Costa Rica 2008

ScubaTimo

Pagina over duiken en reizen in binnen- en buitenland

Website about scuba diving and traveling around the globe


2008 Rondreis Costa Rica

Van maandag 17 november tot donderdag 4 december 2008






Costa Rica (Centraal Amerika)

De Republiek Costa Rica (letterlijk: Rijke Kust) is een land in Centraal-Amerika, dat ligt tussen Panama en Nicaragua.

Fauna

De dierenwereld van Costa Rica is zeer rijk en bevat zowel Noord-Amerikaanse, Zuid-Amerikaanse als typisch Centraal-Amerikaanse componenten. Tot de eerste groep zijn bijvoorbeeld de wasbeer en de prairiewolf te rekenen, onder andere de apen en de miereneters behoren tot de tweede groep en tenslotte maken onder meer de quetzal en de aardbeigifkikker deel uit van de derde groep. De meeste landdiersoorten leven in de regenwouden, terwijl koraalriffen de grootst soortenrijkdom hebben van de mariene biotopen. In totaal leven er in Costa Rica duizenden soorten ongewervelde dieren, circa 150 soorten amfibieën, ongeveer 215 reptielensoorten, rond de 865 soorten vogels (10% van het totale aantal vogels en meer soorten dan in heel Noord-Amerika!) waarvan 75 roofvogelsoorten en meer dan 240 zoogdiersoorten.

Geografie

Costa Rica ligt op de landengte van Centraal-Amerika. Ten westen van Costa Rica ligt de Grote Oceaan en ten oosten ligt de Caribische Zee. Ook Cocoseiland behoort tot Costa Rica. Het terrein is overwegend vlak, maar in het midden loopt een bergketen, die deel uitmaakt van de Centraal-Amerikaanse cordilleras. Het hoogste punt is de Cerro Chirripo (3810 meter). In het land bevinden zich uitgestrekte nationale parken en reservaten (25% van het land is beschermd). Veel daarvan bestaan uit tropisch regenwoud. Daarnaast komen ook andere typen natuur voor in Costa Rica. De provincie Guanacaste was oorspronkelijk begroeid met droogbossen en graslanden, terwijl mangrovebossen op verschillende plaatsen langs de kust te vinden zijn.

 

Route in 2008:

San José: Hotel Occidental Torremolinos

Tortuguero: Mawamba Lodge

San José: Hotel Occidental Torremolinos

Puerto Viejo: Hotel Cariblue

Turrialba: Hotel Casa Turire

San gerardo de Dota: Trogon Lodge

Golfito: Golfo Dulce Lodge

Dominical: Villas Rio Mar

Quepos: Hotel Karahé



Maandag 17 november 2008: Vertrek

We moesten weer kiezen om vroeg te vertrekken, voor de zoveelste keer vroeg opstaan na een slechte nacht slapen. We waren zondag om 22:30 gaan slapen en van 2 tot 4 hebben we geen oog meer dichtgedaan. Om 04:30 staat Maurits bij ons om ons naar Zaventem te voeren. We zijn er om 05:15 en we kunnen beginnen inchecken om 05:30. Onze bagage zal ons – hopelijk – volgen via Madrid naar San José. We drinken een koffie aan één van de bars, eten er een croissant en koek bij. Van hier is het via een elektroshop; Timo koopt een all-world adapter en dan is het naar gate A49. We wachten hier nog even en kunnen op tijd boarden en dus ook op tijd vertrekken voor een dagje vliegen en wachten. Deze vlucht is kort slechts twee uur en tien minuten, dan anderhalf uur wachten in Madrid en dan de lange trip over de Atlantische Oceaan naar San José.

De vlucht naar Madrid met Iberia gaat vlot, op twee uur zijn we er, we blijven gewoon in transit en zoeken direct naar gate U, R of S. Via de borden weten we dat het U62 zal zijn. Volgens het boekje van in het vliegtuig zou het 65 minuten stappen zijn naar die gates, maar op 15 minuten zijn we er. We eten een smos kaas en broodje kaas en ham samen met water en water. We boarden op tijd, maar vertrekken één uur te laat want enkelen zitten vast in transit. We zijn dus te laat de lucht in, maar ze halen het in in de lucht. We zitten hier tien uur lang en in alle verschillende posities. We hebben echt alles geprobeerd en slechts twee of drie uur geslapen, dan komen we aan op de luchthaven van San José en de premier van China is hier en we moeten nog een half uur wachten. Dan zit je tien uur op de vlieger en dan moet je voor één onnozele nozem nog wachten. Maar dan gaat het vlot, we passeren zonder problemen de douane, onze bagage is erbij en we kunnen nog eens langs de douane en dan afwachten tot we iemand van Ara-Tours zien. Die laat ons even wachten want een ander koppel zit nog bij de bagage.

Na vijf minuten zijn die er ook en we kunnen vertrekken. Eerst wordt het andere koppel afgezet en dan is het aan ons. Om 18:15 komen we aan in het hotel, we checken in, pakken uit en gaan snel iets eten: twee hamburguesa Torremolinos en vier Imperial. Dan gaan we slapen en tegen 21:00 is het stil. Morgen wordt het vroeg opstaan.


Dinsdag 18 november 2008: Tortuguero

Wakker om 05:00 en het regent in San José, de temperatuur is wel OK, maar het is vochtig. We nemen alles mee naar de receptie, checken uit en laten één rugzak in het hotel. We wachten even tot 06:10 en dan worden we gebeld. Het is vanuit de Mawamba Lodge om het pick-off uur te bevestigen: 15 minuten later dan gepland, dus 06:30. No problemo, we wachten wel. Om inderdaad stipt 06:30 komt een grote bus ons halen en passeren we nog een hotel of 3, 4. Dan langs de kant van de weg nog +/- 15 mensen oppikken. Die waren daar gekomen met een andere bus van Mawamba. Door het regenwoud en door de regen rijden we op en neer door de bergen van Costa Rica. Op een bepaald moment rijden we door een tunnel die het Caraïbisch gebeid en het Pacifische deel van elkaar scheidt.

We rijden over enkele rivieren, die echt kolken van het vele water dat hier vloeit. Er staat belachelijk veel stroming op het vuilbruine water, langs overal komen watervallen naar beneden en na een rit van ongeveer twee uur komen we aan bij Rio Dante: het kleine restaurantje van de Mawamba Group. Hier ontbijten we: fruit en rijst met zwarte bonen. We zijn hier slechts een dik half uur. We zien al één kolibrie en één grote spin en de typische bomen met bromelia’s, echt regenwoud. Langs het restaurant stroomt de Rio Dante en is klein, maar ook hier zit veel stroming op. We vertrekken met de bus tot Guapiles en daar pikken we nog tien mensen op en vanaf hier is het nog 30 kilometer, wat denk je botteren, net als drie jaar geleden.

We komen aan bij de plantages van Chiquita, Dole en Delmonte. Alles hangt hier vol blauwe zakken. Dat zijn de bananen en ze doen dit om de bananen naar boven te laten groeien en om de arbeiders te beschermen tegen slangen, spinnen en schorpioenen. Alles in de plantages gebeurt manueel. Er wordt een stang bananen aan een lijn gehangen en één man trekt ongeveer 20 stangen vooruit door een koord aan zijn middel vanuit de plantage naar het sorteercentrum. Soms komt een soort van brug over de weg en dan wandelen de bananen voorbij. Iedereen moet ervoor stoppen. Na een halve dag op de bus zijn we in Caño Blanco en het regent nog steeds, soms hard en soms wat stiller, maar altijd regen. We nemen de boot met de hele bus (+/- 50 personen), de plastic schermen van de boot zijn dicht, we zien niks en het regent. We zitten twee uur op de boot, slechte stoelen en na gisteren in het vliegtuig, deze morgen op de bus en nu in de boot en net dat is er te veel aan. Ons gat begint zeer te doen. Na uiteindelijk een natuurlijk massage op de bus de laatste 30 kilometer en de boot zijn we in Mawamba Lodge in Tortuguero. We krijgen direct een aperitief: iets niet echt lekker, rood en heel zoet.

We hebben kamer (bungalow) 32, helemaal op het einde en vlakbij het ‘Trail Manakin’. We plaatsen onze spullen op de kamer, lunchen snel en gaan al direct op verkenning. Enkele vogels die we nu al zien: blue-black Grassquit, white-collared manakin, blue-gray tanager, palm tanager, flycatchers, snowy egret, cattle egret, great egret, black vulture cirkelend over de boomtoppen één broad-winged hawk, tanagers en enkele al vergeten. Een man van het hotel wijst ons op een iguana, we zien zelf een kleine lizard en enkele orchideeën. We kunnen niet naar Tortuguero zelf want het is klote-weer, steeds regen, het is nog geen minuut over geweest. We kijken even naar een film over Tortuguero en krijgen dan uitleg over de bananenplantages. Tof voor Eef, want de Beschutte Werkplaats waar ze werkt doet vanalles voor Chiquita en Spiers.

