terug naar A30. De tijd gaat dan ook tamelijk snel, want we blijven bezig en we kunnen al beginnen boarden op tijd zo rond 19:30. Als het zo vlot blijft gaan is dat goed geregeld. Maar dat kan natuurlijk niet allemaal goed gaan. We zijn al aan boord en de vlucht is blijkbaar helemaal overboekt en ze hebben ‘seating issues’. Dit zorgt voor een vertraging van bijna 50 minuten en we hebben in Londen maar 1 uur en 40 minuten om onze aansluiting te halen. Dat zal niet meer lukken vrezen we. Swat, dat zien we dan morgen wel. Nu krijgen we direct eten en drinken, we kijken naar “Slumdog Millionaire” en proberen daarna wat te slapen. Het lukt tamelijk goed, maar niet zo goed als in het vertrek.


Dinsdag 3 november 2009: Aankomst in Londen en naar huis

We slapen wat en rusten wat en zijn wat wakker en volgen de vooruitgang van de vlucht. Zo’n twee uur voor we in Londen aankomen, kijkt Timo naar CSI New York op de kleine schermpjes en dan krijgen we nog ontbijt voor we landen. Nog een uurtje en dan zijn we er en kunnen we naar Brussel. We landen om 05:55 en we moeten onze vlucht hebben om 06:55. We stappen uit, racen direct naar de connecting flights en daar staat iemand die ons naar de juiste gate dirigeert. Wanneer we echter aankomen bij het connections control center blijkt dat we te laat zijn om de vlucht nog te halen. Dan moeten ze ons overzetten naar de volgende vlucht en die is om 08:55, twee uurtjes wachten dus. Dat is niet veel, maar wel te veel als je al meer dan 11 uur op een vlucht hebt gezeten.

We kunnen er toch niks aan doen dus we volgen gewoon naar de volgende douanecheck, drinken een kopje koffie en wachten tot we zien welke gate we moeten hebben. Eef wandelt wat rond, doet de laatste pence op, op 1 na en Timo maakt het verslag volledig af, dan moet hij thuis enkel nog de laatste vlucht doen en is hij volledig mee. Uiteindelijk waren de laatste dingen van de reis de minst leuke: T-shirts gestolen en dan nog twee extra uur vertraging, dat is niet het leukste wat er is, maar het zijn er geen 24 zoals we al eens meegemaakt hebben. Al bij al is dit een reis die zich zal klasseren in de beste die we ooit al samen gemaakt hebben, sorry Costa Rica, maar Zuid-Afrika is voor ons toch net ietsje beter. Niks kan tippen aan de duiken in Aliwal Shoal en Island Rock en daarnaast Kruger rules too. Samen met nog de andere dingen is het echt schitterend.

Het vliegtuig vertrek perfect op tijd, het is zelfs een paar minuten te vroeg weg. Dat is heel erg goed, want nu zijn we iets sneller thuis. Na een uurtje vliegen zijn we terug in België, Maurits en Betty komen ons ophalen en we gaan naar huis en zijn heel erg blij dat we onze Cartouche terugzien. Dat was het dan weer voor deze keer en het waren schitterende drie weken, niet te doen.

 

Op 11 januari kregen we een pakje uit Zuid-Afrika. De T-shirts zijn opgestuurd geweest door Michelle van Mokarran Dive Charters naar Vioni van Didima in Drakensberge en zijn in goede toestand toegekomen bij ons thuis. Hartelijk bedankt Vioni en Michelle om dit in orde te brengen. Het was een hele leuke verrassing dat we ze toch nog toegestuurd kregen.