Daarna wandelen we naar het strand en willen kleine turtles zien. Het weer is er niet naar, veel regen en harde wind. Volgens onze gids Alonso komen er nu geen uit, want te koud, te nat en de zee staat te woelig. We krijgen wat algemene info en wandelen wat over het zwarte strand. We zien dankzij een ander Vlaams koppel 1 kleine schildpad, maar een dood of toch een bijna dood. We zetten het in het water in de hoop dat het het overleeft. We gaan terug want het is donker. Ons dagboek moet nog geschreven worden, dus dat doen we bij drie Imperiallekes en samen met het andere koppel. We rusten nog even uit op de kamer en kunnen rond 19:30 iets gaan eten. Het is bijna steeds hetzelfde, maar da’s niet erg: groenten, pasta, rijst, bonen en we drinken veel water en iets fruitsapachtigs fris. We zijn best wel moe van de hele dag te reizen, zittend in de bus of op de boot. Om 20:15 gaan we naar onze kamer 32, schrijven nog wat verder en gaan vroeg slapen. Het is zelfs nog geen 21 uur. Door de wind, de golven van de zee op de achtergrond en het tikken van de regen slapen we snel in. In het donker is er af en toe een heel hoge fwiet te horen, de rest is regenwoud en puur natuur. Pura vida.


Woensdag 19 november 2008: Tortuguero

Traditiegetrouw is Timo als eerste wakker, al om 05:00 en daarna om 05:30 ook Eef. Het is net licht aan het worden, dus we kunnen al op het strand, we wandelen 20 minuten, maar geen tortuguito’s (kleine zeeschildpadden) te bespeuren, enkel de havik van gisteren. Tegen 6 uur stappen we naar de aanlegsteiger om de eerste boottocht al snel mee te pikken. Het duurt wel een dikke 20 minuten eer we weg zijn, maar dat geeft niet. Het heeft deze morgen nog geen druppel geregend, echt cool, dus het is een leuk tripje. Eerst voorbij het dorpje Tortuguero, daar 10 USD per persoon betalen. Onze gids Alonso komt 20 USD te kort; aan ons had hij niks gevraagd, dus we betalen niet. We dachten trouwens dat dit ook in onze trip inbegrepen zat. We weten niet hoe hij het heeft opgelost uiteindelijk. Met drie bootjes zijn we weg: twee bij hem als Engelstalige gids en 1 Spaanssprekende boot.

We varen naar rechts, weg van het nationale park over de Boca Rio. We varen soms heel hard en enkele keren blijven we lang liggen om iets te zien. We zien drie soorten apen: white-faced capuchin monkey, howler monkey en spider monkey. Qua vogels valt het niet tegen: tiger-heron, little blue heron, ringed kingfisher, één keer drie een één keer 5 great green macaws in de verte overvliegen, mangrove swallow, black vulture, ospreys, anhinga en cormorant. We zien slechts één kaaiman en twee jezus christ lizards, dat valt wat tegen. Hiervoor komen we naar Costa Rica, de overvloed aan dieren. Tegen acht uur zijn we terug en kunnen we gaan ontbijten; koffie, rijst met ei en bonen, brood met guava confituur. Direct na het ontbijt maken we ons klaar voor onze twee boottocht van de dag: het nationale park zelf.

Eef en Timo doen eerst een stop bij de frog farm, zien één gaudi leaf frog en kunnen na deze vondst met de boot vertrekken. We doen dezelfde weg heen, maar gaan nu naar links en kiezen de smallere kanalen van Tortuguero National Park. Het oerwoud groeit hier heel dicht met 1001 verschillende soorten, echt heel dicht, heel groen en heel hoog. Wederom een snowy egret, great egret, cattle egret, ospreys en nu een hele familia jacana’s: kleine bruin en gele watervogels – het Costaricaans waterkiekske, zegt Eef, met veel geel op de binnenkant van de vleugels. Dat valt vooral op als ze wegvliegen. Het is heel mooi: 1 onvolwassen exemplaar en twee volwassen soortgenoten. Bij beide tochten zien we iguana’s en nu zelfs een laatste glimp van een rivierotter. De weg heen blijft alles droog tot op het einde, dan begint het te regenen en we doen de poncho’s over ons en wachten af tot de beestjes zich laten zien. Er gebeurt niet veel meer want ze zitten allemaal onder het gebladerte.

Onze gids zet ons af in het dorp zelf. We kunnen zo iets te zien krijgen van de lokale bevolking, of is het om de winkeltjes wat te laten verkopen. We zijn er vlug door en stappen terug naar de Mawamba Lodge in de hoop kleine turtles te zien. Normaal is het enkel ’s morgens en ’s avonds. Vandaag net voor we aan de lodge komen heeft Alonso drie honden gezien die aan het graven zijn. Wanneer wij ertoe komen zit er één klein tortuguito’tje naast het gat in de grond. Aj, neen, weer een dood, denken we, maar neen hoor dit heeft nog kracht genoeg en kan zelf naar zee wankelen. En dan graaft Alonso ze allemaal uit, bijna 100 komen strompelend uit het gat en zoeken en vinden instinctief hun weg naar zee. Normaal zou hij er niet aankomen, maar als we nu niks doen, eten de honden ze toch op. We volgen er enkele tientallen van het nest naar de zee, echt schitterend, bangelijk zicht, niet te doen. Enkele stomme Duitsers verstonden geen Engels en maakten diepe putten door hun over-en-weer-geloop die het de beestjes moeilijk maakten. Één klojo vond het zelfs nodig om ze vast te pakken. Daar heeft Timo toch wat commentaar op gegeven en dan was hij weg met zijn vrouw. Yes. Wij genieten ondertussen van het spektakel en nemen enkele filmpjes en heel veel foto’s, echt cool. Van de regen en de hoge golven trekken ze zich niks aan en wij ook niet. We zijn helemaal nat, maar hebben we iets ongelooflijk bangelijk gezien. Het heeft bijna iets onwezenlijks, schitterende ervaring. Nog vol van onze belevenissen gaan we lunchen, doen dan een siësta en drogen onze kleren. Vooral Eef haar schoenen, want die waren doornat.

Om 15:00 begint ons volgend avontuur: frog farm, butterfly garden en hike. In de achtertuin van de lodge staat een grote serre afgemaakt met groene gaas. Daar kweken ze blue jeans, black and green frog en een gewone groene red eyed tree frog. We lopen hier wat rond, worden terug helemaal nat, maar we hebben toch de poison dart frogs nog eens gezien. Total coolness. Van hier wandelen we naar de volgende serre. Daar kweken ze de blauwe morpho’s. De rupsen kruipen hier rond, de poppen worden beschermd en de vlinders fladderen rond. Echt vrolijk worden ze er niet van, ze zitten gevangen en breken regelmatig een stuk vleugel. Dan is het bijna de enige mogelijkheid om een foto te nemen, anders zijn ze te fel aan het fladderen of zit hij op een blad met de bruine kant van de vleugels. Dan begint de hike. We hebben allebei muggemelk opgedaan hiervoor, maar Eef wordt één en Timo twee keer kort na elkaar gebeten. Hike samengevat: slaty tailed trogon (female), een zwerm leafcutter ants, drie vleermuizen onder een blad en het heeft sinds de helft van de tweede boottocht onophoudelijk geregend. We hebben tijdens de hike nog twee clay-colored robins gezien. De nationale vogel van Costa Rica.

We keren terug naar de kamer langs de kust. We zetten er goed de pas in, want eerst waren onze onderbenen nat, dan ook de bovenbenen en daarna helemaal. We doen een siësta en proberen opnieuw kleren te drogen. We laten de ventilator draaien, hangen de broek eraan, draaien en drogen maar. Niet dus, want Eef moet de haardroger gebruiken. Tegen half zes gaan we naar de bar, drinken Imperial, eten wat nootjes en genieten nog van de dag, euh avond. Voor de tweede ronde komen Leen en Philippe erbij zitten en tegen half acht gaan we eten: groentjes koud en rijst met kip en warme groentjes ook. We houden het weer niet lang uit en gaan zo rond negen uur slapen. We babbelen nog wat na over wat we gezien hebben vandaag, de reden van ons bezoek aan Tortuguero is ingevuld door het zien van de kleine tortuguito’s, keicool. En dan vallen we in slaap bij het tikken van de regen die ons vandaag weer de hele dag parten heeft gespeeld.


Donderdag 20 november 2008: Tortuguero en San José

We hebben weer helemaal tot het licht wordt geslapen, Timo wordt wakker en gaat om 05:30 al een wandeling maken. De vliegenvangers met gele buik happen spelenderwijs insekten uit de lucht. De kolibries hangen voor de bloemen om de nectar eruit te halen en als we worden verstoord, zoemen ze weg en lijken het grote bijen. Een jonge duif wandelt over het pad, een iguana ligt in de top van een boom te zonnen, ik bedoel te warmen want zon is er niet. De regen is deze ochtend rond 04:30 gestopt en daar zijn we blij om. Timo komt wel twee keer Leen en Philippe tegen; die zijn ook al op pad. Om 06:30 is Eef ook op en doet nog eens een toer van het domein. We zoeken en vinden drie blue jeans poison dart frogs, tientallen black and green poison dart frogs in de frog farm. Die hadden we gisteren ook al bezocht. In een holte van een boomstronkje leeft een krab, die net uit het vijvertje een kikkervisje gevangen heeft: de wrede wetten van de natuur.

Om 07:30 kunnen we ontbijten en nu neemt Timo fruit en een eitje, omelet met vanalles. Eef eet vers fruit en cornflakes. We laten het ons smaken en maken ons dan klaar om uit te checken. Tegen 09:00 gaan we naar de aanlegsteiger. Door de overloedige regen is het water hier toch bijna 15 centimeter gestegen. Met twee grote boten vertrekken we naar Caño Blanco. Deze keer zijn de luifels wel open en zien we enkele little blue herons, osprey en enkele anhinga’s. We zijn nog steeds onder de indruk van het woeste en ongerepte van de natuur hier. We varen goed door, stoppen even voor de roseate spoonbill en we zien nog twee blue herons en een soort ani en komen na een dik uur aan in Caño Blanco. Het staat inderdaad blank. Er zijn twee kleine stukken die niet overstroomd worden door de rivier en de drie paal-wachtruimtes zijn ook droog. Het duurt een hele tijd eer alle bagage en alle mensen op de correcte bus zitten.

Dan vatten we de eerste twee kilometer aan met enkele mensen recht in de bus. De weg is weg, want volledig overstroomd en wel tot zeker 30-40 centimeter water, alles hier staat onder. De koeien staan tot aan hun knieën in het water en de witte reigers profiteren van het vele water, zo kunnen ze tussen het gras in de weide visjes en kikkertjes vangen. Sommige huizen staan ook onder. Na twee kilometer stappen enkele over van onze bus naar een grotere die wacht en dan rijden we terug over de botterweg en passeren de plantages van Chiquita. Kilometers langs zien we enkel bananen en nog eens bananen. Na 30 kilometer komen we ter hoogte van Siquirres op de normale weg en rijden we direct naar Rio Dante. Daar lunchen we en enkele mensen hebben hier een auto laten komen om vanhieruit de reis verder te zetten. Leen en Philippe vertrekken van hier naar het noorden, hun eerstvolgende stop. Wij rijden met twee andere koppels verder, komen in het regenachtige Braulio Carillo National Park, hoog door de bergen en het begint te regenen en er hangt een dicht mist. Wanneer we een beetje dalen naar San José schijnt ineens de zon, de bergen hebben hier blijkbaar het slechte weer tegengehouden.

Na drie dagen regen doet deze warmte deugd. Alonso zet ons af aan Hotel Torremolinos, we checken in, nemen de volledige bagage (ook de tweede rugzak) naar kamer 24. Voor Tortuguero moesten we een deel van de bagage in het hotel laten, want we moesten het totale gewicht van de bagage beperken tot 24 kilo. Het is nog licht, dus we wandelen even, door de drukke spits naar het park, doen daar een kleine toer. We zien een kleine eekhoorn en veel grackles. We blijven niet lang en keren op tijd terug naar het hotel. We maken onze voorbereiding voor morgen, drinken wat Imperial en schrijven het dagboek.

We denken te weten hoe we morgen het makkelijkste uit San José weg moeten rijden, maar in de spits zal het sowieso een avontuur zijn. We drinken in het restaurant nog 2 Imperial en bestellen dan iets voor het avondeten. Timo neemt nog een hamburguesa en Eef bestelt pasta carbonara. Een Imperial smaakt daar altijd bij. Op ons gemak drinken we iets en tamelijk vroeg gaan we naar onze kamer. Het is bijna een schande, maar om 19:30 gaan we slapen en het doet deugd. Tja, dat is het leven hier in Costa Rica, vroeg opstaan en dus ook vroeg gaan slapen, soms heel vroeg. Morgen gaan we naar het zuidoosten en hopelijk kunnen we daar duiken en is het weer wat beter.


Vrijdag 21 november 2008: Op weg naar Puerto Viejo

Na een lange nachtrust staan we op rond 06:30 en gaan ontbijten. We hebben veel tijd deze morgen want Adobe brengt de auto pas om 09:00. Na het ontbijt verkennen we snel nog de eerste delen van onze reisweg naar Puerto Viejo en we maken gebruik van het gratis internet in het hotel. We sturen een mailtje naar het werk van Eef, mama, papa, broer en vrienden en kijken wat het weer zal geven. In Tortuguero was het nat, wel in het zuiden van de Caraïbische kust wordt het hetzelfde: huevo en el Caribe sur. We checken uit en de man van Adobe is er al om 08:40, goe bezig. We regelen op een half uurtje alle verzekeringen en andere papieren en om 09:15 kunnen we al weg. We leggen alles in de Daihatsu Bego en zijn direct weg. De eerste afslag is OK, de tweede ook en de derde missen wel. We nemen de eeerstvolgende en rijden boenk het drukke centrum van San José in. We weten even niet waar we zijn, maar we rijden in wat we denken dat de goede richting is: Limon. Dan ineens tussen de kleine huizen, supermercado’s, cafétjes zien we aan pijl naar Moravia. Yes, die moeten we hebben. Dan komen we direct op de autostrade naar Limon terecht 154 kilometer. Perfect.

We hebben slechts een tien minuten verkeerd gereden, dat we niet wisten waar we waren. Na een 20 kilometer autostrade moeten we peage betalen: 250 colonnes, 50 USD cent. Dat is echt niks. We rijden vlotjes een groot deel hetzelfde als gisteren. Via het National Park Braulio Carillo naar Guapiles en zo naar Siquirres. Hier moeten we overmorgen de weg naar Turrialba nemen. Misschien hebben we die dag tijd om snel nog een foto te gaan nemen van de bananenwasserij van Chiquita die we gisteren spijtig genoeg niet konden bezoeken. We rijden naar Limon en 15 kilometer ervoor zit het verkeer hopeloos vast. We verliezen een klein half uur omdat er een truck moest getakeld worden en verderop is het file om de vrachtwagens te wegen. Vlak voor Limon nemen we de weg naar Cahuita en Puerto Viejo.

Het is stilaan beginnen te regenen, maar de weg is goed en het vlot behoorlijk. Het is ook leuker om naast de kust te rijden, af en toe een rivier die in de zee uitmondt en zo rond 13:00 passeren we Cahuita en een half uur later zijn we in Puerto Viejo, een prachtig pikzwart zandstrand, nog zwarter dan in Tortuguero. Vanaf hier is het slecht berijdbare zandweg. Eigenlijk was dat al zo wanneer we de grote weg naar Bribri (naar de grens van Panama) verlaten hadden. Om half twee checken we in in Cariblue Hotel, krijgen bungalow 6, halen de bagage, eten en drinken iets, hamburguesa, penne tomate en Imperial. Aan de receptie vragen we dadelijk of we kunnen duiken morgen, maar dat lukt niet bij de school in Punta Uva en de andere twee kan hij niet bereiken.

We weten iets later waarom: Reefrunner divers heeft een bodje ‘Temporary closed’ en de andere Crocodive vaart ook niet uit door het slechte weer. Het is inderdaad klote-weer. Het is gestopt met regenen en het giet nu en de golven zijn 1.5 tot 3 meter hoog, echt niet te doen dus voor een duik morgen. We rijden terug (met water en wat Imperiallekes) naar het hotel, schrijven nu al ons dagboek en zoeken een plan B voor morgen: iets met natuur, vogels, kikkers, water of Indianen; we zien wel. Het is nog steeds onophoudelijk aan het regenen, heel vaak giet het, soms pijpestelen en op andere momenten gewoon gieten. We spelen wat kaart, bekijken wat vogels die we al gespot hebben en willen niet opnieuw vroeg gaan slapen, maar het is donker, het regent en we zijn wat moe, dus doen we het toch en vandaag om 20:30. We vergeten een kaarsje te branden, al het derde, dit moet de laatste keer zijn. We proberen te slapen ondanks het helse lawaai van de regen op onze bungalow.


Zaterdag 22 november 2008: Op weg naar Panama en Puerto Viejo

Wakker om 05:30, blijven nog even liggen want we hebben slecht geslapen door de regen. Het heeft de hele nacht doorgeregend, heel veel water is dus naar beneden gekomen. We bekijken aan de receptie wat we kunnen doen, maar veel is dat niet want het is nog aan het regenen. Om 07:15 kunnen we ontbijten en we  nemen het ervan: veel kunnen we toch niet doen anders, dus een uitgebreid ontbijt. Het koppel dat bij ons in het busje zat in San José is hier vertrekkensklaar. Ze vluchten voor het weer. We hebben alles bij om toch direct de auto te nemen, want Timo wil de grens met Panama zien.

We rijden het zand- en puttenwegje naar Puerto Viejo af, rijden verder naar de splitsing tussen Sixaola en Cahuita en rijden richting Bribri. De weg is hier niet zo goed, putten en keien en het giet de hele tijd. Om alles nog erger te maken vinden we de grensrivier hier nergens, dus keren we terug. Volgens de reisgids is de weg naar de grens met Panama bij Sixaola slecht en doet een bus er 2.5 uur over. We proberen het en het gaat vlotjes: op ongeveer tien plaatsen is de weg er over 10 meter slecht, maar de rest is OK. Langs de weg zijn heel veel plantages van bananen, net als de weg naar Tortuguero.

Op een dik uur zijn we aan de brug over de rivier Sixaola, snel kijken en niet te ver gaan, want naar Panama zouden we niet mogen zonder visum. We gaan niet in het dorp zelf, want zoals vele huizen langs de weg staat het onder water en het lijkt allemaal wat louche hier. Dus we keren terug, stoppen even bij een bananenplantage en –wasserij, nemen wat foto’s hoe ze de bananen wassen en verpakken en rijden dan via Puerto Viejo naar Playa Cocles. We zijn blij dat we het er heelhuids vanaf hebben gebracht, want de weg tussen Puerto Viejo en Playa Cocles is overstroomd en ook de hele oprijlaan naar Hotel Cariblue staat blank. De hele namiddag wordt het kijken naar de regen, stortbuien, nog niet één minuut is het over geweest sinds gisteren middag, een geluk dat we deze ochtend twee paraplu’s gekocht hadden en pintjes en chips.

Even is het 20 minuten wat minder aan het regenen en we wandelen even door het domein van het hotel. We zien veel kolibries en een bende scarlet rumped tanagers, mannetjes en vrouwtjes. Dan schiet de stortbui weer in gang tot we iets willen drinken aan de bar, want dan regent het zachtjes. Eef studeert wat Grieks en Timo schrijft het dagboek. Samengevat: grens Panama, galgje spelen, kaarten, OXO en pintjes drinken. En ja als het niet te hard giet, vogeltjes kijken die passeren.

Rond 18:00 gaan we iets eten. Timo neemt zeebaars met rijst en Eef neemt kip met appel en curry, gevuld met ham en kaas. Na het eten begint het terug hard te regenen en we wandelen in het donker naar habitacion 6. We zitten nog even op ons terras net zoals de hele dag al en doen binnen de kaarsjes branden: 6 al en we gaan om 20:30 slapan. ’s Nachts regent het niet constant zo hard, maar stoppen doet het pas om 5 in de morgen net voordat de zon opkomt, maar dat lees je op...

 

Zondag 23 november 2008: Puerto Viejo en op weg naar Casa Turire in Turrialba

05:30: geen heldere hemel, heel grijs, maar wel 30 minuten gestopt met regenen, echt gestopt niet te geloven! We wandelen in de tuin, spotten enkele papegaaien, een paar koppels tanagers, een soort oriole, denkt Timo en de vele kolibries hier, want die zijn er echt veel: er zijn hier zelfs 3 nesten die we gezien hebben, twee in de tuin en één in het rieten dak van het restaurant. We nemen een kijkje op het strand, daar zijn veel hoge golven en op de weg zijn veel gieren op zoek naar iets lekkers. Maagje gevuld, uitcheken 73 USD en op weg naar Turrialba. NOT! De man aan de receptie zegt ons dat er in Puerto Viejo een brug is weggespoeld. Miljaar! Eerste mogelijkheid: Adobe rent-a-car bellen en in Limon een nieuwe auto vragen. Ze bellen ons 20 minuten later terug: geen auto beschikbaar. Tweede optie: taxi en zelf naar Limon en daar twee dagen wachten op een vrije auto. Dat doen we niet, we zijn in voor het avontuur en we nemen de backroad.

Tussen Puerto Viejo en Manzanillo loopt een bergwegje dat ons op de weg Sixaola-Bribri zal brengen. Twee tico’s vergezellen ons en een Nederlands koppel. Timo rijdt zelf. Het begint mega-steil, de auto patineert al en we laten een vrachtwagen langs die hier naar beneden komt. Wat een zot want het is heel steil en glad. De elektriciteitskabels zijn volledig naar beneden gekomen, gisteren zaten we ook al zonder elektriciteit en stromend water. We zijn met twee jeeps Daihatsu Bego, twee Costaricanen als gids en een Nederlands koppel: Rene en zijn vrouw. Hij houdt de kabels met de hand omhoog en wij rijden eronderdoor. We rijden zonder regen door het regenwoud over brugjes die niet kapot zijn en over rivieren. Over één riviertje zien we de brug niet meer en de Costaricanen stappen uit, voelen waar de brug is en de eerste rijdt erover en Timo moet gewoon the same way volgen. Wel wat creepy.

Op één plaats geeft Timo het stuur af, maar de rest doet hij helemaal zelf. Goed bezig. Het is een klein kiezelwegje, hopelijk houdt de Bego het uit. Dat doet hij goed en we komen heelhuids op de grote weg. We stoppen even om het Nederlands koppel te laten tanken en rijden snel nog de vijf kilometer naar de ingestorte brug. Op die baan is een huis van de helling gegleden en iedereen is in de weer om te redden wat er nog te redden valt. Die mensen hun auto steekt ook helemaal onder de modder, geen tof zicht. Later blijkt dat er hier een orkaan langsgekomen is en dat er een aardbeving van 6.4 is geweest op de Schaal van Richter. Bij de brug in Puerto Viejo kan je er enkel te voet over. We nemen afscheid, geven elk 5 USD voor de gidsen. Rene rijdt nog met de ene gids naar het hotel terug per taxi, want ze zijn de GSM van Adobe vergeten. Wij vertrekken en tanken in Cahuita. Daar begint het opnieuw te gieten, maar we zijn vooral blij dat we daar weggeraakt zijn.

Één pluspunt: op de backroad hebben we een caracara gezien. Dan rijden we verder naar Limon in de pletsende regen en het blijft gieten. Veilig en niet sneller dan 60 kilometer per uur bereiken we in Siquirres de splitsing naar Turrialba. Vanaf hier is het in de regen en de mist naar boven voor 47 kilometer. Het is echt niet tof, maar je kan er niks aan doen, dus racen tot we pijlen zien Casa Turire (22 kilometer). En we rijden verder, dan is het ongeveer 5 kilometer op een zandweg (nu: modderweg) en we komen op de landerijen van het hotel. Het is een heel groot huis van een vroegere koffiebaron, echt huge, maar heel mooi in een aangelegde tuin, bangelijk. We hebben habitacion 4, we pakken uit en proberen onze natte kleren te laten drogen, want die stinken ondertussen een beetje veel. De hete douche doet deugd, het scheren ook en de droge kleren nog meer. We wandelen even rond het hotel op de gaanderij en drinken mojito, whiskey cola en mojito en mojito.

We surfen even om het weer te bekijken en voor de zekerheid zoeken we ook de telefoonnummers van de volgende hotels op. Op het internet www.imn.ca.cr geven ze morgen nog slecht en vanaf dan beter. Ook ’s avonds nemen we het ervan en doen eens ruig: cocktail van avocado en palmhart, ensalata mixta, fetuccini met kalfsvlees en kip met broccoli en puree en een flesje rode wijn Merlot uit Chili. We laten het ons heel goed smaken en het hele feestje kost ons slechts 38.000 colonnes; valt wel mee. 1000 colonnes is ongeveer 2 Dollar en we hebben de dollar gekocht tegen 1.5, nog een goede wisselkoers. Het is al laat en we gaan slapen, tenminste dat is het plan. We kijken nog naar een film op Hallmark Channel. We blijven deze keer op tot na middernacht, ongelooflijk, het is 00:30.

Maandag 24 november 2008: Vulkaan Irazu en Guayabo

Timo heeft slecht geslapen en is al op om 5 uur, maar vlak voor de kamer staan veel bloemen en hij kan wat kolibries observeren, een leuk begin van de dag. Dan ontbijt. Eef neemt gewoon fruit, toast, yoghurt en koffie, Timo neemt rancheros desayunos: een pikante tomatensoep met twee eieren erin: een speciale smaak, maar heel lekker en het vult goed. We vertrekken naar Irazu als eerste, een trip door de bergen van ongeveer anderhalf uur. We hebben zicht op de dalen, de riet- en koffieplantages, een leuk tripje door de bergen. Ter hoogte van Pacayas schijnt de zon even, we zijn de laagste wolken doorgestoken en genieten van het beetje warmte van de zon. Joepie, onze eerste zon dit verlof.

En nog belangrijker: buiten één of twee kleine buien in de voormiddag is het droog. We rijden op een goede weg naar boven tot de 3432 meter van de Irazu. Aan de ingang staat iemand die raadt ons af om nog de laatste twee kilometer naar boven te doen. We rijden wel, we hebben niet anderhalf uur in de auto gezeten om nu niet zelf te kunnen zien dat er niks te zien is. Wij dus naar boven, maar buiten dichte mist, zwarte grond en troosteloze bomen met veel korstmossen is er niks te zien. We rijden dus terug naar beneden, dikke pech dat het slecht weer is, of in elke geval niet genoeg voor de Irazu.

We nemen dezelfde weg terug naar Turrialba, stoppen even omdat ze de weg aan het vrijmaken zijn van de modder. We proberen nog twee keer een weg te nemen om Guayabo te zien, maar die zijn allebei te modderig en te steil naar onze zin, dus we rijden terug naar het hotel. We eten onze sandwiches kaas uit de supermarkt op en zwemmen in het zwembad van het hotel en gaan in de jacuzzi, lekker relaxen met een mojito, we maken ons klaar voor een aperitief in de bar en dan gaan we eten. We observeren vanop ons terras nog drie montezuma oropendula’s. Ze hangen als een slinger rond de takken van de bomen en roepen terwijl de vrouwtjes. Een hele mooie vogel, schitterend.

We doen het vandaag bij het eten iets kalmer: twee hamburguesa met frietjes, weeral heel lekker. Eef drinkt Imperial, Timo enkel water. Om half acht zijn we terug op de kamer, kijken nog een Amerikaanse misdaadserie en tegen 21:30 gaan we slapen. Een nacht zonder regen, dat is ook lang geleden. Uiteindelijk hebben we het er hier in Casa Turire toch goed van gepakt, lekker relaxen en goed gegeten. Top.


Dinsdag 25 november 2008: Verplaatsing naar San Gerardo de Dota

Bij het ochtendgloren is er steeds het meeste beweging in de vogelwereld. Voor ons balkon vliegen de kolibries heen en weer, een black throated green warbler komt nieuwsgierig op de ballustrade zitten kijken. In de boom naast het meer zitten vijf black vultures en de zwaluwen vliegen heen en weer. Het meer ziet bruin net zoals de rest van de kolkende rivieren. Ze namen veel modder mee op hun weg uit de bergen, ook de Rio Reventazon hier vlakbij. Die mondt uit in Tortuguero en die zorgde dat Caño Blanco overstroomde. Een boat-billed flycatcher komt op het dak van de receptie zitten en een blue-gray tanager zit in de grote rietstruiken verder weg. We zien tijdens deze reis ook veel clay-colored robins. Ons ontbijt is vandaag ook OK, we hebben net ervoor ingepakt en kunnen direct uitchecken en vertrekken naar San Gerardo de Dota.

Via de stad Turrialba tussen de koffie en suikerrietplantages rijden we naar Cartago. Het is hier een drukte van jewelste en we rijden op goed geluk door de stad. Ineens hebben we geluk en vinden de weg naar San Isidro de General. Die volgen we tot we op de Interamericana komen door het hooggebergte. In Empalme tanken we en rijden verder tot Cañon en Oja de Agua. Onderweg passeren we twee keer wegenwerken, maar we staan niet lang te wachten. We vinden ook snel de weg naar San Gerardo de Dota, heel steil naar beneden, zo’n tien kilometer naar de Trogon Lodge. We denken dat we nog nooit in ons leven zo’n steile weg met de auto gedaan hebben. We belanden in een prachtige vallei van de Rio Savegre, een heel diep dal met langs beide flanken nevelwouden, net als in Monteverde, een prachtig zicht. Onze kamer is nog niet klaar, dus we drinken een koffie in het restaurant. Daar hangen feeders voor de kolibries, we zien er direct tientallen: mountain gem, volcano hummingbird en enkele andere.

Na een half uurtje kunnen we op de kamer. We hebben nummer 23 en hier is dat de suite, een heel groot bed, regendouche en jacuzzi. We hebben ook het mooiste zicht op de lodge en op de heuvels errond. De Rio Savegre loopt hier vlak door het domein en komt uit in een vijver waar ze forellen kweken. Prachtig. Op ons balkon eten we onze sandwiches kaas op en we zien in de verte twee long-tailed silky flycatchers, een hele mooie vogel met gele kop en grijze vleugels en staart. Hij zit helemaal in de top van een oude boom. Op het domein huppelen gray-colored robins rond, samen met een paar koppels rufous-collared sparrows. We smeren ons in met muggenmelk en doen een hike om vanalles te zien en vooral de quetzal: sendero candelita.

We lopen hoog in de bergen en horen steeds de rivier beneden ons. Veel zien we niet qua vogels, maar wel schitterende bomen en een enkele collared redstart, een paar koppeltjes warblers, denken we, maar we genieten vooral van de wandeling op zich. Het pad slingert zich eerst ongeveer twee kilometer naar boven en komt vlakbij een waterval terug beneden bij de Rio Savegre. Zo komen we terug tot bij onze kamer en genieten wat van het zicht en van enkele pintjes.

Het weer is omgeslagen, want er staat veel wind en het regent opnieuw. Het was de hele dag tot +/- 15:00 over geweest, dat was tof, in de bergen wel veel mist, maar nu wordt het weer wat slechter. We rusten wat uit, douchen ons en gaan tegen 18:00 naar de bar en het restaurant. We drinken een paar Imperial, krijgen nootjes en popcorn en om 19:00 kunnen we eten: een lasagne van spinazie met trout, zalmforel die ook wat naar zalm smaakt met pasta en groentjes. Eerst nemen we een slaatje en we laten het ons goed smaken. Tegen 20:30 gaan we naar de kamer en een half uurtje later gaan we slapen. Trogon Lodge is cool, als we nu enkel morgenvroeg nog een quetzal te zien krijgen is het perfect.


Woensdag 26 november 2008: Trogon Lodge in San Gerardo de Dota

Om 05:30 gaat de wekker af. Om quetzals te spotten moet je er vroeg bij zijn. Eerst een koffie op het balkon van het restaurant en om 06:30 kunnen we weg. De gids (Isaac) en wij twee zijn de enigen die meegaan. Het regent iets minder hard dan voorheen. De gids wil quetzals spotten, foto’s nemen en direct terugkeren omdat het weer zo slecht is. Dus wijle weg. Hij sleurt een statief mee met telescoop en wij enkel verrekijker en camera’s. Hij vertelt dat we vooral moeten kijken naar de ‘little avocado tree’, want daarin zitten de quetzals het vaakst. We lopen gewoon op de weg en hij stopt één keer, maar ziet niks. Gisteren had hij ook al geen geluk. Dan ziet hij drie mensen op een steile helling en een grote boom, daarin zitten vier vrouwtjes. We kunnen die heel goed zien door de telescoop die hij bij zich heeft. We klimmen ook een heel eind de heuvel op en genieten van het prachtige zicht. Foto’s nemen is moeilijk, maar we proberen het, tot ineens een vrouwtje uit de boom komt gevlogen, vlak boven ons en gaat ongeveer 25 meter van ons zitten in een oude versleten boom en hier hebben we zelfs zonder telescoop een schitterend zicht. En dan komt de apotheose.

Ineens komt uit die grote ‘little avocado tree’ een mannetjesquetzal. Hij vliegt op en neer zo’n tien meter van ons; je ziet het rood en groen heel goed: een spectaculair zicht. We bewonderen hem in de vlucht enkele seconden tot hij in het groene regenwoud verdwijnt. YES, vier vrouwtjes en één mannetje. TOP. Dankzij de Mawamba Group (Tortuguero en San Gerarde de Dota) hebben we én tortuguito’s én quetzals gezien. We blijven verderop nog even kijken, maar zien er geen meer, dus we dalen af en keren terug naar de weg. Iets verderop houden we terug halt om nog een poging te wagen, maar zonder succes. Wel zien we daar een long-tailed silky flycatcher: een koppeltje. Ze zitten in een boom vlak naast de weg en hebben helemaal geen schrik. Dit is de gids zijn favoriete vogel. We keren terug naar de lodge en gaan ontbijten. Na het ontbijt zitten we nog een half uurtje op het terras en kijken kolibries. Op sommige momenten vliegen ze hier wel twintig rond.

We rusten dan even uit op de kamer en genieten van het prachtige uitzicht vanuit onze suite. Vlak voor het raam staat een struik met lila bloemen en die wordt frequent bezocht door twee of drie kolibries. We hebben het naar onze zin hier. Wederom spijtig van de regen, maar met de spotting van deze ochtend deert het ons niet. Het gaskacheltje op de kamer komt goed van pas om onze kleren terug droog te krijgen en ook onze schoenen. We rusten nog wat en gaan dan vlak voor de lunch nog een eindje naar beneden, zien niks speciaals meer en wandelen terug naar het restaurant. Lunch is slaatje, vlees met rijst en broccoli en bloemkool. Eef neemt nog een vlammeke als dessert. Dan even naar de kamer en we beginnen aan nog een hike.

We zijn nog net aan het overdenken of we muggenmelk mee moeten hebben en ineens ziet Timo op het domein van de lodge een blauw-groen-rode schicht voorbij vliegen. Ne male, schattie, daar ne male. Hij rent weg naar een little avocado tree en ziet daar een pracht examplaar van een mannelijke quetzal. Eef vindt hem even niet, maar kan die dan wel bespeuren tussen de bladeren. Timo maar snokken en de quetzal is weg. Weg naar een andere boom vlakbij, waar hij nog beter in het zicht zit. Timo blijft foto’s maken, drie Costaricanen komen uit de kamer kijken en stoppen even met poetsen. Wij vinden het schitterend en dan vliegt hij nog eens op, maar is nog steeds niet weg, nog een korte pauze, maar dan zien we hem de laatste keer in de vlucht over de lodge en weg is hij. We zijn zo vol van het hele gebeuren dat we effe internetten en het laten weten aan het thuisfront.

We kopen ons twee Bavaria’s – Imperial is op en vertrekken naar de jacuzzi. We zijn toch twintig minuten bezig geweest met die ene quetzal. Rustig genieten in de grote jacuzzi met een pintje. Tegen 18:00 maken we ons klaar voor aperitief  en dinner: 2 Imperial en één quetzalcocktail, ah ja natuurlijk. Dinner is maisroomsoep, aangebakken kip met preipuree en nu enkel nog water en een papayafruitsapje. We rekenen al af zodat we morgen snel wegkunnen en we schrijven kaartjes en het dagboek. Tegen ongeveer negen uur gaan we slapen, morgen vroeg op voor de lange rit naar Golfito.

 

Donderdag 27 november 2008: Golfito

Heel vroeg, al voor de zonsopkomst (05:00) staan we op. We drinken een kopje koffie en zien achter de wolken dat het dag begint te worden. Er is al veel bedrijvigheid in het woud en ook (en alleen) bij ons op de kamer. Stipt om 05:30 start Timo de Daihatsu Bego en rijden we de kleine weg op naar de Interamericana. Op twintig minuten zijn we daar. We moeten bijna altijd in eerste versnelling rijden, want het is zo steil dat we het anders niet redden. In de mist gaat de weg over de Interamericana naar San Isidro de General. We moeten heel vaak vachtwagens voorbij, want we hebben een strak schema. Soms is het echt moeilijk om ervoorbij te komen, maar Timo doet goed zijn best. Op twee uur staan we voorbij de hoogste bergen, over de Cerro de la Muerte. Vanaf hier gaat de weg nog even op en neer tot in Dominical, ongeveer 35 kilometer. Hier verliezen we enkele minuten door wegenwerken, maar het vlot goed. In Dominical zien we tot drie keer toe een laughing falcon midden op de weg zitten, zelfs de roofvogels hier zijn niet erg schuw. Vanaf Dominical tot Cortes en Palmar Sur is het hele goede weg en vanaf dan ook heel de tijd tot in Golfito.

Om 10:00 zijn we er en vinden snel Samoa del Sur Hotel and Restaurant. We drinken iets en wachten tot 12:45 ons bootje vertrekt naar Golfo Dulce Lodge. We zien onderweg sterns, fregatvogels en bruine pelikanen. Na een korte boottocht van een half uur komen we aan. We krijgen een welkomstdrankje en krijgen bungalow De Toekan. Wederom een grote bungalow met een dubbel en een enkel bed, een propere badkamer en groot terras met hangmat. We maken ons direct klaar voor de lunch, we trekken iets lichter aan want het is hier hier warm en heel vochtig. Maar we hebben vandaag slechts één buitje gehad van ongeveer 20 minuten. We krijgen een slaatje met wat kaas en kalkoen en brood en we drinken veel water. Na de lunch wandelen we even naar het platform. Onderweg door het regenwoud zien we peccari’s, chestnut mendibled toucan en veel soorten bomen. Ze hebben die genummerd en geven een blad mee met alle details op. Op het gammele platform zien we twee ara’s en nog eens drie ara’s overvliegen. Je ziet de kleur en de lange staart heel goed in de vlucht. Op de terugweg zien we nog twee toekans en enkele kleine meesjesachtigen.

We zetten ons even aan het strand en zien een green kingfisher en drie krabben in een poeltje; die krabben hebben blauwe scharen. We kijken over de Golfo Dulce en de zon probeert door de lage wolken te priemen, maar dat lukt niet erg goed. Na onze korte hike drinken we een pintje en water in het restaurant en genieten van het over en weer gefladder van de kolibries en andere vogels. Eef zoekt even op welke soorten vooral. Hier zien we ook weer een hele grote groene spin. Die hebben we nu al drie keer gezien en de vorige reis nooit. We schrijven het dagboek op ons terras met kaarsen van de lodge en twee Imperial. Het is hier goed zitten. In de tuin lopen drie guans (vermoeden we, later blijken dit great curassows te zijn) en kleine hagedisjes lopen over ons terras. “Ik heb het”, zegt Eef, “scarlet rumped tanagers”.

We genieten nog van de rust, want dat is het hier zeker wel, heel rustig. Het is een privé-domein met een acht cabins en veel bomen, beestjes, echt het begin van het echte regenwoud. Het is wel helemaal iets anders dan we voorheen gezien hebben. De sfeer is anders want we zijn aan de kust. Wat hier zeker opvalt zijn de duizenden leafcutter ants die hier overal diepe wegen hebben uitgelopen en uitgesleten in het woud. Het avondeten is eerst sla, dan pasta met vlees, saus en bloemkool en broccoli. We drinken fruitsap van papaya en ananas. Als dessert is er een bolletje ijs met verse ananas. Het smaakt ons, maar we zijn heel moe.

Tegen 20:15 gaan we naar ons huisje, doen de kaarsjes branden en we slapen tegen 21:00. Tenminste dat proberen we, want het regent weer heel hard en enkele wilde dieren hebben ons dak als speelplaats gekozen. Door de muggennetten bovenaan de kamer zien we glimwormen of vuurvliegjes of iets dergelijks. Na een uur vatten we toch slaap ondanks de muffe geur van de lakens en de hoofdkussens. Dat is het grootste nadeel van regenwoud en zo veel regen. Je krijgt niks meer droog en voor de lodges is het ook een ramp, want op de gordijnen staat al schimmel. Dat gaat zo als je weken enkel regen krijgt en de zon niet opdaagt om iets de drogen.


Vrijdag 28 november 2008: Golfo Dulce Lodge

Timo is weer eerst op om 05:30. Hij observeert wat er in de tuin passeert: een familie van 6 peccari’s, 2 toekans, enkele overvliegende ara’s, 1 neusbeer, 1 curassow, enkele kolibries en enkele koppels tanagers. Eef is ook op om 06:30 en we kijken samen naar de vogels en de tuin. Om 07:30 ontbijt en de eigenares laat ons weten dat de snorkeluitstap niet doorgaat, omdat het iets verderop aan het regenen is. Hier is het bewolkt maar voorlopig geen regen. Hier voor de kust kunnen we volgens haar ook snorkelen. Een 30 meter links van het pad dat aan de zee uitkomt, daar moeten we zijn. Wij dus direct op stap.

Een local heeft net een needlefish van meer dan een meter gevangen, Timo probeert wat er te zien is: niks, noppes. Het is maar één meter diep en hij ziet enkel stenen, een paar kleine visjes, rare pluimachtige blauwe dinges, wel speciaal maar niet speciaal genoeg om Eef ook in het water te laten komen. We zetten ons even op het bankje met zicht op de Golfo Dulce. Dan verhuizen we naar ons terras en kijken daar verder wat er in de tuin te zien is: tanagers, duiven, af en toe horen we ara’s en parrots lawaai maken, maar we zien er geen. Eef kaart een beetje en Timo gaat nog eens naar het platform. Onderweg ziet hij een eekhoorn en Baird’s trogon. Cool. Het padje is veel modderiger dan gisteren. Op het platform is het lekker fris: er staat een licht briesje en dat zorgt voor wat verkoeling. Top.

De zon probeert door de wolken te komen, maar dat lukt niet, want tegen lunchtijd is het weer aan het regenen. Rijst met tonijn: lekker. We rusten wat in de hangmat, want om 15:00 kunnen we misschien een begeleide hike doen, niet dus. We hebben hier eigenlijk geen enkele toer kunnen doen door het slechte weer. En dat is niet de eerste keer deze vakantie: geen Rio Esquinas, geen snorkelexcursie. Het is wel een bangelijke locatie en omgeving, maar iets te nat voor ons, want we hebben al twee weken regen. We zien in een hoge boom duidelijk twee grote ara’s. Een Duits koppel heeft die goed op film in de vlucht. We geven e-mail zodat ze die ons kunnen doorsturen. Bij hen achter de cabin zitten agouti’s, een soort haas, wel leuke beestjes. Er lopen ook drie great curassows rond, grote beesten precies fazanten.

Dan maken we de rugzakken: één stinkende en één met propere iets vochtige kleren. Alles OK en dan zien we nog een klein hertje bij ons aan de cabin, een red brocket deer. Snel verslag afmaken en aan de bar iets drinken. Twee cuba libre en twee gin-tonic en het smaakt heel erg. Voor het avondeten krijgen we eerst aubergine met tomaat en dan needlefish, die de man ving deze ochtend. We babbelen wat met het Duitse koppel over Griekenland. Zij zijn ook verliefd op de Griekse eilanden. Als nagerecht krijgen we yoghurt met warme bakbananen, Eef ziet dit niet zitten, dus Timo eet ze alletwee op: lekker.

De Duisters en dan Fransen gaan nog op zoek naar een red eyed tree frog, maar wij gaan slapen. Kaarsjes branden en dan pitten. Het ruikt in de cabin nog steeds naar vocht, maar nu trekken we het ons minder aan. Tegen 21:30 pitten en deze nacht slapen als roosjes.

 

Zaterdag 29 november 2008: Verplaatsing naar Dominical

wakker door beestjes op het dak om 05:30, we zitten wat op ons terras, vogels kijken. Om 07:30 kunnen we ontbijten, nemen afscheid van Esther, de Zwitserse eigenares en van het Duitse koppel. Het is weer heel de morgen aan het regenen, maar voor onze transfer wordt het droog, hopelijk een voorbode van drogere tijden. Vanuit Golfito zien we pelikanen en de fregatvogels duiken naar vis. De weg Golfito naar Dominical is goed en in het heengaan deden we die in twee uur. Nu ook en we houden ons aan de snelheidslimiet. Er is één keer een snelheidscontrole en we worden niet geflitst. Voor de rest is het 80, 60 of 40 en 25 ‘con escolares presentes’.

We laten de grote dikke grijze wolken achter ons en zien in de verte af en toe blauwe lucht. Wanneer we in Domincal aankomen schijnt de zon, YES en we drinken twee Imperiallekes. Onze kamer is tegen 12:00 klaar. We hadden net gevraagd om te duiken, maar dat lukt niet, tenzij we voor vier betalen, 480 USD. Dat doen we nog niet. Een douche doet goed, de zon schijnt en het is hier droog. We pakken uit en rijden één kilometer naar het dorp. Daar kopen we flip-flops voor Timo en we eten twee hamburguesa. Hier is een duikshop: CostaRicaDiveandSurf en die heeft misschien genoeg volk om naar Caño Island te gaan morgen. We zien wel straks tegen 17:00 moeten we nog eens langskomen of bellen. We wandelen even langs het strand tot de monding van de rivier en keren dan terug naar de auto.

Op de weg naar het hotel zien we een grote kingfisher, great egret en white ibis. Het is hier bangelijk. We drinken een paar pintjes op ons terras uit de supermarkt en rusten wat uit. Het is ondertussen al iets over vier en we doen een korte siesta. We wandelen even op het pad langs de rivier en zien de reigers in groep naaar hun slaapplaatsen terugkeren. We doen ongeveer een kilometer heen en dus ook een kilometer terug. Nog vijf minuten door het hoteldomein en dan begint het opnieuw te regenen. Vandaag hebben we tenminste al zon gezien en dus is onze dag geslaagd.

Zo rond 17:00 proberen we te bellen naar de dive, maar de GSM van Adobe geeft aan ‘sin servicio’. Dus we nemen de auto in het donker en de regen over het botterwegje langs de rivier, onder de brug door en naar de dive-shop. Michael, de instructeur vraagt een deposit en Eef geeft hem 100 USD. Hij zal ons morgen meenemen voor twee local dives, dus geen Caño Island. Misschien lukt dat dan vanuit Quepos, maar morgen duiken we tenminste al. YES, total coolness. We rijden terug naar het hotel, want het is te nat om hier te blijven. Het dorp was bij klaarlichte dag wel tof: een grote weg, zand, stenen en modder, één of twee zijwegen die de hoofdstraat met de beach road verbinden, alias botterweg. Het heeft iets Midden-Amerikaans en is echt tof. Hier een fruitwinkel, daar een restaurantje en ook een mini-supermercado. Het doet ons denken aan Tamarindo. Ook wel wat op de toerist gericht, maar niet extreem.

In het weekend zit het strand vol Costaricanen met de picnic en de frigobox vol bier en de auto aan het strand met de muziek heel luid en het is altijd fiesta. Zo rond de zevenen willen we iets gaan eten in het hotel. Er is enkel buffet, maar het smaakt wel. De keuken is internationaal, dus geen gallo pinto vandaag. We eten pasta met rundsvlees en Eef vlees, warme groetjes en frietjes, alles lekker samen met Imperial. Na het avond eten begint het voor de verandering te gieten en we stappen nu gewoon allebei door de plassen en stromen in de tuin, want we hebben flip-flops. Gewoon benen afdrogen en alles is OK. Kaarsjes branden er al 13 en twee halen het einde niet. We slapen tegen 21:00.


Zondag 30 november 2008: Dominical

We hebben heel goed geslapen, zonder wakker te worden in één keer tot 06:00. Het heeft, denken we, een hele nacht geregend, want alles staat onder en het is nog steeds aan het regenen. We ontbijten lang, want er zal voor de rest toch niks meer te doen zijn. Na het ontbijt tegen 09:00 rijdt Timo naar de dive-shop, maar die is nog niet open. Later nog eens terugkomen. Duiken zal er niet inzitten vandaag. Timo reed in het heengaan door twee grote plassen door de overstroming van de rivier en in het terugkomen uit het dorp is er nog maar een kleine stukje weg te zien in het midden van 1 vierkante meter.

We gaan vijf minuten later nog eens kijken en de weg is volledig overstroomd. Het kleine brugje is maar louche, dat houdt het misschien niet uit. Alle dieren zijn het noorden kwijt. Een grote ringed kingfisher vliegt van een boom naar een lantaarnpaal en omgekeerd, maar zoekt dan toch betere oorden op. De zwaluwen cirkelen laag over de grond en wij kijken naar de kolkende watermassa die volledige bomen meesleurt. Gelukkig wordt het dan eb en de waterstand zakt ongeveer een hele meter. We kunnen nu door om nog eens te gaan kijken bij de dive-shop om onze 100 dollar terug te krijgen. Michael is er niet, dus deze namiddag nog eens terug. We rijden even naar het strand en wandelen even onder de bescherming van de paraplu. Nog steeds komen er met de stroom hele bomen stroomafwaarts.

Reigers en pelikanen hebben beschutting gezocht onder de bomen en de zwaluwen vliegen in grote groepen over het stukje land dat de zee heeft blootgelegd. Onze opties worden serieus beperkt, dus we rijden terug naar het hotel, daar zitten we tenminste droog. Maar dat wordt stilaan ook een beetje saai. We drinken aan de bar van het hotel bij een Nederlands meisje (Marjolien) dat hier werkt twee mojito. Na een tijdje willen we nog wat ondernemen en wandelen op het strand deze keer zonder paraplu, want het is gestopt met regenen. We gaan eens naar de andere kant en er komen enkele riviertjes uit in de zee. Het water daarvan is koud. We wandelen een uurtje en dan krijgen we honger. We zetten ons bij Arena y Sol nadat we een half uur iets anders gezocht hadden.

Eerst richting Uvita, niks, dan in het dorp zelf: twee andere restaurants waren met Engelse voetbal op TV, dus Arena y Sol. We drinken vier Imperial en nemen één ensalata mixta en twee ceviche grande. Dit is vis in het zuur opgelegd met wat paprika’s en ajuin, lekker maar heel grande. Later blijkt dat dit niet in het zuur was opgelegd, maar rauwe vis. We rekenen af en het hele feestje hier kost ons slechts 12.000 Colonnes, zo’n 24 Dollar. We rijden terug naar het hotel, want dit is lunch en avondeten tegelijk. Het is al aan het schemeren. Wij dus op ons terras, alle was hangt nog steeds uitgespreid over de hangmat te drogen. De ventilator draait op volle toeren in de hoop dat we alles toch een beetje droog krijgen. Morgen zal blijken van niet. We gaan snel in ons bed en slapen tegen 20:30.


Maandag 1 december 2008: Verplaatsing naar Quepos en zon?

We zijn wakker om 06:30, we maken direct de rugzakken klaar. We zijn er al goed in geworden en op minder dan een uur zijn de twee grote rugzakken ingeladen en ook de handbagage. Dan op naar het ontbijt; het is als meestal buffet en nu dus ook. Koffie, bokes, ei, spek en we eten goed. We nemen nog wat foto’s in de tuin van de tanagers en van een eekhoorn en dan zijn we na het uitchecken op weg voor 43 kilometer botteren naar Quepos. Vlak bij het begin van de weg is de toestand heel slecht met diepe putten, maar desondanks komen er wel trucks met oplegger door. Eerst even tanken en dan vatten we de weg aan. Het is een slechte maar wel heel mooie baan over riviertjes met slechte bruggen. Eef ziet het niet steeds even goed zitten met die slechte bruggen. Er is veel woud, ook palmplantages en we zien best wel veel soorten vogel zo gewoon langs de weg: smooth-billed ani, koereigers, fork-tailed flycatcher, turkey vulture en Eef ziet een slate-colored grossbeak.

Het gaat vlotjes, want de weg is wel 20 meter breed en overal vind je wel ergens een plek om goed door te rijden. Op minder dan twee uur zijn we in Quepos, een bezige stad met eigenlijk niet zoveel straten, maar wel een drukte. We zoeken eerst MAD (Manuel Antonio Divers) om de duiken te regelen. Steeds hetzelfde verhaal: met dit weer kunnen we niks beloven, dus morgen bellen en zien. De andere is net hetzelfde: Oceans Unlimited. Caño Island is sowieso te vroeg en te weinig volk. We volgen de weg naar Manuel Antonio  National park en op die weg moeten we ons hotel Karahe vinden. Na een kwartiertje lukt dat, we checken direct in en krijgen kamer 206. Het is nu nog maar 10 uur in de ochtend. We pakken alles uit en proberen onze natte kleren te drogen. Met de zon, jaja al sinds deze morgen, moet dat wel lukken. We pakken alles samen en gaan naar het strand. Het playa Manuel Antonio is bangelijk, een grote baai ingesloten door twee schiereilanden en vlak voor ons ligt één groot eiland en enkele kleinere eilandjes.

We zwemmen in de Pacific en er zijn hele grote golven die op de kust neerdreunen, heel tof om erin te springen. We laden in de zon op het strand onze batterijen op. Na een uurtje of zo hebben we wat honger en we eten in het restaurant: hamburguesa Karahe en tortilas vegetales. We nemen het ervan en drinken cuba libre en strawberry margarita. Dan keren we naar de kamer, halen geld en doen inkopen voor de familie: straffe tabasco, donkere rum en koffie: allemaal typische zaken van Costa Rica. Wanneer we terugkeren begint het – constante deze reis – te regenen. Het duik morgen zal in het water vallen. We hebben toch tot 15:00 zon gehad, da’s lang voor de normen deze 17 dagen. Eef kijkt naar de vogels en de eekhoorns in de tuin. De leguanen en hagedissen van deze morgen zijn gaan schuilen voor de regen.

Timo valt een half uurtje in slaap. Net voordat de zon ondergaat gaan we terug naar het restaurant aan de zee. We drinken margarita en gin tonic. Ineens zien we in de palmen vlak voor het restaurant iets bewegen: een twee-vingerige luiaard. Een drie meter boven de grond. Hij is tamelijk actief nu en we zien hem of haar van de ene boom kalmpjes naar de andere klimmen. Dan vindt hij weliswaar moeilijk de weg naar een hogere boom. Hij kan net met de nagels van de ene poot een blad nemen, dan de tak naar zich toetrekken, blad in de mond en dan klimt hij traag maar zeker naar boven. Tien meter verderop zijn twee apen zich aan het amuseren met kokosnoten naar beneden te gooien; soms maken ze wat ruzie en dan staat het hele strand in rep en roer. We weten nog niet of we nog iets gaan eten. Het is gestopt met stil regenen, het is opnieuw aan het gieten.

We drinken een vodka-orange en een cuba libre en we delen nog een spaghetti bolognese. We laten alles op de kamer zetten en we gaan daarna naar onze kamer. Alles is nat en van boven komt weer aan klein riviertje naar beneden. Met onze flip-flops is dat geen probleem. Onder bescherming van de paraplu’s komen we droog aan. We blijven nog even een kwartiertje op ons terras en dan laten we de kaarsjes branden, het voorlaatste al en tegen 21:00 gaan we slapen.


Dinsdag 2 december 2008: Manuel Antonio

Het heeft deze nacht weer goed geregend. Eerst toch eens bellen naar Michel van MAD, maar hij is er nog niet. Dus eerst ontbijten en dan eens gaan kijken. Het buffet is weer ongeveer vergelijkbaar met de andere hotels en lodges: ei, gallo pinto (letterlijk: geverfde haan), brood, confituur en fruit met koffie erbij. We gaan naar de kamer en willen nog eens bellen naar MAD, geen telefoon, geen elektriciteit, niks, ook niet aan de receptie. Timo neemt de auto en rijdt naar het centrum. Nu is er ongeveer 1.7 meter zicht denken ze, maar ze starten een cursus navigatie en we moeten deze middag nog eens bellen om te zien hoeveel zicht er was.

Ons backup-plan is Manuel Antonio National park. We parkeren de auto op ongeveer 1.5 kilometer van het hotel (we worden lui) voor 2000 Colonnes. We nemen een gids, Marvin voor 25.000 Colonnes en die zal ons begeleiden door het park samen met twee Amerikanen uit Santa Barbara, California. Bij de kiosk waar ze de tours verkopen staat een telescoop gericht op een luiaard met een kleintje, een schattig zicht. We vertrekken tegen 09:45 op de tour. Voor de ingang van het park zien we al een parakeet en een leguaan. Marvin sleurt vanaf hier een eigen telescoop heel het park door. We betalen nog eens 11.000 Colonnes inkom, dit wordt een duur dagje, maar we hebben al veel geld uitgespaard door niet te duiken, dus het kan ons niet schelen nu. We zien een luiaard en nog een en nog een, wel zeven in totaal en beide soorten: de two-toed and three toed sloth. Marvin stelt ook de telescoop eens in op tropische krabben, die hier beneden tussen de boomwortels en op stukken fruit rondkruipen, mooi oranje en rood. Een sprinkhaan door de telescoop is ook een mooi zicht: glinsterend groen lichaam en rode poten. Knap. Dan heeft hij ineens ingezoomd op een brulaap en hij verontschuldigt zich want hij krijgt enkel de twee ballen van de aap in het vizier, wel grote voor zo’n klein beestje. Veel andere brulapen zitten hier en white faced capuchin monkeys.

We wandelen de hele tijd op een breed pad en af en toe stopt hij eens en laat ons vanalles zien: blue heron, boat-billed herons, common potoo en een witte roofvogel, een soort kite. We belanden op de playa dos en tres van Manuel Antonio. Dit is een van de mooiste stranden van Costa Rica, als we straks niet kunnen duiken, proberen we hier te snorkelen. Hoog in een palmboom hangt een nest termieten. Er groeien ook enkele speciale bomen in het park: de guave en een gifitge soort met appels: niet eten dus. We wandelen naar de uitgang, springen over stenen over de rivier en wandelen terug naar de auto. We nemen direct de auto terug naar het hotel en nemen alle spullen mee om hopelijk onze laatste kans om te duiken.

In het hotel ligt alles nog plat, dus we moeten terug naar Quepos zelf met de auto naar MAD. Laatste hoop was ook ijdel, zicht is 1.5 meter, dus geen duik. Tegen beter weten in proberen we te snorkelen in Manuel Antonio. We racen omhoog en omlaag van Quepos naar Manuel Antonio en we parkeren op dezelfde plaats als ervoor en we racen over het strand naar de uitgang van het park. We gaan langs hier naar binnen en racen verder naar playa dos. Dat moet het beste zijn.

Timo probeert te snorkelen, maat ziet slechts 30 tot 40 centimeter. Even verzetten naar links waar er minder golven zijn, maar ook daar is het een ramp. De laatste keer was Eef ook meegegaan. Geen geluk met duiken, maar ook niet met snorkelen. KLOTE. Dan maar terug naar het hotel, want de lucht begint donker te worden en we weten wat dat betekent. We krijgen al de eerste druppel op ons dak bij de terugweg. Als laatste groet komen er ongeveer 10 squirrel monkeys over een blauwe koord over straat. Da’s wél een graaf zicht. We douchen ons bij kaarslicht niet uit romantiek maar uit noodzaak, want alles ligt nog steeds plat. Tegen 16:45 wandelen we naar het strand en zien onze eerste en enige zonsondergang deze vakantie, heel mooi en heel verrassend.

Dan avondeten: vodka orange, gin tonic. We nemen bij het hoofdgerecht een lekker flesje Chileense rode wijn (Merlot) en we eten 9 shrimps con ajo (Timo) en penne primavere (Eef). Het is allebei lekker, we laten elkaar regelmatig eens proeven. We zien vleermuizen rondfladderen hier voor onze neus vlak aan het strand. We drinken rustig ons flesje wijn uit en we gaan bij het licht van de allerlaatste kaarsjes slapen rond 20:30. Het is goed geweest en we zijn de regen een beetje beu. Want raad eens, yep, het regent weer. Tijdens het eten was het begonnen, was even gestopt zodat we droog naar de kamer konden en eens we op ons terras zaten was het stilletjes gestart. Volgend verlof moet droog zijn.

Woensdag 3 en donderdag 4 december 2008: Naar San José en via Madrid naar Brussel

Opstaan is hetzelfde ritueel als steeds: Timo is eerst wakker en zet zich op het terras, kijkt naar de tuin van het hotel om nog wat vogels te spotten. Twee kolibries vliegen af en aan om nektar te verzamelen, een stuk of zes flycatchers zoeken insekten, een eekhoorn haalt halsbrekende toeren uit op de kleinste takken van de bomen. Een specht komt kijken of er iets te eten valt in de verrotte stam van een hoge boom en regelmatig vliegen parakeets in groep over: de grootste wel met 70 stuks. Om 07:00 is Eef ook op en gaan we ontbijten. Brood, kaas, tomaat, confituur en koffie; de Costaricaanse koffie is heel lekker en we hebben wat mee voor thuis, samen met wat pikante saus en bruine rum.

Na het ontbijt beginnen we alles in te pakken, de laatste keer. Alles in de handbagage en in de laptoptas, de rest stinkende kleren in de twee rugzakken. Tegen negen uur zijn we klaar. We betalen de laatste kosten in het hotel en checken uit. Nu zijn we op weg naar San José. We nemen de weg via Parrita naar Jaco. Iets voorbij Jaco bij een brug over de Rio Grande de Tarcoles liggen wel 20 krokodillen te rusten in de zon. Het is warm, goed weer, maar eens in de bergen via Mateo en Atenas begint het snel donkerder te worden.

We doen de tank van de Bego vol in Atenas en vinden dan tamelijk snel de weg naar San José en Adobe rent-a-car. We hebben honger en daarom eten we eerst iets in een typisch restaurantje: taco met beef en pollo con queso. Lekker. We regelen de laatste zaken met de auto. Alles goed verlopen. Joepie. Één van de medewerkers voert ons naar de luchthaven om 13:15. We kunnen nog niet inchecken, dus wachten een uurtje. Bij Canada Air checken we in voor onze Iberia-vluchten en gaan de paspoortcontrole door en daaarna de check van de handbagage. Alles vlot en nu zitten we hier nog een uurtje of drie.

Met Dollars kopen we sigaretten voor Roel en Linda, met de laatste colonnes kopen we twee Imperial en 1 hamburger. Timo schrijft het verslag en dan is het wachten tot we kunnen boarden. We kunnen opstappen met een uur vertraging en daarna moeten ze dan iedereen zijn handbagage openen tot ergernis van velen, want iedereen had al veel te lang staan wachten. Uiteindelijk met 1 uur en 15 minuten vertraging zijn we weg. Eens de lichtjes ‘fasten seatbelt’ uit zijn is Eef weg naar de laatste rij, daar heeft ze drie stoelen en Timo heeft er dan twee. Twee uur in de lucht krijgen we een klein slaatje met kip en aardappelpuree en we drinken goed.

Dan doen ze gelukkig de lichten uit en kunnen we slapen. Omdat we zo goed zitten, slapen we ongeveer vijf uur, allebei. Timo had zelfs niet gemerkt dat ze het onbijt gebracht hadden. Hij drinkt enkel snel een fruitsapje. We beginnen te dalen en landen om 11:30 in Madrid. Hier moeten we nu nog wat wachten. Het is nu al 4 december. Er is nog een vroegere vlucht, maar die kunnen we niet nemen, want die is al afgesloten (cerrado). We drinken Ice-T, Sprite, Cola, Fanta schrijven terwijl het dagboek van de laatste twee dagen en wachten tot we kunnen boarden voor Brussel. We rusten wat want we zijn wel moe van het reizen gisteren, deze nacht en nu van het wachten. We kunnen op tijd vertrekken naar Brussel, daar worden we opgewacht door Maurits en Betty. Zij brengen ons veilig naar huis en we zijn blij dat we terug zijn en onze Cartouche terug zien. Hij is ook heel blij ons terug te zien.


Ik heb ook een korte lijst gemaakt van de dieren, die we tijdens onze reis gezien hebben. De lijst bevat de Engelse benaming. Hier volgt de lijst, die zeker niet alles zal oplijsten. Voor sommige soorten, zoeken we immers nog de correcte naam op.


Anhinga

Baird's trogon

Bananaquit

Black vulture

Blue-black grassquit

Blue-gray tanager

Boat billed heron

Boat-billed flycatcher

Broad-winged hawk

Brown jay

Brown pelican

Caracara

Cattle egret

Chestnut mandbled toucan

Clay-colored robin

Collared restart

Common potoo

Fork-tailed flycatcher

Great blue heron

Great curassow

Great egret

Great tailed grackle

Green heron

Green kingfisher

Grey-breasted marting

Laughing falcon

Lineated woodpecker

Little blue heron

Little hermit

Long-tailed siky flycatcher

Magnificent frigatebird

Mangrove swallow

Mealy parrot

Montezuma Oropendula

Neotropical cormorant

Northern jacana

Osprey

Red-capped manakin

Resplendent quetzal

Ringed kingfisher

Roseate spoonbill

Rufous-collared sparrow

Rufous-tailed hummingbird

Sanderling

Scarlet macaw

Short-billed pigeon

Slate-colored grossbeak

Slaty tailed trogon

Smooth billed ani

Snowy egret

Social flycatcher

Sooty capped bush tanager

Sooty robin

Turkeyvulture

Variable seedeater

Violet Sabwering

Volcano hummingbird

Whimbrel

White ibis

White-crowned parrot

Yellow-crowned night-heron